Zeg het maar gerust: PSV heeft een penalty-syndroom

Champions League

PSV bleef in Rostov steken op 2-2. Opnieuw miste de ploeg een cruciale strafschop.

Foto ANP/ProShots

Wat een memorabele honderdste wedstrijd in de Champions League had kunnen zijn, werd voor PSV een sof. Niet omdat een 2-2 gelijkspel in Rostov zo’n slecht resultaat is. Wel omdat de ploeg van Phillip Cocu de overwinning liet glippen door opnieuw een strafschop te missen. De twaalfde van de laatste negentien die geen doelpunt opleverde. Een penaltysyndroom. Zeg het maar gerust.

Spijtig voor PSV. Want er zat meer in de uitwedstrijd tegen misschien wel de minst glamoureuze club in deze editie van de Champions League. Buiten stadion Olimp-2 scheuren Lada’s over wegen vol onvolkomenheden langs grauwe flats. In het stadion zitten supporters op niet-overdekte tribunes die dusdanig slecht onderhouden zijn dat het geen overbodige luxe is dat verderop aan rivier de Don een gloednieuw WK-stadion verrijst. De hymne van de Champions League in Olimp-2: als Bach in een ondergrondse disco.

Toch heeft Rostov meer status dan ooit tevoren. Het team is zo taai dat het indruk wekt. Desondanks maakte PSV woensdagavond de meeste aanspraak op een overwinning. Heerlijk schot op de lat in de slotfase. Een knappe actie van Steven Bergwijn. Maar geen derde doelpunt. Remise, soit. Eerste punt in de groepsfase.

Terwijl de Eindhovense club jubileerde in het toernooi van de Europese elite, speelde Rostov daarin zijn eerste thuiswedstrijd. De club neemt voor het eerst deel aan een groepsfase van een Europees toernooi. Geen Russische voetbalfan die dat tien jaar geleden had durven voorspellen, maar dat gold ook voor het feit dat Rostov de Russische landstitel vorig jaar op één doelpunt misliep. Ook dat was uniek. De overheidsclub was het seizoen ervoor bijna gedegradeerd, à la stuntclub Leicester City.

Ajax gekleineerd

Het verhaal erachter kende Phillip Cocu inmiddels ook. Al was het maar omdat Ajax in de laatste voorronde voor de Champions League genadeloos werd gekleineerd in Rostov, door met 4-1 te verliezen. Maar na acht minuten, toen Dmitri Poloz eenvoudig de 1-0 binnenschoot, zaaide PSV toch twijfel; was de ploeg daadwerkelijk tactisch gewapend tegen dit Russische elftal?

Een elftal dat ook nu bestond uit twee delen: een stevige achterhoede, gecomplementeerd door vindingrijke spelers ervoor. Zoals de ongrijpbare Iraniër Sardar Azmoun. Bij hoekschoppen en lange ballen was hij als een eenzame wolkenkrabber in een verder eenvormige skyline, zo hoog torende hij boven de PSV-defensie uit. Zo viel ook het tweede doelpunt van Rostov. Lange bal, Azmoun die opsprong, de bal kaatste met zijn borst en Poloz die vanuit randje strafschopgebied zijn tweede doelpunt maakte.

Vlak daarvoor had Davy Pröpper gelijkgemaakt. Een lucky shot, dat PSV ervan vergewiste dat het niet in de val hoefde te lopen van de Turkmeense voetbalprofessor Koerban Berdyjev. Sinds zijn flirt met Spartak Moskou is Berdyev geen hoofdcoach meer van Rostov, maar wie beseft dat hij het nietige Rubin Kazan ooit naar de overwinning leidde bij FC Barcelona, weet dat zijn invloed groot is. Hij zit onopvallend op de tribune. Verscholen onder een petje liep hij een maand geleden met een kladblok rond tussen bierdrinkende fans in de Arena. Geen Ajax-fan die doorhad dat hij hun plaaggeest was en niet Dmitri Kiritsjenko, de trainer aan de zijlijn.

Die zag PSV voor rust gelijkmaken. Santiago Arias was achter de Russische defensie gekropen, trok de bal voor, raakte via een opponent de lat, waarna Luuk de Jong de opstuitende bal kon binnenkoppen. Een paar seconden voor rust. Heerlijk timing. Vreugdekreetjes in de hoek van het stadion. Daar zaten 53 supporters uit Nederland die de lange reis naar Zuidwest-Rusland hebben gemaakt. Dat supportersgroepen in Rostov gewoonlijk worden gescheiden door hekken die met handboeien bijeen worden gehouden, vormde met zo’n aantal nauwelijks een risico.

Gemiste penalty

Dan: Luuk de Jong naar de grond. Strafschop. Een uitgelezen kans, behalve voor wie het shirt van PSV draagt. Dan weet je dat jouw club elf van de laatste achttien strafschoppen heeft gemist. In dat opzicht was Pröpper woensdag niet te benijden toen hij de taak op zich nam. En jawel: hij miste. Net als Andrés Guardado twee weken geleden tegen Atlético, waardoor je gerust vragen kunt stellen bij de mentale gesteldheid bij spelers van PSV. Eerder miste ook Luuk de Jong dit seizoen al een cruciale strafshop.

Hoe was dit mogelijk? Goede vraag. Een hersenkraker voor trainer die vooral teleurgesteld was. Eén punt had drie punten moeten zijn.