In Flint hebben nu álle politici afgedaan

Met lood vergiftigd water

Een jaar na het begin van de crisis rond het met lood vergiftigde water ontbreekt in Flint zelfs het begin van een oplossing. De gemeente zou 400 miljoen dollar krijgen, pas 2 miljoen werd gestort. „Mensen zonder internet worden overgeslagen.”

©
Foto Maartje Somers

Foto Maartje Somers

Om de douchekop van Melissa Mays in Flint, Michigan, zit een witte bult. Het is een waterfilter, dat moet voorkomen dat het lood en benzeen in haar leidingwater haar lichaam in komt. Ze zet de douche aan: een klein straaltje sijpelt door het filter. „En o ja, hij werkt dus niet met warm water”, zegt ze smalend. „Wat de overheid betreft, doucht Flint voortaan maar koud.”

Deze week een jaar geleden barstte de watercrisis van Flint los. De gemeente erkende dat het leidingwater veel te hoge loodwaarden had. Een mensenlichaam kan niet tegen lood, en een kinderlichaam al helemaal niet. De Wereldgezondheidsorganisatie acht elke blootstelling eraan, hoe gering ook, schadelijk voor onder meer de hersenen. In Flint is een hele generatie kinderen, zesduizend, een jaar lang blootgesteld aan soms extreem veel lood in het water.

Foto Maartje Somers

Melissa Mays. Foto Maartje Somers

Deze zomer heeft de EPA – de Amerikaanse milieudienst die aanvankelijk ontkende dat er iets mis was – het water veilig verklaard, als het gefilterd is. Maar de medische dienst van Michigan zegt dat dat te snel is. En de ‘Flintstones’, zoals de inwoners zich noemen, vertrouwen geen enkele overheid meer, en weigeren het water te drinken. „Het is knalblauw omdat het stikt van de chemicaliën die de échte troep moeten neutraliseren”, zegt Melissa Mays. „Het ziet er mooi uit in de badkuip, net een lagune. Maar ga jij erin liggen?”

33 van 500 leidingen zijn vervangen

Van de 500 meest gecorrodeerde leidingen in Flint zijn er 33 vervangen. Eigenlijk zou het hele leidingstelsel moeten worden uitgegraven en vernieuwd. Maar van de bijna 400 miljoen dollar (356 miljoen euro) die door de regering in Washington en de staat Michigan zijn beloofd, waren er deze zomer 2 miljoen op de gemeentelijke rekeningen gestort.

Foto Maartje Somers

Monica Villarreal. Foto Maartje Somers

Afgelopen week keurde het Congres met de grootst mogelijk tegenzin een wet goed die 170 miljoen dollar bevat om Flint te helpen. Republikeinen weigerden aanvankelijk hulp aan het arme, merendeels zwarte en Democratisch stemmende Flint, maar gingen op het laatste moment overstag.

Mensen voelen het als ze niet meetellen, zegt pastor Monica Villarreal van de lutherse kerk in een van Flints armste wijken. „Er heerst hier een diep gevoel van waardeloosheid en gekwetstheid.”

Als de Erin Brockovich van Flint vocht Melissa Mays een jaar keihard om de gemeente en de staat te dwingen het water te onderzoeken. In haar huiskamer, die verduisterd is tegen de zon en waar de airco keihard blaast, herinnert ze zich hoe hard ze lachte toen iemand haar in april 2014 vertelde dat de curator van de failliete stad had verordonneerd om over te schakelen naar water uit de Flint.

„In die rivier dumpen moordenaars hun lijken tussen het ronddrijvende afval en de winkelwagentjes. Ik dacht dat het een grap was.”

Foto Maartje Somers

Instructies in de douche van Melissa Mays. Foto Maartje Somers

Maar tegen de zomer gaf ze haar nichtje van twee een kopje water, „het zag eruit als kippensoep”. Het stonk. Ze kreeg uitslag op haar armen en benen. Toen kwam er een kookadvies: er bleek E. coli in het water te zitten. Mays: „We waren dus poep aan het drinken.”

De milieudienst deed chemicaliën bij het water om het schoon te krijgen. Maar die corrodeerden het ernstig verouderde loden buizenstelsel. In januari 2015 borstelde Mays haar haar en hield opeens een dikke pluk in haar hand. De kat begon te kotsen en verloor zijn vacht. Hij voelde „als een pannenspons”.

Volksopstand

Melissa Mays, een moeder van drie die concerten voor bandjes regelde, besloot dat ze ook een volksopstand kon regelen. „Ik heb altijd een grote mond gehad, en gelukkig kan mijn man ertegen dat ik de hele dag schreeuw aan de telefoon.” Ze maakte een studie van drinkwater. Ze besloot vijfhonderd watermonsters te verzamelen en op te sturen naar een universiteitslab. Ze organiseerde protesten en voerde campagne op sociale media.

Pas op 1 oktober vorig jaar ging de gemeente overstag. Inwoners kregen te horen dat het water niet langer gebruikt kon worden. De gouverneur van Michigan, Rick Snyder, verontschuldigde zich. Het hoofd van de milieudienst werd aangeklaagd. In april, toen de stad weer was overgeschakeld op water uit Detroit, kwam president Obama naar Flint. Hij dronk een glas water en zei dat de regering niet zou rusten voordat iedereen betrouwbaar drinkwater had.

„Het was natuurlijk fijn dat hij kwam”, zegt pastor Monica Villarreal.

„Maar het had ook een heel vervelend effect: na Obama’s komst droogden de donaties op. Mensen dachten dat het hier was opgelost. Obama praatte in weidse perspectieven, over banen en opleidingen. Maar driekwart jaar later zijn er hier niet eens genoeg filters.”

Foto Maartje Somers

Foto Maartje Somers

Het gifwater is niet de enige Bijbelse plaag van Flint. Het is de hardst gekrompen stad uit de toch al getroffen Amerikaanse rust belt. Ooit omgaven de Buick-, Chevrolet- en andere General Motorsfabrieken de trotse autostad. Nu getuigen wijken vol dichtgetimmerde en overwoekerde jarenvijftigbungalows van de industriële apocalyps.

Tussen 2001 en 2013 verdween 57 procent van de fabrieksbanen uit Flint. De bevolking krimpt met 3 procent per jaar en kwam in 2014 voor het eerst sinds de jaren twintig onder de 100.000. 41 procent leeft er onder de armoedegrens, misdaad tiert welig.

In de verlaten wijken scharrelen groundhogs (bosmarmotten) door de straten. Dichtgetimmerde huizen fungeren als drugspand of ellendig bordeel.

Maar moeilijke omstandigheden als armoede en geweld zijn nog iets anders dan vergiftigd water, zegt Monica Villarreal in haar rommelige kantoortje in de kerk. „Water is leven. Ik vind het vreselijk dat het levensbedreigend is als ik een baby met dit water doop.”

Drie keer per week wordt bij de deur van de lutherse kerk water uitgedeeld. Ook filters zijn beschikbaar. „Maar er wordt niet gecontroleerd of iedereen er thuis een heeft”, zegt Villarreal.

„Of dat het filter op de kranen past. Mensen die niet kunnen lezen, die geen internet hebben, die slecht ter been zijn, en de zesduizend illegalen in Flint, worden overgeslagen.”

Het is Villarreal die zich over hen ontfermt, die de trays met flessenwater desnoods zelf gaat langsbrengen, die checkt of de filters goed zijn geïnstalleerd en die bij iedereen haar hand ophoudt voor donaties.

Alleen nog bezig met overleven

Flint is bezig met overleven. Als het om politici en hun beloften gaat, is het al langgeleden afgehaakt. Melissa Mays vertrouwt geen enkele gekozen politicus meer. Alleen de burgemeester, Karen Weaver. „Want zij wóónt hier. En ze heeft kinderen.” Mays heeft op het Women’s leadership Forum met haar grote mond zelfs tegen Hillary Clinton staan schreeuwen. „Ik moest wel. Ik wil niet dat ze ons vergeet als ze eenmaal president is.” En als Trump wint? „Dan verhuis ik naar Canada.”

In Flint wordt duidelijk dat de Verenigde Staten een prijs betalen voor hun bloeiperiode van zware industrie. Niet alleen politiek, omdat het populisme van Trump hoogtij viert onder gedesillusioneerde fabriekswerkers in postindustriële staten, maar ook wat milieuschade betreft.

Oudere Flintstones herinneren zich hoe de trucks van General Motors naar de Flint reden en hun inhoud dumpten. Het waren de jaren vijftig, zestig, zeventig. Het mocht natuurlijk niet, maar het kon niemand echt wat schelen. In nog 77 andere Amerikaanse steden heeft het water sterk verhoogde loodwaarden, bleek deze zomer.

Alleen al dit jaar zou Flint volgens burgemeester Weaver 55 miljoen dollar nodig hebben om de ergste nood te lenigen. Het geld komt er niet. Volgens Melissa Mays is dat geen toeval. „Nietsdoen is het makkelijkst”, zegt ze sarcastisch.

„Ze wachten tot iedereen die weg kan hier weg is. Dan sluiten ze het water af en doen de straatverlichting uit. Veel goedkoper dan de stad in stand houden.”

Op zondag houdt Monica Villarreal haar preek in de kerk. Een mens kan altijd meer dan hij denkt, zegt ze opgewekt. „Wie had gedacht dat we negen maanden lang 100.000 liter water per week zouden kunnen uitdelen, en het ook nog konden navertellen?” Maar na afloop zucht ze moe:

„Ik verwacht dat deze hele wijk nog jaren op flessenwater is aangewezen.”