Zwart Amsterdam in hagelwit museum

Zwart/wit

In het Amsterdam Museum is nu Zwart Amsterdam te zien, een tentoonstelling rond zwarte Amsterdamse rolmodellen. Het wil een nieuwe richting inslaan.

Als ze de twee zalen heeft laten zien die ze aan het inrichten is rond zwarte Amsterdamse rolmodellen, zegt Imara Limon dat de tentoonstelling zelf – de eerste tentoonstelling die de jonge gastcurator heeft gemaakt – niet eens het belangrijkst is. Belangrijker, zegt ze, is het proces waaruit Zwart Amsterdam in het Amsterdam Museum tot stand is gekomen. Belangrijker is de belofte voor de toekomst die Limon verwacht te horen van directeur Judikje Kiers, bij de opening deze vrijdag: dat het Amsterdam Museum voortaan streeft naar „inclusiviteit”. Het museum van de schuttersstukken, van de anatomische lessen, van de weesmeisjes van Nicolaas van der Waay, van de buste van Wibaut, van het café van Bet van Beeren – dit hagelwitte museum zal voortaan actief op zoek gaan naar verhalen en perspectieven bij kleuriger bevolkingsgroepen. „Dat is belangrijker dan wat er op zaal te zien is.”

Daar staat naast de ingang de kopro beki, een bekken gevuld met cadeaus voor feestelijke gelegenheden. Verderop staat het model van een vrouwenhoofd met een sierlijk gevouwen hoofddoek, een anisa, de doek die vrouwen als slavin moesten dragen om hun haren te bedekken. Limon: „De kleuren van de doek en de manier waarop die gevouwen werd, vormden een taal op zichzelf. Deze anisa zegt: laat ze maar praten.”

Er ligt ook een Derbystar-voetbal. Die maakt direct duidelijk dat we hier niet in een Wunderkammer van artefacten terecht zijn gekomen, maar dat er een ander principe achter Zwart Amsterdam schuilgaat, het principe van representatie. Limon heeft Amsterdammers gevraagd een zwart rolmodel te nomineren. De voetbal hoort bij coach Milton Kortstam, die jongeren traint die wel willen voetballen maar door allerlei omstandigheden niet bij een club terecht kunnen.

Daarom hangen er portretten van bekende en onbekende mensen op felgekleurde panelen – bewust anders ontworpen dan de huisstijl van het museum. „Om de eerste stap in een nieuwe richting te onderstrepen”, zegt Limon. De tentoonstelling moet op gespannen voet staan met het museum. Op donderdag is er daarom een rondleiding door het hele museum en daarna de uitnodiging aan de bezoekers om te vertellen welk verhaal ze in de collectie missen.

Limon bestudeerde musea die vroeger volkenkundig werden genoemd, maar nu meestal het predikaat wereldculturen krijgen. „Ik kon me eigenlijk al niet meer voorstellen dat musea konden bijdragen aan een gelijkwaardiger maatschappij.”

Daar blijkt ze niet de enige in te zijn. Oudere zwarte Amsterdammers hebben haar in de aanloop naar deze tentoonstelling hoofdschuddend gezegd hoe vaak ze teleurgesteld waren door initiatieven als dit. Veel mensen wilden daarom geen objecten lenen.

De frêle Limon – Nederlandse met Surinaamse wortels – voelt zich verantwoordelijk tegenover die sceptici. „Ze willen het verhaal dat zij te vertellen hebben, alleen laten vertellen door zwarte mensen. Ze willen het niet uitgelegd hebben in een wit instituut als een museum.”

Zwart Amsterdam. T/m 13 november, Amsterdam Museum, Kalverstraat 92