Recensie

Het eiland in de storm van een humanitaire crisis

Zijn film is niet opdringerig of luidruchtig, maar eerder vreemd verstild. Rosi gebruikt het landschap, de stilte en het licht van het eiland om ruimte voor reflectie te maken. ****

Documentairemaker Gianfranco Rosi is in vrijwel elk opzicht de tegenpool van Michael Moore. Moore probeert met zijn uitgesproken, gekleurde pamfletfilms altijd om direct in te grijpen in grote politieke en maatschappelijke debatten, soms levert dat ook uitstekende films op. Rosi is eveneens een geëngageerd filmmaker, maar hij plaatst zich in zijn films op afstand van het politieke en maatschappelijke gekrakeel. Hij gebruikt de middelen van de filmkunst om iets tegenover of ten minste naast het polemische en ideologische debat te plaatsen. Beide soorten films hebben bestaansrecht.

Als hij Fuocoammare, zijn film over de vluchtelingencrisis op het Italiaanse eiland Lampedusa, al uit verontwaardiging of woede heeft gemaakt, dan is dat een ‘gecontroleerde woede’, liet Rosi weten. Zijn film gaat vooral over observeren en kijken. Het menselijke leed dat hij voor zijn camera aantreft, brengt Rosi mondjesmaat en terughoudend in beeld: vaak alleen met gezichten, maar wel met gelaatsuitdrukkingen die meer dan genoeg zeggen. Tekenend voor zijn aanpak is dat hij de echte gruwelijkheden niet toont, maar alleen laat bespreken – eerst door de plaatselijke arts Pietro Bartolo, die zich al tientallen jaren inzet voor gestrande vluchtelingen, en later door een Afrikaanse slam-dichter die ritmisch verhaalt van de helse tocht die de vluchtelingen achter de rug hebben.

Gescheiden werelden

Fuocoammare (‘Vuur op zee’, vernoemd naar een Napolitaans levenslied) laat niet alleen het lot zien van de aangespoelde vluchtelingen, maar volgt ook de eilandbewoners, vrijwel uitsluitend vissersfamilies, in hun dagelijks bestaan. Het jongetje Samuele is de twaalfjarige zoon van een visser, die met zijn katapult over het eiland trekt en die last heeft van een lui oog.

De werelden van Samuele en zijn familie en die van de vluchtelingen bevinden zich vlak naast elkaar, maar ze raken elkaar niet in de film. De vluchtelingen bevinden zich achter gesloten deuren, nadat ze zijn opgepikt op zee, gefotografeerd en medisch geïnspecteerd – door hulpverleners die zijn afgeschermd met mondkapjes en handschoenen. Vervolgens worden ze vervoerd naar opvangkampen op het vasteland van Italië. Juist dat gescheiden naast elkaar bestaan van twee zo ongelijke werelden – ook op dit eiland van twintig vierkante kilometer, tussen Italië en Noord-Afrika – heeft Rosi in beeld willen brengen.

Hartverscheurende taferelen

Zijn film is niet opdringerig of luidruchtig, maar eerder vreemd verstild. Rosi gebruikt het landschap, de stilte en het licht van het eiland om ruimte voor reflectie te maken. Hij duidt de chaos en hartverscheurende taferelen die daar vlak achter schuilgaan vrijwel uitsluitend impliciet aan.

Ook bij zo’n urgent en actueel thema blijft hij een observerende, afstandelijke, nauwelijks zichtbare filmmaker. Hij filmt de humanitaire crisis als een nieuwe, alledaagse werkelijkheid, waar eigenlijk niemand meer echt van opkijkt. Juist op die manier maakt hij de vluchtelingencrisis zichtbaar. Niet met schokeffecten, maar louter door, op een haast terloopse manier, gebruik te maken van puur filmische middelen.

Lees ook: ‘Ik durfde de 40 lijken in het ruim niet te filmen’ - Interview Gianfranco Rosi