Wordt Gebarentaal binnenkort officieel?

Vier vragen over gebarentaal

Twee Kamerleden willen erkenning van de Nederlandse Gebarentaal. Dan zijn doven „geen tweederangsburgers meer”. Geschreven tekst of ondertiteling is voor het informeren van de dove burger niet altijd een goed alternatief.

Wie nu als dove bij een rechtbank komt, kan aanspraak maken op bijstand van een doventolk. Dat is goed geregeld, „maar er is nog veel onwetendheid”, aldus Eva Westerhoff van Dovenschap, de grootste vereniging van doven in Nederland. „Medewerkers weten vaak niet hoe ze moeten omgaan met iemand die doof is, soms wordt een tolk toch geweigerd.”

Dat komt voort uit onwetendheid over Nederlandse Gebarentaal (NGT), volgens de belangenorganisatie: de wetenschap erkent het als echte taal, maar in de praktijk denken nog veel mensen „aan een soort Hints of pantomime”.

Daaraan moet een einde komen met een wetsvoorstel voor de erkenning van Nederlandse Gebarentaal als officiële taal. Maandag dienden Kamerleden Carla Dik-Faber (ChristenUnie) en Roelof van Laar (PvdA) die initiatiefwet in. In totaal zijn er in Nederland zo’n 30.000 ‘gebarentaligen’, van wie bijna 15.000 Nederlandse Gebarentaal als moedertaal hebben. In verschillende landen, waaronder België, Denemarken en Nieuw-Zeeland, is de lokale gebarentaal al erkend.

1 Wat zou er moeten veranderen volgens de initiatiefwet?

Kortweg moet de erkenning van Nederlandse Gebarentaal ertoe leiden dat die taal voor de overheid niet meer slechts fungeert als ‘vertaaltaal’, waarbij het Nederlands wordt omgezet naar Nederlandse Gebarentaal en andersom, maar ook ingezet wordt als volwaardige taal. Geschreven tekst of ondertiteling is voor het informeren van de dove burger niet altijd een goed alternatief: velen hebben een taalachterstand in het Nederlands, zeker wanneer mensen doof geboren zijn en Nederlandse Gebarentaal dus hun moedertaal is.

2 Wat moet er volgens het wetsvoorstel concreet veranderen?

De overheid zou meer moeten communiceren in Gebarentaal, vinden de initiatiefnemers. In de praktijk stellen Dik-Faber en Van Laar daarom voor om een doventolk in te zetten bij de persconferentie van de minister-president en bij belangrijke debatten. Ook moet er een officieel orgaan komen dat de overheid adviseert over Nederlandse Gebarentaal. Ze willen in feite een vergelijkbare status als die van het Fries, dat sinds 2014 een officiële taal is. Dat heeft opgeleverd dat Friese burgers het Fries kunnen gebruiken in de rechtszaal en bij communicatie met bestuursorganen, zoals gemeenten.

3 Waarom is de erkenning van Nederlandse Gebarentaal belangrijk?

De erkenning heeft een fundamentele betekenis: het is de erkenning van een cultuur. Dan zijn doven „geen tweederangsburgers meer”, zegt Eva Westerhoff van Dovenschap, dat meewerkte aan het wetsvoorstel. „Doven zijn onzichtbaar en lange tijd is het gebruik van gebarentaal onderdrukt.”

De wet zou vooral een juridische stok achter de deur moeten zijn om meer gedaan te krijgen voor Nederlandse Gebarentaal: om verplichte inspanningen voor de taal wettelijk te verankeren. In de onderwijswet zou moeten komen te staan dat Nederlandse Gebarentaal als keuzevak wordt aangeboden op scholen – net als Fries. Westerhoff: „Dove kinderen moeten nu wel examen doen in Frans of Duits, maar het mag niet in hun moedertaal.” Ook het aanbod van gebarentaalcursussen voor dove kinderen en begeleiding voor horende ouders is nu „te klein”, vindt Westerhoff. Daardoor loopt de taalontwikkeling van dove kinderen achterstand op.

4 Heeft het wetsvoorstel kans van slagen?

Naast de partijen van de initiatiefnemers, ChristenUnie en PvdA, is GroenLinks de eerste die het voorstel steunt. VVD moet de wet nog bestuderen en D66, CDA en SP hebben nog vragen. In 2010 agendeerde de ChristenUnie het onderwerp ook al, maar dat raakte toen in het slop door nieuwe verkiezingen. Westerhoff: „De regering heeft destijds beloofd dat er erkenning zou komen, als we Nederlandse Gebarentaal zouden standaardiseren. Dat is nu gelukt.”

De initiatiefnemers hebben een fundamenteel argument: ze beroepen zich op het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap, waarin staat dat deelnemende landen gebarentalen moet erkennen. Het verdrag is eerder dit jaar door Nederland geratificeerd.