Wie is deze ‘belangrijkste intellectueel van Nederland’?

Portret Thierry Baudet

Zijn politieke programma mag dan weinig origineel en zouteloos overkomen, Thierry Baudets openbare uitingen, contacten en uitlatingen op internet zijn dat allesbehalve. Maar meent hij ook wat hij zegt?

Foto’s Ivo van der Bent/Hollandse Hoogte

Voor een man die pleit voor het einde van „inwisselbare types” binnen het „politieke kartel” heeft politiek nieuwkomer Thierry Baudet met zijn Forum voor Democratie vooralsnog een behoorlijk conventioneel programma. Een betere overheid, hervorming van de EU, betere leraren voor de klas, strenger en selectiever asiel- en immigratiebeleid – baanbrekend zijn deze posities niet te noemen. Zelfs het „belangrijkste agendapunt” – bindende referenda – wordt al sinds 1986 door D66 gepropageerd, en lijkt bij die partij de laatste jaren geen stemmentrekker meer te zijn.

Het opmerkelijkst aan zijn programma is vooralsnog dat de pleitbezorger van een terugkeer naar een Nederlandse unieke identiteit, vooral buitenlandse oplossingen aandraagt voor maatschappelijke problemen. Fins onderwijs, Australisch asielbeleid, Amerikaans immigratiebeleid, Duitse politieopsporing, een Singaporese overheidsafslanking en Zwitserse bestuurlijke vernieuwing.

Zo lijkt Baudet, die bredere bekendheid vergaarde als een van de boegbeelden van het Oekraïnereferendum, inhoudelijk weinig toe te voegen aan het Nederlandse politieke spectrum. Hij heeft vooral zichzelf in de aanbieding. Maar hij moet als politieke nieuweling concurreren met Jan Roos. Dit andere gezicht van het Oekraïnereferendum werd onlangs lijsttrekker van de nieuwe rechtse partij Voor Nederland (VNL).

Maar zo zouteloos als de standpunten op zijn website is Baudet zeker niet, zo blijkt als je zoekt naar openbare uitingen, zijn contacten en uitlatingen op internet.

Baudet raakte bekend als publicist toen hij in zijn EU-kritische proefschrift De Aanval op de Natiestaat betoogde dat de democratische rechtstaat onverenigbaar is met supranationale instituten. Daarmee was hij direct een graag geziene gast in conservatieve kringen - hoewel hij zich ook graag en makkelijk onder zijn critici begeeft. Maar hij heeft ook, zo blijkt, een buitengewone interesse in radicale publicisten, ‘sterke mannen’, en islamhaters. Baudet zelf wilde niet reageren op vragen van NRC.

In aanloop naar de verkiezingen maakte de VPRO de volgende video: thuis bij Thierry Baudet.

Controversiële figuren

Op een door hem georganiseerd kasteeluitje dat hij op internet promootte als bijeenkomst van het „nieuwe verzet” omringde hij zich door enkele controversiële figuren, zoals bijvoorbeeld Tom Zwitser. Deze ultra-rechtse katholiek noemt zich een „tegenstander van de democratie” en een voorstander van meer macht voor het koningsschap. Zwitser runt nu een uitgeverij die anti-EU- en pro-Russische werken drukt die prominent staan uitgestald in de Amsterdamse kelder waar het Forum van Baudet lezingen organiseert.

Een andere deelnemer aan de ‘verzetsbijeenkomst’ op het kasteel was Sam van Rooy. Deze Vlaming, lid van het Vlaams Belang, werd er bij de PVV uitgegooid omdat hij zijn anti-islamisme al te ruig ventileerde. Hij achtervolgde filmend drie vrouwen met boerka en postte het op Facebook met het volgende commentaar: „Opeens kwam dat tuig langslopen. Dus besloot ik ze maar gelijk te filmen. Of moet ik het normaal vinden dat mijn rust in Scheveningen wordt verpest door dat soort geïmporteerde achterlijkheid van de islamitische zandbak?”

De overtuiging dat er een allesverzengende eindstrijd in aantocht is tussen ‘de islam’ en ‘het Westen’ en de woede over een zwakke elite die moslims te veel ruimte geeft, zijn sentimenten die meer van de genodigden uitdragen. Het zijn deze mensen die Baudet - in een intussen verwijderd promotiefilmpje op internet - omschreef als „een nieuwe generatie, die uiteindelijk het roer kan overnemen in Nederland.”

Voorliefde voor ‘sterke mannen’

2909BINbaudet2_def_3k

Tussen de standpunten die hij op zijn website presenteert is het woord ‘islam’ niet te vinden. Maar Baudet zelf deelt wel degelijk de islamangst van zijn gasten, zo bleek uit een interview met het Reformatorisch Dagblad uit 2015. Nederland is „in gevaar” vanwege de islam, vindt Baudet. Hij wil daarom „immigratie uit moslimlanden stoppen, geen moskeeën meer bouwen en geen islamitische scholen meer stichten”. De uitverkoop van het land is de schuld van „intellectueel zwakbegaafde politici”. Baudet ziet een gebrek aan discussie over de islam in Nederland: „We durven helaas niets meer te zeggen in ons land. We verliezen onze mannelijkheid, we gaan voor consensus, een vrouwelijke waarde. We zijn bang.”

De fascinatie met feminiene en masculiene rolpatronen is een terugkerend thema in de gedachten van Baudet. Zo verdedigde hij versiercoach/verkrachtingsgoeroe Julien Blanc: „De realiteit is dat vrouwen niet met respect behandeld willen worden door hun sekspartner; dat ze helemaal niet willen dat je hun ‘nee’, hun weerstand respecteert: de realiteit is dat vrouwen overrompeld, overheerst, ja: overmand willen worden.”

Tijdens de Republikeinse conventie in Cleveland bezocht Baudet, Trump-petje op zijn hoofd, een groot feest van Milo Yiannopoulos, Trump-fan en provocateur binnen de Amerikaanse alt-right – een los-vaste verzameling antidemocraten, antisemieten, neonazi’s, racisten, white-power-adepten en feminismehaters. Yiannopoulus maakte vooral naam als dat laatste: zo schreef hij dat vrouwen ongelukkig waren geworden door de uitvinding van de wasmachine en de pil. Yiannopoulus werd deze zomer permanent van Twitter verbannen vanwege het orkestreren van de agressieve intimidatie van een zwarte actrice. Baudet noemde zijn kennismaking met Yiannopoulos „zeer inspirerend”.

Ook op andere buitenlandse bezoeken zoekt Baudet graag contact met radicale figuren. Zo sprak hij in België bij de Vlaams-nationalistische manifestatie de IJzerwake. In Hongarije ontmoette hij onder meer Mariann Öry, een conservatieve journalist die extreemrechtse denkbeelden en partijen in Europa aanprijst. In de Verenigde Staten zocht hij James Ronald Kennedy op, een auteur die de Amerikaanse burgeroorlog liever ziet als een strijd tussen een nobel, christelijk en individualistisch Zuiden tegen een geïndustrialiseerd, dictatoriaal Noorden, dan als een strijd om de slavernij af te schaffen.

Trump-fan (en Wilders-stemmer) Baudet verkondigde al dat de presidentskandidaat niet alleen een uitmuntende Amerikaanse leider zou zijn. Hij noemde hem ook „een grote leider voor het hele Westen”. Zijn voorliefde voor ‘sterke mannen’ reikt verder. Baudet noemt de zorgen over Poetin „anti-Poetinhysterie”. In een gesprek met de Hongaarse diplomaat Kálmán Mizsei, in februari in Boedapest, schoof hij de theorie naar voren dat de bezetting van de Krim door Rusland geen bezetting was. Mizsei: „Hij verzette zich ook tegen de gedachte dat de MH17 door pro-Russische rebellen was neergeschoten, en vroeg zich af of dat niet door Oekraïne was gedaan.”

Ook de in een genadeloze burgeroorlog verwikkelde Syrische president Assad kan bij Baudet op begrip rekenen. „He who governs wicked countries sometimes has to rely on wicked measures”, schreef hij op Twitter. Hij noemt dit een nuchtere erkenning van „Realpolitik”.

Grote dosis charme

2909BINbaudet3_def_3k

Toen journalist Joost Niemöller Assad loofde omdat onder zijn bescherming „vrije vrouwen zonder bedekking op terrasjes” in West-Aleppo konden zitten, reageerde Baudet op Twitter zo: „Dat alleen al is waarschijnlijk genoeg reden voor onze oikofobe elites om Assad koste wat kost weg te willen hebben.” Oikofobie van de ‘elite’, door Baudet gedefinieerd als „een ziekelijke afkeer van het [eigen] thuis” is volgens de nieuwe politicus de oorzaak van bijna alle problemen waarvoor West-Europese landen zich gesteld zien. Baudet schreef er een boek over.

Het is vaak onduidelijk of Baudet koketteert, provoceert, aandacht zoekt of echt meent wat hij zegt. Het is een verwarring die hij met zichtbaar plezier en een grote dosis charme in stand houdt. Hij noemt zichzelf „de belangrijkste intellectueel van Nederland”. Wordt hij aangesproken op zijn meer radicale uitlatingen en relaties, dan verdedigt hij zich altijd door te zeggen dat hij een vrijdenker is, en gewoon geïnteresseerd is in allerlei ideeën. Wie daar bezwaar tegen heeft, maakt zich schuldig aan „intellectueel fascisme”. Daarom, voegt hij er vaak aan toe, zou hij nooit de politiek in gaan. „Ik ben een vrije geest en dat wil ik graag blijven.”

Met medewerking van Roeland Termote.