Iedereen denkt dat het wel meevalt. Dat zullen we nog wel eens zien, zegt Sven Kramer

Schaatsruzie Het schaatsseizoen is nog niet begonnen of de eeuwige strijd tussen bond en sporters laait weer op. Topschaatsers dreigen met een staking.

Foto /Vincent Jannink/ANP

Natuurlijk, in zijn vorige functie als algemeen directeur bij sportkoepel NOC*NSF was hij ook wel eens de kop van Jut, op wie topsporters makkelijk schoten. Of later bij de judobond Nederland. Maar een conflict zoals nu in het schaatsen, met een boegbeeld als Sven Kramer? Theo Fledderus schudt het hoofd. Nee, zo heftig heeft hij het nog niet eerder meegemaakt, stelt de ervaren sportbestuurder, die sinds vorig jaar algemeen directeur ad interim is bij schaatsbond KNSB. „Je bent als bestuurder als het ware met de handen op de rug gebonden.”

In een zaaltje op het bondsbureau in Utrecht had Fledderus donderdag de kaarten van de KNSB helder op tafel gelegd. Een bezuiniging van 2,7 miljoen is dit jaar noodzakelijk, stelde hij met een pak sheets als ‘bewijs’. Waren topschaatsers, hun sponsorploegen en de gewesten ontevreden met de gekozen ingrepen? Fledderus had voor alle drie de partijen nog wat laatste wisselgeld bijeen geschraapt. Einde geruzie, op naar de belangrijke vergadering van de ledenraad deze zaterdag, begroting goedkeuren en schaatsen maar!

Tot een paar uur later het ledenraadslid Kramer van de atletenvereniging reageerde voor de microfoon van de NOS. Een compromis? Integendeel. „Ik kan me heel goed indenken dat er binnenkort een motie van wantrouwen ingediend gaat worden. Ja, ook over een staking wordt serieus gesproken. Iedereen denkt wel dat het zal meevallen, maar dat zullen we dan nog wel eens zien.” Stakende schaatsers bij de seizoensstart, de KNSB-Cup eind oktober in Groningen, selectiewedstrijd voor de eerste wereldbekers?

Conflicten over geld tussen bond en topschaatsers zijn een rituele dans zodra de winter nadert. Van de profcompetitie met Ard Schenk en Kees Verkerk begin jaren zeventig tot de legendarische gevechten van Rintje Ritsma met de bond, toen hij in 1995 als eerste schaatser buiten de kernploeg om een eigen ploeg begon. Ook in het huidige commerciële tijdperk wordt constant geruzied over geld en logo’s op de schaatspakken. Maar altijd was er genoeg geld om uiteindelijk tot een compromis te komen. Nu niet meer.

Het grote geld is op in het schaatsen. De KNSB krimpt de begroting in van 16,5 miljoen euro twee jaar geleden naar 12 miljoen euro nu. Alle partijen moeten inleveren, vindt de bond, die zelf ook snijdt in het personeelsbestand. ‘Waarom moeten wij inleveren als de bond geld tekort komt’, stellen topschaatsers en hun commerciële teams. Ze wijzen op de 39 fte’s met 2,4 miljoen euro aan loonkosten op het bondsbureau. ‘Dat kan ook met 20 tot 25 fte’s’, stellen ze in hun alternatieve begroting.

Zo verhardt het ‘eeuwige’ conflict snel. Waarbij het minder gaat om de inhoud van de bezuinigingen dan om de groeiende ergernis bij andere partijen over de ‘allesbepalende’ bond, die regeert uit „een ivoren toren” , zoals Kramer stelt. Vandaar nu ook het unieke monsterverbond van de profschaatsers met de vrijwilligers in de gewesten, die veel invloed hebben in de ledenraad.

Belangrijker dan de begroting is zaterdag de vraag of de bond nog wel bestuurbaar is. Kramer vonniste in 2013 al voorzitter Doekle Terpstra, en directeuren volgen elkaar de laatste jaren snel op bij de KNSB. Directeur Fledderus beseft wat hem te doen staat. „Mijn grootste uitdaging is om echt verbinding te maken.”