Recht & Onrecht

Politie en burger: voor alles gaat het om vertrouwen

Het televisiedebat tussen Clinton en Trump bevatte ook een waarschuwing voor de Nederlandse politie. Kees van der Vijver schrijft in de Politiecolumn dat verstoorde verhoudingen met de burger, zoals in de VS, desastreus kunnen uitwerken.

In het eerste verkiezingsdebat tussen Hillary Clinton en Donald Trump afgelopen maandag kwam de politie uitgebreid aan de orde. Aanleiding waren recente schietgevallen waarvan Afro-Amerikanen het slachtoffer werden, zoals in Charlotte en Tulsa. Deze dodelijke schietgevallen leidden tot hevige protesten en rellen, soms zo ernstig dat de noodtoestand werd uitgeroepen. De reacties vanuit de samenleving waren mede zo fel omdat de politie vaak loog over de toedracht om het gebruikte geweld achteraf te rechtvaardigen.

Er is sprake van verstoorde verhoudingen en een gebrek aan vertrouwen tussen de politie en grote delen van (in ieder geval) de zwarte bevolking. Er is een brede roep om politiehervormingen. Zie hierover onder meer dit recente stuk uit NRC.

Twee vingers om de trekker

Dat de Amerikaanse politie vaker dodelijk geweld gebruikt tegen zwarten dan tegen blanken was ook al een thema in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw. De politie heeft twee vingers om de trekker over te halen, één voor zwarten, en één voor blanken, heette het toen. Het hardnekkige voortbestaan van dit probleem is vooral merkwaardig tegen de achtergrond dat er geen land in de wereld is waar zoveel onderzoek is gedaan naar de verhouding tussen politie en bevolking. Onderzoek naar contacten, naar geweldgebruik, naar verbaliserend optreden, naar selectiviteit. En er is evenmin een land waar zoveel is gedaan om tot veranderingen te komen. Niet alleen omdat de Amerikaanse cultuur er positief tegenover staat, ook omdat in veel korpsen politiechefs worden gekozen en dus met allerlei plannen komen die tot verbeteringen moeten leiden.

Als voorbeeld Chicago. Dit is één van de steden waar zich recent veel problemen hebben voorgedaan. In die stad is in de tweede helft van de vorige eeuw, geïnspireerd door hoogleraar Wesley Skogan, jarenlang ingezet op community policing. Dat wil zeggen dat is gestreefd naar een politie die werkt in de nabijheid van de bevolking, en die overleg voert en rekening houdt met de wensen van burgers. Niet alleen om het geweld te beperken. Ook om het wederzijdse vertrouwen te vergroten, en om ervoor te zorgen dat de politie dichter op de problemen zit en eerder kan ingrijpen, waardoor escalatie minder kans krijgt.

Waarom waren eerdere initiatieven onsuccesvol?

Toch moeten we constateren dat al die kennis en die veranderingsbereidheid kennelijk onvoldoende hebben geholpen. De voorstellen die Hillary Clinton in het televisiedebat deed (en die ook worden gepropageerd door de activisten van Black Lives Matter) borduren in belangrijke mate voort op deze oude ideeën van nabijheid en vertrouwen. Naast andere, zoals striktere regelgeving voor politiegeweld, betere training, camera’s op het uniform en het voorkomen dat de politie zwaardere wapens gaat gebruiken. Als men wil dat die voorstellen succesvol zijn, dan zal men tenminste ook aandacht moeten besteden aan de vraag waarom die eerdere initiatieven onvoldoende succesvol waren.
De Amerikaanse ontwikkelingen zijn in ons land een stimulans geweest om tot kleinschalige politiezorg te komen (wijkteams, wijkagenten, buurtregisseurs). Ondanks alle haken en ogen in de praktijk, bestaat de overtuiging dat die kleinschaligheid hier een positieve invloed heeft gehad. De kleinschaligheid heeft in een aantal gemeenten aantoonbaar geleid tot een daling van de criminaliteit en ook de relatief gunstige verhouding tussen de politie en minderheidsgroepen wordt ermee in verband gebracht. Nog steeds wordt de wijkagent door de bevolking het hoogst gewaardeerd.

Parallellen met Nederland

Toch leren de recente ervaringen dat dat geen reden is om op de lauweren te rusten. De Nederlandse politie is de laatste maanden geregeld in negatieve zin in het nieuws geweest, onder meer inzake geweldgebruik, etnisch profileren en een gebrek aan integriteit. Dat vereist aandacht. De problemen in Nederland zijn weliswaar minder omvangrijk dan in de Verenigde Staten, er zijn veel parallellen.
Vertrouwen in de politie moet de basis zijn. Eerlijkheid, onpartijdigheid en openheid als de kern van het functioneren waarop de professionaliteit moet worden gebaseerd. Dat overstijgt het belang van oplossingspercentages, criminaliteitsbestrijding en andere functioneringscriteria. En dat geldt niet alleen voor de organisatie als geheel, maar voor iedere individuele politieman of –vrouw. Laten wij niet in dezelfde valkuil stappen!

De Politiecolumn wordt afwisselend geschreven door deskundigen uit wetenschap, bestuur en politie. Kees van der Vijver is  emeritus hoogleraar Politie- en Veiligheidsstudies aan de Universiteit Twente.

Blogger

Kees van der Vijver

Kees van der Vijver (1948), was hoogleraar Politie- en Veiligheidsstudies aan de Universiteit Twente, tevens directeur Instituut voor Maatschappelijke Veiligheidsvraagstukken van de UT. Daarvoor werkte hij als directeur Stichting Maatschappij en Veiligheid, commissaris van politie in Amsterdam, wetenschappelijk onderzoeker ministerie van binnenlandse zaken en koninkrijksrelaties en inspecteur van politie in Velsen.