Column

Zoals je wilde

‘Is het geworden zoals je wilde?” vroeg Robèrt, oppertaartenbakker bij Heel Holland Bakt, aan een kandidaat. Ze keken samen naar een berg met brokjes korst, iets wat geloof ik een spiegeltaart had moeten zijn. Spiegeltaart – voor mij een nieuw woord, maar wel het soort woord dat je meteen begrijpt. Een spiegeltaart is een glimmende taart uit de banketbakkerij, en moet je als normaal mens niet ambiëren. „Nee”, zei de kandidaat. Dit was niet zoals hij het gewild had. En Robèrt sloot naadloos aan met: „Nee, dat denk ik ook niet, hè.”

Hij had het dus niet hoeven vragen, maar zijn intentie was aardig. Door eerst de vraag te stellen geeft Robèrt aan dat er een wereld denkbaar is waarin een berg brokjes wél de bedoeling was. En dat ‘hè’ aan het eind, dat houdt de sfeer er ook in. „Nee, dat denk ik ook niet”, zou een beetje pinnig klinken. Met ‘hè’ erbij klinkt het meer zoals de kleuterjuf die ziet dat er een kleuter in zijn broek heeft geplast. „Maar plassen doen we eigenlijk op de wc, hè.”

Het is niet echt een standje. Meer een verzuchting van iemand die weliswaar eindeloos geduld heeft, maar ook genoeg zelfreflectie om te beseffen: ik ben waarschijnlijk nog niet eens op de helft van de duizenden keren dat ik dit zal moeten zeggen.

Zoals met alles is het natuurlijk de toon waarop iets gezegd wordt – bij een ander zou ‘Ik denk het ook niet, hè’ druipen van ironie of zelfs minachting, maar tot zulk soort negatieve emoties is Robèrt gelukkig niet in staat.

Nu is Heel Holland Bakt sowieso een positief en lief programma, waarin de kandidaten nooit zullen gaan muiten. Dat is de charme ervan, maar toch mogen we er wel over dromen: een kandidaat die na een aperte mislukking toch stug vol blijft houden: „Nee, dit was precíés hoe ik het bedoeld had. Nee, ik kan er ook niets aan doen dat niemand in dit gezelschap toe is aan een gedecontrueerde, post-apocalyptische ‘taart’. Pech dan. Ik noem hem ‘in je maag gaat het toch kapot’.” Om vervolgens triomfantelijk weg te lopen en te roepen: “Spiegeltaart, my ass!”

Paulien Cornelisse is cabaretier en schrijver.