Uitvaartverzekering

Deze week werkte ik vanuit mijn ouderlijk huis en werd ik online nogal vaak geconfronteerd met de reclame van een uitvaartverzekeraar. Op de advertorial stond ‘Je bent zwanger, wat leuk!’, gevolgd door de mededeling dat ik dan aan mijn levenseinde moest gaan denken en zo snel mogelijk een uitvaartverzekering moest afsluiten. Terwijl ik daar een beetje over huiverde, riep mijn moeder me. Toen ik de woonkamer in liep, waren mijn ouders zo opgewekt als een kleuter die net een zak likeurpaaseieren achter de kiezen heeft.

„Liefje, ik heb fantastisch nieuws!”, zei mijn moeder stralend, „we hebben net alles voor onze uitvaart geregeld!”

Mijn hart stond even stil. Dit was een bijzonder griezelige samenloop van omstandigheden.

„Jullie gaan toch niet stiekem synchroon euthanasie plegen in Zwitserland? Dat is helemaal nergens voor nodig, jullie doen het nog prima!”, riep ik boos.

„Nee joh”, zei mijn moeder, „maar je weet het natuurlijk nooit, ik kan opeens dood neervallen, en pa is zo onhandig, die zou het nog voor elkaar kunnen krijgen om te verdrinken in het vijvertje (mijn vader knikte driftig), dus we dachten van kom, laten we alles even netjes regelen en in een mapje doen, de papieren voor de crematieverzekering, het testament, de sleutels, welke abonnementen je moet opzeggen en ga zo maar door! Kan je het lekker snel afhandelen!”

Het was morbide en tegelijkertijd attent. Ik ken mensen van wie de ouders niets geregeld bleken te hebben toen ze kwamen te overlijden. Een vriend wist niet eens of zijn moeder begraven of gecremeerd wilde worden. Laat staan dat hij enig idee had welke abonnementen en automatische incasso’s ze allemaal had lopen. Nog anderhalf jaar na haar dood kreeg ze incassobrieven van een of andere louche stichting die knaagdieren helpt. De vader van een andere vriend bleek bij zijn dood een schaduwboekhouding te hebben, en toen alle boetes en aanslagen eindelijk waren betaald, was er van de erfenis weinig over. Ik zou dus dankbaar moeten zijn dat mijn ouders hun verscheiden even grondig voorbereid hadden als de oude Egyptenaren. Maar liever doe ik alsof ze niet dood kunnen, omdat ik het een vreselijke gedachte vind om niet meer iemands kind te zijn. Zo’n uitvaartverzekering is niet alleen een verzekering voor de uitvaart maar ook een garantie voor de dood: zonder de dood zou de uitvaartverzekering immers zonde zijn van de betaalde premie.

„Zo ben je er snel vanaf! Van het praktische dan”, zei mijn moeder, „dan kan je gewoon om ons treuren, zoals het hoort.”

„Wie zijn wij om jouw verdriet in de weg te staan?” zei mijn vader. Mijn moeder knikte. „Kan je weer lekker verder schrijven. En nu heb ik zin in een paf.”

Ellen Deckwitz heeft op deze plek een wisselcolumn met Marcel van Roosmalen.