Column

Ieder voor zich en Brussel voor ons allen

Caroline de Gruyter is correspondent in Wenen en schrijft wekelijks een column over politiek en Europa.

Leus op muur in het Britse Leamington Spa: 'doe U want 2 B a servant of Brusselsprouts?': wilt u een knecht van Brussel zijn? ('Brussels sprouts' zijn spruitjes. Foto Russell Boyce/Reuters

gruyter-caroline-de-11-2013-025

Twee Britten in een koffiebar in Brussel. Ze werken voor een Europese instelling. Al jaren. De een heeft in juni, meteen na het Brexitreferendum, de Zweedse nationaliteit aangevraagd. Zijn vrouw is Zweeds. Zo hoopt hij zijn baan te houden. De ander wil, zoals veel Britten, een Belgisch paspoort aanvragen. Of, vraagt ze, is het handiger om eindelijk met haar Franse vriend te trouwen en voor een Frans paspoort te gaan?

Het is geen lolletje om nu een Brit te zijn in Brussel. Niemand weet of hij kan blijven. Solliciteren? Huis kopen? Niemand heeft een idee hoe de toekomst eruit ziet. Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker zegt dat hij zijn best zal doen om Britse paspoorthouders in dienst te houden. Zij zijn immers ‘Europese’ ambtenaren, geen nationale. Velen werken er al jaren, met hart voor de Europese zaak. Maar of het hem lukt, is de vraag. Want dit gaat niet om goodwill of principes maar om één ding: geld.

Salarissen en pensioenen worden immers uit de Europese begroting betaald. Maar andere landen zullen die administratieve lasten niet willen overnemen als de Britten geen contributie meer betalen. De politieke strijd over Brexit zal grotendeels op financieel slagveld worden uitgevochten. De strijd over de Britse contributie wordt oorlog, voorspellen insiders.

Officieel zijn er geen Brexitonderhandelingen zolang de Britten geen formele aanvraag tot uittreding doen (‘artikel 50’ van het Europees verdrag). De Britse regering lijkt van plan om dat pas in 2017 te doen. Londen wil zoveel mogelijk invloed op de Brusselse besluitvorming houden, en zoveel mogelijk toegang tot de interne markt, voor een zo laag mogelijke prijs.

Achter de schermen worden de messen geslepen. De Britten zijn de tweede grootste nettobetaler aan de Europese begroting (Duitsland is de grootste): ze betalen meer dan ze er aan subsidies uithalen. Zonder Britse bijdrage loopt de Europese begroting zo’n 10 tot 12 miljard euro per jaar mis. Het Duitse ministerie van Financiën heeft uitgerekend dat dit Berlijn 4,5 miljard per jaar extra gaat kosten. In andere hoofdsteden worden ook rekensommen gemaakt.

De EU (co-)financiert veel grote projecten van bruggen tot academisch onderzoek. Die lopen meerdere jaren. De huidige Europese meerjarenbegroting loopt tot 2020. De Britse bijdrage zit daarin verdisconteerd. Sowieso betalen de Britten contributie zolang ze EU-lid zijn. Maar er worden alweer plannen gemaakt voor de nieuwe meerjarenbegroting. Hoeveel moet er naar landbouw, naar innovatie, of grensbewaking? Elk land heeft andere belangen en wensen. Onderhandelingen over de meerjarenbegroting zijn altijd ontluisterend: elk land probeert zo weinig mogelijk te betalen en er zoveel mogelijk uit te slepen.

Met ‘Europees belang’ heeft dit weinig te maken, met graaien des te meer. Nu lidstaten cash nodig hebben, en nationalisme en euroscepsis terrein winnen, kan die nieuwe Europese begroting dankzij Brexit weleens een politiek drama worden.

Noorwegen en Zwitserland betalen voor toegang tot de interne markt, Schengen en andere goodies. De Britten moeten hetzelfde doen. De 27 zullen hen het vel over de oren willen trekken – en vice versa. Salarissen en pensioenen van Britten in Brussel, relatief peanuts, zijn inzet in die strijd. Maar álles wordt inzet. Iedereen zal proberen de kosten af te schuiven op andere landen. Soms zou je bijna vergeten dat de EU er niet was vanwege het geld, maar om geen oorlog meer te voeren.