Essent maakt debuut op de aandelenbeurs, in Duitsland

Beursgang

De grootste Europese beursgang van de laatste vijf jaar vond vrijdag in Duitsland plaats. Het Nederlandse Essent was erbij.

De Amerscentrale van Essent. Foto ANP

Wat de Nederlandse bedrijven al jaren geleden deden, doen ze nu in Duitsland: opsplitsen. Vrijdag splitste het Duitse energieconcern RWE zich op. In het moederbedrijf blijven de nucleaire en fossiele activiteiten achter, evenals de divisie die handelt in stroom. Maar veruit het grootste gedeelte van RWE – de ‘groene’ energiedivisie – ging onder de naam Innogy naar de beurs.

Het debuut in Frankfurt had ook een Nederlands tintje. Het grootste energiebedrijf van Nederland, Essent, (2,5 miljoen klanten, 4 miljard euro omzet), is een van de belangrijkste bedrijfsonderdelen van Innogy.

De slotkoers van Innogy op de eerste handelsdag was 36 euro, gelijk aan de prijs waartegen de eerste beleggers hun aandelen bij het begeleidende bankensyndicaat konden kopen.

Daarmee is het concern 20 miljard euro waard, bijna het dubbele van de Duitse beursgenoteerde branchegenoot EON. Het achterblijvende RWE is 8 miljard euro waard. EON splitste vorige maand zijn conventionele energiedivisie eveneens af (onder de naam Uniper). Tegelijk met de beursgang werden nieuwe aandelen uitgegeven.

Essent werd in 2009 door provincies en gemeentes voor 8,4 miljard euro aan RWE verkocht. De kerncentrale van Borssele bleef na interventie van de rechter destijds buiten de transactie.

De landelijke politiek had in 2009 veel kritiek op de verkoop van Essent aan RWE, op dat moment een van de meest vervuilende energieconcerns. Maar het eigendom van Essent lag bij lokale overheden. Zij besloten tot verkoop.