‘Krijgen we nu de guerrilleros weer terug? Of het leger?’

Reportage Colombia

Voorstanders van vrede reageren verbijsterd. Het land is verdeeld.

Foto’s AP
Bogotá.

Sicara de la Torre stapt de kathedraal uit op de Plaza de Bolivar, een groot plein in de oude wijk La Candelaria en haalt opgelucht adem. „Heeft ‘nee’ echt gewonnen? Wat geweldig, dan kunnen we nu eindelijk werken aan een eerlijke vrede in ons land!”

De Colombiaanse heeft zojuist een kerkdienst bijgewoond in Bogotá en heeft intens gebeden voor een overwinning voor ‘nee’, vertelt ze uitgelaten. „Onze familie is verscheurd door dit conflict, ik heb neven verloren die als militair gevochten hebben tegen de FARC. Ik ben natuurlijk voor vrede, geloof me, maar niet voor een vrede die gebaseerd is op een vals akkoord. De FARC zou vrijuit gaan en dat is onacceptabel.”

Ze kijkt afkeurend naar een groepje jongeren die langs lopen in T-shirts waar ‘Paz si!’ (Vrede, ja) op staat. „Dacht Santos nou werkelijk dat hij ons Colombianen om de tuin kon leiden? Hij moet Uribe nu wel bij de onderhandelingen betrekken, anders komt er nooit een eerlijk akkoord”, zegt ze stellig.

Van de ruim 35 miljoen stemgerechtigde Colombianen trok zondag zo’n 37 procent naar de stembussen om zich uit te spreken over het vredesakkoord dat vorige week gesloten werd door de guerrillabeweging FARC en de Colombiaanse president Santos.

De totaal onverwachte winst voor de tegenstemmers dendert nog hard door in Colombia: ondanks alle peilingen, voorspellingen en de omvangrijke ‘si’-campagne van Santos, besliste de bevolking toch anders, en zij hebben het laatste woord over dit vredesakkoord. Weliswaar was het winst met een zeer kleine marge van maar een paar procent en daarmee lijkt Colombia verdeelder dan ooit.

Van tafel geveegd

De blijdschap die Sicara de la Torre ervaart wordt duizenden kilometers verderop, in de buurt van het zuidelijke plattelandsstadje Florencia niet gedeeld door inwoner Alberto Vargas (57). De voorzitter van de „juntas de accion comunal”, een buurtcomité, kan nog steeds niet geloven dat het akkoord niet is goed gekeurd door de bevolking en van tafel is geveegd. Er komt dus nog geen vrede, realiseert hij zich.

En dat terwijl er in zijn streek al zoveel geleden is en bloed is vergoten door dit conflict dat nu al vijf decennia duurt. „Het maakt me heel onzeker, wat gaat er nu gebeuren? Krijgen we nu de guerrillero’s weer terug of trekt het leger hier weer naar toe? Ik weet niet wat ik moet, ik had hoop, echte hoop”, reageert Vargas beduusd op het nieuws.

Het land is nu compleet verdeeld

Deze uitslag toont aan hoe compleet verdeeld Colombia is en hoe het toch al complexe vredesproces tot verdere polarisatie in het land zal leiden, meent politiek-analist Juan Fernando Londoño, verbonden aan het analytisch centrum in Bogota. „We zitten nu in een crisissituatie en er dreigt nu een groot vacuüm te ontstaan omdat het vredesakkoord in elkaar is geklapt en alles nu on hold staat, en dat is gevaarlijk”, meent Londoño.

„Wat deze uitslag in feite laat zien, als je kijkt naar het minimale verschil in percentages, is dat de bevolking wil dat de voor en tegenstanders met elkaar om tafel gaan zitten, alleen de vraag is wat dit gaat betekenen. We hebben net vier jaar onderhandelingen achter de rug, het zoeken naar een nieuwe dialoog is weer een heel nieuw proces, dit is niet binnen een paar maanden bekeken.”

Of Santos na deze nederlaag niet beter kan aftreden, zoals door zijn critici is geopperd betwijfelt Londoño. „Dan wordt het waarschijnlijk nog erger en zijn we verder van huis: Santos moet dit oplossen, met de FARC en mogelijk met andere partijen erbij.”

Opmerkelijk is het hoge aantal nee-stemmers in de steden, waar de oorlog zich de laatste tien jaar nauwelijks meer gemanifesteerd heeft. Bij hen gaat het vaak ook om emotionele en principiële redenen vermoed analist Londoño.

Voor taxichauffeur Elward Sanchez die in Bogota rijdt, geldt dat zeker. Zelf heeft hij niets van de hele oorlog meegekregen maar toch tegen het akkoord gestemd. „Het gaat om principes, om waarden en normen. Deze regering heeft weinig krediet bij de bevolking en staat bekend als een corrupte regering. De FARC-strijders zouden volgens het akkoord een maandelijkse toelage krijgen die hoger is dan het minimumloon. Dat was voor mij de druppel om tegen dit akkoord te stemmen.”