Column

Bent u te min? Dat kan ik bevestigen

Altijd als ze in zo’n talkshow een politicus overvallen met ja/nee-vragen, neemt mijn sympathie voor de ondervraagde enorm toe. Ik weet het, sympathie voor politici is verdacht. Wijlen Armand, zanger van Ben ik te min?, placht zijn politieke analyses te beperken tot twee doorrookte zinnen: „Ze deugen niet, jongen. En ze weten dat ze niet deugen.”

We kunnen nu veilig concluderen dat Armand zijn tijd ver vooruit was. Wij, Nederlanders, achten onszelf bepaald niet te min – zeker niet voor die lui in Den Haag.

Dus niemand protesteert nog als ze een lijsttrekker op televisie aan openbare onredelijkheid onderwerpen. Ik bedoel, elke burger kent periodes dat hij weinig kan kopen. Maar de politicus die zegt dat hij niet weet of hij het eigen risico helemaal kan afschaffen, is verdacht vaag: ja of nee!

De officiële variant op ja/nee-vragen is, zoals bekend, het referendum. Ook erg onredelijk, ook erg populair. Het is vast geen toeval dat burgers in recente referenda wereldwijd tegen zittende regeringen opstaan. Colombianen kozen tegen binnenlandse vrede. Hongaren kwamen met te weinigen op inzake EU-vluchtelingenopvang. Britten verkozen een Brex, uh, it. Wij verwierpen het EU-associatieverdrag met Oekraïne.

De les is dat er blijkbaar een universeel verlangen naar meer inspraak is.

Je kunt zeggen: dan moeten we meer referenda houden. Het gevolg zou zijn dat we meer harde keuzes maken die onredelijkheid stimuleren. Stel je voor dat we per referendum Zwarte Piet afschaffen. Of juist niet. Zelf zou ik, ik meen dit, niet gerust meer zijn op het sociale bombardement dat dan losbarst.

Die Zwarte Piet-discussie laat het dilemma van groeiende inspraak sowieso goed zien: burgers willen allemáál meer te zeggen hebben, dus hebben ze, denken ze, steeds minder te zeggen. Voeg daarbij het narcisme bevorderende effect van sociale media, en we zien het gevolg: de maatschappij als publiek in plaats van als omgeving.

Dus die ja/nee-vragen en referenda: het zijn loten aan dezelfde stam. Je brengt alles terug tot eendimensionale keuzes, en nu meer mensen onredelijk voor andersdenkenden worden, bevorder je zo een maatschappij van meer teleurstellingen – en meer onredelijkheid.

De vaagheid van de middenweg, de redelijkheid van vaagheid: het zijn omstandigheden waar dit klimaat naar hunkert. Maar als politici het brengen, worden ze gekeeld in plaats van geprezen – ja of nee – omdat ze niet voldoen aan onze, ja, onze, verlangens naar onredelijkheid.

De politici zijn niet te min: dat zijn we zelf.