Oktoberappels

Vandaag is het de eerste dag van oktober, de maand om veel appels te eten. Die zijn in de septemberzon mooi rood geworden. En zo mooi rond als de twee nullen in 01-10.

Daarom een oud appelraadsel. Een chauffeur moet 3.000 appels vervoeren van plaats A naar plaats B. De afstand tussen A en B is duizend kilometer. In zijn vrachtwagentje passen precies duizend appels.

Drie keer op en neer rijden en klaar is Kees. Zou je denken. Maar deze chauffeur is een beetje vreemd. Hij eet voortdurend appels. Elke kilometer één – hij kan het gewoon niet laten. Wat moet hij doen om toch zoveel mogelijk appels in B af te leveren?

Tja. Als hij nu gewoon drie keer op en neer rijdt, komen er 0 appels aan. (En is hijzelf erg appelig geworden).

Wat dan? Eerst zelf nadenken, dan verder lezen. Nog iets, ik denk dat de oplossing hierna de beste is. Maar misschien weten jullie een betere?

Ik denk dat hij zo weinig mogelijk kilometers mét appels in de auto moet maken. Zoals: Eerst rijdt hij drie keer met duizend appels tot op ongeveer 1/3 van de afstand – tot 333 kilometer. Onderweg eet hij dan 3x333=999 appels. Eén appel gooit hij weg.

Nu heeft hij 2.000 appels over: twee vrachtwagentjes vol. Daarmee rijdt hij twee keer (beide keren met 1.000 appels) de helft van de afstand – dus 500 kilometer. Onderweg eet hij dus nog eens 1.000 appels. De rest (1.000) kan hij vervoeren in één rit. Die laatste rit is dan 1000-500-333= 167 kilometer. Hij eet dus nog eens 167 appels en heeft dan in B nog 833 appels in zijn vrachtwagen. Zou het de beste oplossing zijn?