Recensie

Het leven van de gewone Rus schilderen

Het Drents Museum in Assen heeft 73 werken uit Sint-Petersburg in bruikleen. Zelfs ‘De Wolgaslepers’ van Ilya Repin, alias ‘De Nachtwacht van Rusland’, is te zien.

Foto collectie Staats Russisch Museum, Sint-Petersburg

Het Staats Russisch Museum in Sint-Petersburg heeft de grootste collectie Russische kunst ter wereld. Wie een indruk wil van de laat-negentiende-eeuwse schilderijen in die verzameling, hoeft de komende maanden niet ver te reizen: voor de tentoonstelling Peredvizhniki kreeg het Drents Museum in Assen maar liefst 73 werken uit Sint-Petersburg in bruikleen, waaronder het topstuk De Wolgaslepers (1873) van Ilya Repin. ‘De Nachtwacht van Rusland’ noemde kunsthistoricus Henk van Os het toen hij in 2001 een groot Repin-retrospectief samenstelde voor het Groninger Museum.

Trekkers of zwervers

Vijftien jaar later is het doek dus opnieuw in Nederland, als boegbeeld van de tentoonstelling in Assen. Het was dan ook het werk waarmee de twintiger Repin naam maakte in de Russische kunstwereld, en een voorbeeldschilderij voor de groep jonge realisten die zich vanaf 1870 de Peredvizhniki noemden – de trekkers of zwervers. De Peredvizhniki reisden met groepstentoonstellingen door heel Rusland, opdat niet alleen de inwoners van Sint-Petersburg en Moskou, maar ook Russen in de provincie konden kennismaken met de nieuwe stroming in de schilderkunst.

Net als Toergenjev, Tolstoj en Tsjechov in hun verhalen stelden de Peredvizhniki in hun schilderijen het leven van gewone Russen centraal. In Repins meesterproef zijn de hoofdrollen niet weggelegd voor historische of mythologische personages, maar voor elf afgepeigerde, zonverbrande buitenboordslaven die langs de oever van de Wolga lopen met een boot aan trekbanden achter zich aan. In andere schilderijen gaat een boerenkind voor het eerst naar de dorpsschool, zit een jongeman met een trekharmonica op een havenhoofd uit te kijken over het water, treuren twee weeskinderen bij een graf en barst een arm meisje in een bruidsjurk in snikken uit omdat ze moet trouwen met een bejaarde rijkaard. (De oude bok kijkt beteuterd toe.)

Ilya Repin

De Wolgaslepers. Ilya Repin

Heroïsche figuren

Dat anti-academische, geëngageerde realisme in Rusland doet sterk aan het Europese denken: Repins verbeelding van de Wolgaslepers als heroïsche figuren heeft bijvoorbeeld te maken met de grote groepsportretten die Gustave Courbet in Frankrijk maakte van brandweerlieden, steenhouwers en dorpelingen bij een begrafenis. Of met de aardappeletende boeren en vissers van Jozef Israëls en consorten, omstreeks diezelfde tijd in ons land.

En net als de realisten elders in de wereld zaagden de Peredvizhniki hun planken soms van iets te dik hout. Er hangen filmische dorpstaferelen en smakelijk geschilderde portretten in het Drents Museum, maar ook schoolplaatachtige schilderijen met een al te nadrukkelijke moraal. Na de overdaad aan melodrama in de secties ‘Armoede en onrust’ en ‘Verhalen van het volk’ is het zaaltje met landschappen een verademing.

Met de landschapschilderkunst uit Repins tijd kon het Nederlandse publiek in 2003 al kennismaken op de indrukwekkende tentoonstelling Het Russische landschap in het Groninger Museum. De drie landschapschilders die toen de meeste aandacht kregen – Ivan Shishkin, Isaak Levitan en Arkhip Kuindzhi – zijn in het Drents Museum nu ieder met twee landschappen vertegenwoordigd. Die van Kuindzhi zijn het meest opzienbarend. Het licht in zijn landschappen heeft welhaast fluorescerende kleuren: de avondzon schijnt giftig roze op een sneeuwlandschap en de volle maan reflecteert zo neongroen in de rivier de Dnjepr dat tijdgenoten de schilder ervan verdachten dat hij een lampje achter het schilderij had bevestigd. Dat blacklight-effect is niet te reproduceren, zoals ook blijkt uit de tentoonstellingscatalogus. U zult ervoor naar Assen moeten.