Nederlands talent draait nu al warm voor Tokio

Karate

Onze karateka’s kunnen over vier jaar wanneer de sport olympisch wordt hoge ogen gooien. Nick Gerrese geldt als exponent.

Foto's David van Dam

De verbeten kop van Nick Gerrese kijkt je recht aan zodra je het Topsportcentrum binnenstapt. De jonge Rotterdamse karateka (21) staat groot op de banner bij de ingang, tegenover de kraampjes met karate-gadgets. In de schaduw van De Kuip pakt de zevenvoudig kampioen de Europese WIKF-titel op het onderdeel Kumite (vrij vechten) in de categorie tot 75 kilogram.

Nederland bulkt van het talent, getuige de halvefinalisten in deze categorie. Behalve Gerrese haalden zaterdag nog twee Nederlanders de laatste vier, Bryan Lusse en Jordy Wals. Het moment kon niet beter, nu de sport voor de Spelen van Tokio (2020) de olympische status heeft. Gerrese: „De Spelen zijn een extra motivatiebron. Je hoopt er in 2020 te staan en je te kunnen meten met de absolute wereldtop. En dan wil je Nederland uiteraard een medaille schenken.”

Foto: David van Dam

Nick Gerrese tijdens het EK karate. Foto: David van Dam

Wanneer de Spelen in Tokio neerstrijken is de student fysiotherapie 25 jaar en op de toppen van zijn kunnen. Volgens hem is deelname aan het evenement realistisch. „De Spelen zullen ongetwijfeld sluimeren in mijn achterhoofd, maar ik leef liever in het nu”, zegt Gerrese. „Ik probeer mijn doelen immers dichterbij te houden en seizoen per seizoen te kijken naar mijn ontwikkeling. Als ik alleen maar bezig ben met de Spelen van 2020 leef ik de hele periode daar naartoe en kan ik niet genieten van de tussenmomenten, die ook heel mooi kunnen zijn. Ik mag me er niet te veel op fixeren, want dan kan het alleen maar tegenvallen.”

0310webkarate3

Het tekent de nuchterheid van de jonge karateka. Toch straalt hij ambitie uit en is hij een toonbeeld van zelfverzekerdheid. Elk woord dat hij uitspreekt klinkt gedecideerd.

Zijn coach Patrick van Daalen, met wie hij al tien jaar samenwerkt, speelde een belangrijke rol in Gerreses ontwikkeling: „Patrick kan mij heel erg motiveren. Het is te kort door de bocht om te zeggen dat hij uitsluitend een sporttrainer is. Patrick is voor mij een soort lifecoach. Hij heeft me gevormd als sporter, maar ook als mens.”

0310webkarate4

Zo leerde zijn coach hem negatieve gedachten te kanaliseren. „De manier waarop hij mensen benadert, werkt inspirerend voor jongeren. Hij werkt heel veel met buitenbeentjes in de maatschappij, zoals bijvoorbeeld autisten. Mensen die moeite hebben hun plek in de maatschappij te vinden. Zijn methode werkt aanstekelijk. Natuurlijk smeed je dan een vriendschapsband. Mede door hem weet ik waar ik naartoe wil in de maatschappij.”

0310webkarate7

Als pupil bij de Rotterdamse sportclub Unity99 zag Van Daalen Gerrese zijn eerste stappen op de karatemat zetten. „Toen Nick binnenkwam op de sportschool was het geen uitgesproken talent”, zegt Van Daalen. „Motorisch en fysiek was hij helemaal niet zo sterk. Maar hij had een ijzeren doorzettingsvermogen, een flinke dosis lef en was niet bang. Door die componenten samen ontwikkel je ook gewoon talent.”

Die onbevreesde houding vertaalt zich naar de mat op de EK in Rotterdam. Zijn verbeten blik liegt niet. Gerrese is bloedfanatiek, nauwelijks van zijn stuk te brengen. Bovendien combineert hij een heel aparte lage houding met een ongelooflijke snelheid. Karate is gericht op snelheid, eerder dan op kracht. Van Daalen: „Zijn bewegingen zijn bijna niet te volgen. Razendsnel. Hij beheerst bepaalde technieken waarbij ik me zou blesseren, als ik ze zou proberen uit te voeren. Hij heeft zeer bijzondere bewegingen in zijn arsenaal. Hij kan dingen met zijn heup die een ander niet kan.”

Het is net schaken

Bovendien is Gerrese tactisch sterk. Hij heeft dat hard nodig, want partijen duren slechts drie minuten en één moment van onoplettendheid kan fataal zijn. „Het is net schaken, zegt Gerrese. „Op het moment dat je probeert te reageren op een bepaalde situatie, ben je eigenlijk al te laat. Anticiperen is zo belangrijk. Tijdens een wedstrijd moet je, net als bij schaken steeds, drie, vier stappen vooruit denken. Als je bovendien geen initiatief neemt, loop je het risico overrompeld te worden. Het is dus heel erg zoeken. Drie minuten klinkt heel kort, maar het is heel intensief. Je bent alleen maar met één iemand bezig en dat is de tegenstander.”