Een taakgroep, Tiger Woods: golfers VS willen de Ryder Cup eindelijk weer winnen

Ryder Cup

Alles is door Amerika uit de kast getrokken om de dominantie van Europa in de Ryder Cup te stoppen. Verliezen is nu geen optie.

Foto Streeter Lecka/AFP De Amerikaan Phil Mickelson wordt begroet door fans tijdens een oefenronde voor de start van de Ryder Cup.

Jack Nicklaus, de beste golfer ooit, toonde zich twee weken geleden met zijn 76 jaar bijna kinderlijk naïef. „Het competitie-element van de Ryder Cup is toeval. Het belangrijkste is het golf zelf en mensen die goed met elkaar omgaan. We maken er iets groters van dan zou moeten. Er komen veel mooie dingen bij kijken, maar ik had gewild dat we er niet zo’n oorlog van maakten.”

Misschien dat het in zijn tijd heel anders was. Het tweejaarlijkse golfgevecht tussen de Verenigde Staten en Europa is uitgegroeid tot pure prestige, het zeldzame evenement waarbij je als speler van een sport van individuen opeens onderdeel bent van een team en het weer even uitmaakt waar je vandaan komt. Waarbij keurige spelers die normaal na een succesvolle putt met een halve glimlach hun petje afnemen en iets in de richting van ‘thank you’ mompelen naar de toeschouwers veranderen in vleesgeworden emotie. Waarbij keurige toeschouwers die normaal een schamel applausje laten horen nadat het bordje ‘quiet please’ naar beneden is gegaan, veranderen in patriottische hooligans die jennen, joelen en intimideren.

Maar inderdaad: „we maken er allemaal iets groters van dan zou moeten”. Hoe goedbedoeld ook, zijn mede-Amerikanen zullen voor Nicklaus het verkeerde publiek zijn geweest. Want als er één van de twee de Ryder Cup van dit jaar, die deze vrijdag begint, benadert alsof het de laatste wedstrijd is die ze ooit spelen, dan is het wel Amerika.

Taskforce

Thuis, op de banen van Hazeltine in Minnesota, moet een einde gemaakt worden aan een reeks die inmiddels al ruimschoots door Amerikaanse hoofden spookt. Het land is vrijwel elk van de laatste edities van de Ryder Cup vooraf de favoriet geweest, maar inmiddels verliezer van de laatste drie en acht van de laatste tien. Na de vorige editie, twee jaar terug in Schotland, was Amerika de teleurstelling en het gezichtsverlies zat en werd een ‘taskforce’ in het leven geroepen. De taskforce – elf (oud)-spelers en bestuurders – moest onderzoeken hoe Amerika weer kon winnen. De zichtbaarste verandering sindsdien: een ander (lees: naar Europees voorbeeld) selectieproces, waarbij één van de keuzes van de coach nog vlak voor de Ryder Cup gemaakt kan worden, zodat een speler in bloedvorm nog toegevoegd kan worden. En een andere opmaak van de coaches van het team. Het overkoepelende thema: meer inspraak van de spelers (lees: naar Europees voorbeeld) om zo een hechter team te krijgen. Nogal belangrijk gezien de aard van de Ryder Cup: je speelt vrijwel nooit alleen.

Met een bijna militaire aanpak worden alle middelen ingezet om van deze Ryder Cup een succes te maken. Nog zo’n trucje: Tiger Woods als een van de vicecoaches. Hij heeft al ruim een jaar wegens een blessure niet gespeeld, maar het spelinzicht van de veertienvoudig major-winnaar wordt door niemand van deze generatie benaderd. Woods moet het tactisch meesterbrein zijn van het Amerikaanse team. En hij werkt ook uitstekend ter intimidatie van een Europees team dat met zes debutanten, onder wie de Belg Thomas Pieters, relatief onervaren is. Althans, dat is wat de Amerikanen voor ogen hebben. Oud-coach Paul Azinger zei vorige week dat het een beetje is als een jonge basketballer die een ruimte binnenkomt en dan Michael Jordan ziet zitten. De Amerikaanse coach Davis Love III is lovend over de rol van Woods.

Geen nederigheid

Deze week kwam bovendien zwemmer Michael Phelps langs bij de Amerikanen om ze nog wat extra te motiveren. Die weet immers ook wat winnen is. En hij is wellicht niet de laatste beroemdheid die wordt opgeroepen voor het grote goed.

Waar je misschien zou denken dat wat nederigheid op zijn plaats is bij de Amerikanen, lijken ze nu over te lopen van zelfvertrouwen. Coach Love zorgde deze week voor irritatie bij de Europeanen door te zeggen dat zijn team „misschien wel het beste ooit” is. Laten we in ieder geval zeggen dat hij niet te klagen heeft over de kwaliteit: tien van de twaalf spelers staan in de top-25 van de wereld, bovendien heeft het team veel meer ervaring bij elkaar dan Europa.

De spanning zit erop, en dat gevoel lijkt er minder te zijn bij de Europeanen. Die staan vooraan om de Amerikaanse taskforce een plaagstoot uit te delen, een idee waar Nicklaus overigens ook niets in zag. „Ik denk dat er een punt komt dat je het net iets te hard probeert”, zei de Noord-Ier Rory McIlroy deze week. Een teamgeest die er van nature is, zoals bij Europa, kun je volgens hem niet zomaar creëren.

Voor het Europese team is er niets extra’s nodig ter motivatie. De „zee van Amerikaans rood” zal volgens McIlroy al genoeg zijn. Of zo’n opmerking van Love. Een beproefd recept voor Europees succes: Amerikaanse bluf.