Cultuur

Interview

Interview

‘De druk werd onmenselijk groot’

Interview Bert van Oostveen

De directeur betaald voetbal van de KNVB lag onder vuur door het missen van het EK. Een maand geleden stapte hij op. „Er ontstaat een soort blur waar je niet meer uitkomt.”

Op maandagochtend 29 augustus staat Bert van Oostveen thuis in Zeist in de badkamer, als zijn vrouw op haar telefoon de app van het AD bekijkt. Het nieuws: hij vertrekt die week als directeur betaald voetbal van de KNVB. „Volgens mij moeten we de kinderen even bijpraten voor ze naar school gaan”, zegt zijn vrouw. Van Oostveen, nu een maand later: „Dan gaat het lopen, dan ben je de grip kwijt.”

Die middag komt de officiële mededeling, het tijdperk Van Oostveen is na zes jaar voorbij. De machtigste man van de grootste sportbond van Nederland met ruim 1,2 miljoen leden vertrekt na een periode vol incidenten en negatieve publiciteit. De bestuurlijke crisis bij de KNVB en het missen van het EK worden hem door de buitenwereld aangerekend. „De wijze waarop er over mij is geschreven de afgelopen driekwart jaar doet ongelofelijk veel pijn. Dat raakt je, uiteindelijk ben je ook een mens.”

Bert van Oostveen (45) draagt een blauwe blouse en sneakers – zijn KNVB-pak heeft hij alleen nog aan op congressen. Weg is hij niet helemaal; hij is nog in functie als toernooidirecteur voor het EK 2017 voor vrouwen en is secretaris-generaal, voor internationale aangelegenheden. Hij is strijdvaardig en een enkele keer zichtbaar in gevecht met zijn emoties, zeker als het om bedreigingen gaat. „Vanuit mijn opvoeding heb ik meegekregen: je buigt, maar je barst niet. Dat heb ik iets te lang gedaan. Met de wetenschap van nu zeg ik: was het dit allemaal wel waard om zo lang door te gaan?”

Hij zit in een bankje van de nieuwe KNVB-campus, een trainingscomplex met hoogwaardige faciliteiten. Het is een van de projecten die hij van de grond heeft gekregen. Hij mist de nuance in de analyses rond zijn vertrek. „Als je naar de totale balans kijkt, word ik heel sterk aangesproken op het niet kwalificeren voor het EK. Dat mag. Maar dan ben ik net zo verantwoordelijk voor het brons op het WK in 2014.”

In rap tempo somt hij de successen onder zijn leiding op: een organisatie die in zes jaar tijd 34 miljoen euro winst heeft gemaakt, groei van het eigen vermogen met 21 procent, het binnenhalen van het EK Vrouwen en Amsterdam als speelstad voor het EK 2020. En de campus dus. „Helaas had een aantal zaken beter gekund en beter gemoeten.”

Van Oostveen heeft de bevindingen over zijn laatste maanden met het oog op het interview op papier gezet. Het typeert hem: de dossierman, sterke organisator, intelligent, noem hem een technocraat. Empathie hebben clubs weinig gevoeld, klinkt het in de eredivisie. Socializen in de bestuurskamer is niet iets voor hem. Buiten wedstrijden om reist hij zonder agenda niet naar de stadions. „Ik ben minder van praatje pot. Ik ben meer van de inhoud.”

In juli 2014 krijg je bloemen, in oktober 2014 sta je ineens derde in de EK-kwalificatiepoule en deugt er niks meer van.

De crisis lijkt ver weg in het lommerrijke Zeist, het hoofdkwartier van het Nederlands voetbal baadt zich in de nazomer. Het roemruchte verleden is gestold in bronzen beelden voor het kantoor, een eregalerij uit de tijd dat Nederland toonaangevend was – Marco van Basten maakt zijn omhaal, de dirigistische vinger van Johan Cruijff wijst naar de ingang. Alleen een mededeling op de deur van de kantine duidt op onrust: ‘14.00 uur, bijpraatsessie met directie’.

De bond zit in een bestuurlijke meltdown; in krap vier weken tijd raakte de KNVB stuurloos en zit het verstrikt in een reeks kortsluitingen rond het Nederlands elftal en de directie. Drie van de vijf leden van de raad van commissarissen zijn opgestapt nadat veertien van de achttien eredivisieclubs, verenigd in de Eredivisie CV, het vertrouwen opzegden.

Dat gebeurt bij een informele bijeenkomst op Schiphol, op woensdag 14 september. Het overleg draait naast de verwikkelingen in de technische staf van Oranje om het vertrek van Bert van Oostveen en de snelle voordracht – zonder ruggespraak met de clubs – van diens opvolger, Gijs de Jong. Volgens ingewijden schetsen de commissarissen bij de vergadering het beeld dat de houdbaarheidsdatum van Van Oostveen al in het najaar van 2015 is verstreken.

Er zou voor een elegante oplossing zijn gekozen. Begin december 2015 wordt Van Oostveen, terwijl hij al onder vuur ligt, voor drie jaar herbenoemd als voorzitter van het bestuur betaald voetbal, wat in de praktijk samenvloeit met zijn directeurschap. Maar, zo zeggen bronnen, achter de schermen zou een constructie zijn bedacht waarbij Van Oostveen na het EK in Frankrijk, afgelopen zomer, opstapt en zo de kans krijgt in de tussentijd een nieuwe baan te vinden.

Er is einig realisme in de discussie over de staat van het Nederlands voetbal.

Verbijsterd zouden bestuurders van de eredivisieclubs hebben aangehoord dat Van Oostveen al op de wip zat terwijl hij in december werd herbenoemd in de algemene vergadering betaald voetbal. Clubs voelen zich „voorgelogen”. Een clubbestuurder, achteraf: „Ze hebben de menselijke kant laten prevaleren boven de zakelijke.” Na twee uur vergaderen tussen commissarissen en de eredivisieclubs eindigt het Schiphol-beraad in een vertrouwensbreuk.

„Als zoiets al gezegd is, dan is het onjuist”, zegt Van Oostveen. Hij wijst erop dat hij in de rvc-vergadering, 15 september 2015, unaniem is herbenoemd voor drie jaar. „Dat heeft zegge en schrijve dertig seconden geduurd.”

Op 13 oktober spreekt hij voor het EK-kwalificatieduel tegen Tsjechië met de (inmiddels vertrokken) voorzitter van de raad van commissarissen, Johan Lokhorst, onder meer over zijn positie. Uitschakeling van Oranje nadert. „We moeten nu afspraken maken, wat willen we?”, vraagt Van Oostveen aan hem. „Toen is heel duidelijk aangegeven: we willen dat je blijft. Blijf staan.”

Dat is het tweede moment dat hij twijfelt over zijn toekomst. De eerste keer is na succes, het WK van 2014. Hij is dan vier jaar directeur. „Achteraf denk ik: had ik dat maar gedaan. Dan was mij een hoop ellende bespaard gebleven. Nog geen half jaar later zag de wereld er heel anders uit. In juli 2014 krijg je bloemen, in oktober 2014 sta je ineens derde in de EK-kwalificatiepoule en deugt er niks meer van. Er zitten enorme golven van sentiment in.”

Er is in zijn ogen „weinig realisme in de discussie over de staat van het Nederlands voetbal”. Derde op het WK was een „positief incident”. De werkelijkheid is dat Oranje nu 24ste staat op de FIFA-ranking en het nationale clubvoetbal op de UEFA-ranglijst buiten de toptien is gevallen. „Als ik lees dat de KNVB te weinig doet aan de positie van de Nederlandse clubs in Europa, denk ik: wij verliezen niet van Rostov of Atlético.” Er is relatief weinig medewerking van clubs voor het ‘gezamenlijk belang’, vindt Van Oostveen. Voor jeugdinterlands „moeten we ons bijvoorbeeld de blaren op de tong kletsen om spelers mee te krijgen”.

Van Oostveen geeft de chronologie van zijn vertrek: 15 maart 2016 komt het voor het eerst, niet met zoveel woorden, aan de orde in een overleg met commissarissen. „Je moet die datum niet als een soort kogelmoment zien, in de zin van: vleugellam, aangeslagen en huilend rondlopen. Je gaat wel denken, hoe ziet mijn leven er na de KNVB uit.”

Het is een periode waarin hij onder grote druk staat: Oranje mist het EK en FC Twente blijkt de bond misleid te hebben en dreigt teruggezet te worden naar de eerste divisie. Van Oostveen zegt dat FC Twente „Houdini en Hans Klok nodig” heeft om als club te overleven – op een moment dat er met financiers en oud-bestuurders gewerkt wordt aan een crediteurenakkoord. Het zorgt voor woede in het Twente-kamp.

Er werden heel onsmakelijke plaatjes gepubliceerd. Dat moet je je kinderen wel uitleggen.

Hij staat nog steeds achter het signaal dat hij toen heeft afgegeven. „Het was twee over twaalf.” Als bestuurder betaald voetbal voelt hij zich verplicht te waarschuwen dat FC Twente op een acuut probleem afstevent: intrekken van de proflicentie. „Wat ik anders zou doen, is mijn woordkeuze daarover.” Onhandig, ongelukkig? „Give it a name.”

Op 12 april is er een vervolggesprek over zijn toekomst, met twee commissarissen. „Ik merkte dat er zoveel dingen op een hoop werden gegooid dat er geen onderscheid meer werd gemaakt tussen de FC Twente-casus, het aanstellen van een bondscoach, het niet kwalificeren voor het EK. Dan kan je nog zoveel dingen goed doen, er ontstaat een soort blur waar je niet meer uitkomt.”

Op 10 mei is er bij een diner een gesprek met voorzitter Lokhorst, in restaurant Kerckebosch in Zeist. „Ik merkte bij de raad van commissarissen dat op dat moment behoefte was aan een snel wisselmoment.” Ligt de regie voor zijn vertrek bij de commissarissen of bij hemzelf? „Je voelt alle twee de druk, zij merkten ook aan mij dat ik niet meer de energie had van daarvoor. Maar er is nooit tegen mij gezegd: je moet er nu uit”, zegt hij. „Ik merkte zelf: het was op. Het was uit.”

Op sociale media ben je de ene keer een kankerjood en de volgende keer een kanker-NSB’er.

Verwensingen raken het thuisfront. „Gaandeweg merk je dat die druk zo onmenselijk groot wordt, dat het ook impact heeft op je gezin.” Hij heeft twee kinderen. „Sociale media zijn wat dat betreft een vreselijk fenomeen. Mijn oudste zoon is bijna twaalf, die ziet ook wat er op internet gebeurt. Er werden heel onsmakelijke plaatjes gepubliceerd, berichtgeving kwam los. Dat moet je je kinderen wel uitleggen, je probeert dat te duiden. Dat is lastig.”

Even lijkt de man die nooit breekt te breken.

Was er sprake van bedreiging?

„Ja. Er is een aantal momenten geweest dat wij ons niet veilig voelden. De perceptie van bedreiging is vaak erger dan de bedreiging zelf. Ze kunnen beter een steen door je ruit gooien, dan moet je een keer het glas opvegen en is het klaar.”

Had dit te maken met het FC Twente-dossier?

„Voornamelijk. Er zijn gevallen geweest met andere supportersgroepen, maar dit is de meest pregnante.”

Voor Oranje word je niet bedreigd.

„Op sociale media ben je de ene keer een kankerjood en de volgende keer een kanker-NSB’er, en dat vaak in twee tweets tegelijk. Dit was voor mij ook de reden om te stoppen met Twitter. We hebben onlangs een politieke discussie gehad waarin werd gezegd: doe aangifte. Ik heb drie keer aangifte gedaan. De aangiften van belediging en bedreiging op sociale media gingen op de grote hoop. Maar ik heb waardering voor de wijze waarop vanuit de politie Zeist, een relatief klein korps, is gereageerd op de bedreiging inzake FC Twente.”

Was er permanent politietoezicht?

„In ieder geval intensief. Dat heeft wel even geduurd.”

Bent u ook thuis bedreigd?

„Het is heel dichtbij gekomen. Ik was in mei op een FIFA-congres in Mexico toen ik werd gebeld door de politie, ze zeiden: wilt u uw vrouw en kinderen bellen met het verzoek om hun koffers klaar te zetten.” Er valt een stilte. „Als dat aan de hand is, wil je terug, dan wil je terug naar je gezin.” Hij kijkt naar beneden, is stil.

0110ZATSPOoostveen2

Het wordt Van Oostveen verweten dat hij bij Oranje het fundament heeft gelegd voor een scheef bouwwerk. De dubbelconstructie met de aanstelling van Guus Hiddink als bondscoach en Danny Blind als diens assistent en toekomstig opvolger achtervolgt hem. Wat een vondst had moeten worden, werd een echec: Hiddink ontslagen, Blind neemt het over, Nederland redt het niet, Blind raakt beschadigd. November 2015 wordt de mislukte kwalificatie geëvalueerd met de commissarissen.

Wat waren de conclusies?

„Dat de dubbelconstructie op zich geen gekke is, we hadden hem alleen nooit vooraf moeten communiceren. We hadden intern de intentie moeten uitspreken. Als je te snel communiceert, loop je het risico dat het van tevoren gaat broeien en schuren. Dat is met Danny ook gebeurd. Met de wetenschap van nu was het veel beter geweest wel die afspraak met Danny te maken, maar er niet over te communiceren. Dat had Danny geholpen, dat had mij geholpen en ook de KNVB geholpen.”

Was het niet beter geweest om het ook niet contractueel vast te leggen?

„Nou, waarom niet. Dat had wel gekund.”

Maar dan zet je jezelf toch klem?

„Je kan dat koppelen aan een aantal evaluatiemomenten. Je moet niet vergeten dat een bondselftal wel iets anders is dan een club, je bent hier afhankelijk van een acht- tot tiental piekmomenten. We hebben gewoon pech gehad. Als je kijkt hoeveel internationals geblesseerd zijn geweest, we hebben spelers in de basis moeten laten beginnen die nu bij een Nederlandse club op de bank zitten.”

Blind raakte beschadigd toen hij werd doorgeschoven.

„Hij kwam er beschadigd uit, omdat het was gecommuniceerd. Als dat niet was gebeurd, konden we hem na het vertrek van Hiddink doorschuiven, dat hadden velen een logische stap gevonden. De keuze an sich, daar sta ik nog steeds achter.”

Het ontslag van Guus Hiddink in de zomer van 2015 is qua timing onverwacht, gezien het voorzichtige herstel van Oranje – plaatsing voor het EK is dan nog steeds mogelijk. Hiddink voelt zich overvallen als hij in Frankrijk bezoek krijgt van teammanager Hans Jorritsma en Van Oostveen. „Ik denk dat het duidelijk was dat wij niet naar Zuid-Frankrijk afreisden om te golfen”, zegt Van Oostveen. „Uiteindelijk vonden we het beter uit elkaar te gaan, hoewel we nog gesproken hebben over een adviseursrol waar Hiddink eerder al op hintte. De keuze is gemaakt op basis van een aantal optelsommen: communicatief, inhoudelijk, managerial.”

Hij stoorde zich aan een interview in De Telegraaf waarin Hiddink twijfelt over zijn toekomst, en meer ziet in een rol als ‘senior-bondscoach’. Het zet hem aan tot de eerste stap voor het einde van de samenwerking – „volgens mij was Guus daar zelf ook aan toe”. Van Oostveen: „Wij bespeurden zeer veel twijfel bij spelers en staf. We stonden er niet goed voor, er kwamen twee cruciale interlands aan, er was binnen de groep behoefte aan duidelijkheid.”

Waarom kozen jullie voor Hiddink in plaats van Ronald Koeman?

„Daar sta ik nog steeds achter. In de zomer van 2013 gaf Louis van Gaal aan na het WK te stoppen, toen hebben we goed geluisterd wat de staf en spelers wilden. Daar is een shortlist van gemaakt en daar is uiteindelijk de keuze voor Guus uit gekomen. Koeman stond wel op de longlist, niet op de shortlist.”

Hoe lang was die shortlist?

„Twee man.”

Wie was de tweede?

„Dat was Rijkaard.”

Wie was één en wie twee?

„Guus is uiteindelijk nummer één geworden. Qua managementstijl hebben beiden een redelijk hoog aaibaarheidsgehalte. Van Frank was al redelijk snel duidelijk dat hij het niet ambieerde en niet meer wilde. Dat heeft nooit tot een formeel gesprek tussen hem en de KNVB geleid.”

Wat maakte Koeman minder geschikt?

„We hebben naar de staf en de spelers gekeken, naar de groepscultuur, het was tijd voor een type Hiddink. Wij bespeurden dat het een spelersgroep was waarbij er zeker vier, vijf behoefte hadden aan een sterke mate van verantwoordelijkheid. Ook in de staf was behoefte aan een ander type manager.”

Is Koeman ooit voorgesteld om assistent van Hiddink te worden?

„Ik heb zelf nooit met Koeman gesproken. Zijn zaakwaarnemer kom ik op tal van bijeenkomsten in andere hoedanigheden tegen.”

Is het verwachtingspatroon gewekt dat Koeman kandidaat zou kunnen zijn?

„Niet door mij in ieder geval. Ik weet wel dat er in die periode contact is geweest tussen Ronald en Guus, die kennen elkaar vrij goed.”

Met de commissarissen krijgt Van Oostveen een conflict over de aanstelling van een technisch directeur die voor meer voetbalkennis in de directie moet zorgen: hij zou tegen zijn, de commissarissen voor. Van Oostveen zegt dat hij niet tegen was, hij wilde alleen een ‘td’ die zich met het gehele Nederlandse voetbal zou bezighouden: zowel amateur- als profvoetbal. „Ik heb altijd integraliteit willen benadrukken, maar dat is een te moeilijk woord voor het sportkatern, dat sneuvelt ergens.”

De roep om een technische man neemt toe na het missen van het EK. „Ik was het niet eens met het momentum, omdat we dan te veel zouden doen aan incidentenpolitiek”, zegt Van Oostveen. Er komt druk vanuit de media, in De Telegraaf pleiten de technisch directeuren van Ajax, Feyenoord en PSV voor een technisch directeur. „Dat had een hoog gehalte van: wij van WC-Eend adviseren WC-Eend, oftewel: wij als technisch directeuren vinden dat een van ons daar zou moeten komen. Maar waarom nu, dacht ik. We zijn bezig met een groot plan, ‘Winnaars van morgen’. Ik vond dat de discussie over een td in dat kader gevoerd moest worden omdat dat plan voor heel voetballend Nederland is.” Uiteindelijk wordt Hans van Breukelen td – voor amateur – en betaald voetbal.

Van chaos wil Van Oostveen niet spreken in KNVB-verband, er zijn „een aantal dingen ongelukkig met elkaar samengevallen”. Zoals de kwestie rond Dick Advocaat, de assistent-bondscoach die na drie oefenduels alweer vertrekt naar het Turkse Fenerbahçe. Blind wilde Advocaat graag, Van Oostveen kan hem niet meer bieden dan het salaris van een beginnende trainer – minder dan een ton. „Dan kan je je op dat moment voorstellen dat Dick zegt: is dit per maand? En wij zeggen: nee dit is per jaar, beste Dick. Ook al had hij geen clausule, dan kon hij makkelijk weg door zijn contract af te kopen.”

De commissarissen wilden „lotsverbondenheid” tussen Blind en Advocaat, zegt Van Oostveen: als Blind zou vertrekken, moest de KNVB kostenvrij de samenwerking met Advocaat kunnen beëindigen. Dat leidt tot een wederzijdse clausule waarin ze kosteloos van elkaar afkunnen. Ook het vertrek naar de FIFA van Marco van Basten, die geen clausule had, is niet tegen te houden, betoogt Van Oostveen. „Zo zit het arbeidsrecht nu eenmaal in elkaar. Die dingen komen dan toevallig samen.”

Waar ze wel invloed op hebben gehad is zijn eigen vertrek, zegt Van Oostveen. De timing, met veel onrust een week voor het WK-kwalificatieduel Zweden-Nederland, had beter moeten zijn, erkent hij. Maar, nuanceert hij, „de spelers hebben er geen nacht wakker van gelegen. De vlag hing echt niet halfstok.”

Hij begon in 1996 als medewerker wedstrijdzaken, maakte carrière, werd de belangrijkste man in Zeist. Zijn belangrijkste taak nu: de organisatie van het EK Vrouwen, volgend jaar zomer in Nederland. „Ik leer nu weer een beetje ademhalen, ik kom uit een ratrace van zes jaar. Ik ben terug op zoek naar de basis, terug op zoek naar mezelf.”