Column

Voor altijd jong

Als je het op een gegeven moment totaal gehad hebt met de volwassen wereld (bangalijsten, belastingaanslagen) is het aanbreken van de Kinderboekenweek een opluchting, zeker als het thema ‘Voor altijd jong’ is. Toen ik de kans kreeg om dinsdagavond naar het Kinderboekenbal te gaan, greep ik die dan ook met beide handen aan, al wist ik niet helemaal wat ik moest verwachten.

Ik ben inmiddels acht keer naar het Boekenbal voor volwassenen geweest en dat is leuk, maar ook heftig. Op de toiletten wordt gesekst en gesnoven en in de wandelgang vieren haat en nijd hoogtij. Mensen zeggen dan dingen tegen je als „Oh daar is M., hij had vorige week twee sterren voor zijn nieuwe boek, ik ga even met hem praten, gna gna.” Dus toen ik aan de arm van een van de beste schrijvers ter wereld op het Kinderboekenbal verscheen, hield ik mijn hart vast. Onnodig, zo bleek, want de helft van de genodigden was onder de twaalf. In zo’n gezelschap ga je niet op de vuist en zet je zeker geen naald.

Wat ook hielp, was dat veel kinderen zich vanwege het thema als een bejaarde hadden uitgedost, met grijze pruiken, wandelstokken en parelkettingen. Het vormde een welkom contrast met de vijftigjarigen op All Stars. Eenmaal binnen werd het pas echt feest: er waren wedstrijdjes rollator racen (ik verzin dit niet), er werden synchroon potjes Halma gespeeld („dat is een game maar dan analoog!” wist een elfjarige mij te vertellen) en de kinderchampagne vloeide rijkelijk. Overal waren plekjes waar mensen verkleed als bijvoorbeeld knotwilg voorlazen en om de paar meter werd je door een als oma verklede stagiaire tegengehouden die je aanbood om een schaal snoep leeg te eten. Tussendoor gaf Kinderen voor Kinderen een flitsend optreden, werd er een Gouden Griffel uitgereikt aan de geweldige Anna Woltz, die daarna een glimlach had zo breed als de A2 en las Dolf Verroen voor uit zijn ontroerende Kinderboekenweekgeschenk. Ik ontmoette de tekenaars die vroeger mijn Okki en Taptoe illustreerden, ging hard op de kinderchampagne, kortom: het was verjongender dan het leegeten van een pot Oil of Olaz.

Na afloop belde ik, stuiterend van de suikers, mijn moeder. „Het was te gek mam!” hikte ik. „Onbeperkt ranja en voorleesbomen en een bed gemaakt van een lapjeskat en ze deelden overal gratis snoep uit!”

„En ik neem aan dat je daar flink gebruik van hebt gemaakt”, zei mijn moeder geamuseerd. „Denk er dan wel aan dat je zo extra goed je tanden poetst.”

Een moeder die zich zorgen maakt om je tanden. Ik voelde me de rest van de avond nog meer kind dan voorheen. Volgend jaar weer. Wiii!

Ellen Deckwitz heeft op deze plek een wisselcolumn met Marcel van Roosmalen.