Column

De economie slurpte al eens eerder dorpjes op

Wie in Zuid-Engeland op vakantie gaat, kan ik een wandeling langs de Engelse zuidkust van harte aanbevelen. De krijtrotsen zijn prachtig. Zo kun je vanaf Dartmouth een prachtige wandeling maken naar het zuidwesten, langs Start Bay. Onheilspellende bordjes wijzen de wandelaar erop dat de zee in Start Bay wild te keer kan gaan, zo erg zelfs dat er in het verleden een heel dorp in de golven is verdwenen. In het verloop van de wandeling volgen nog meer bordjes. Geleidelijk krijgt de wandelaar zo een indruk van het drama wat zich daar een eeuw geleden heeft afgespeeld.

Rond 1890 had ene Sir Jackson een vergunning gekregen om voor de kust van Hallsands (zo heette het dorp) grind te winnen voor de aanleg van een marinehaven. Spoedig werd er voor de kust van Hallsands 1600 ton grind per dag gewonnen. Na enige tijd begonnen bewoners zich zorgen te maken over de gevolgen voor het strand en de kademuren. De bewoners dienden een klacht in bij de Handelscommissie, die erin toestemde een onderzoek in te stellen. Zoals te verwachten viel: de onderzoekscommissie concludeerde dat de grindwinning en de kustafslag waarschijnlijk niets met elkaar te maken hadden en dat winning geen gevaar voor het dorp opleverde. Toen echter de najaarsstormen van 1900 de complete kademuren wegspoelden, was het met de geloofwaardigheid van dit onderzoek gedaan. Niet dat de grindwinning meteen werd gestopt. Daar was eerst nog een petitie bij het lokale parlementslid en een klacht van de districtsraad voor nodig. Twee jaar later werd de grindwinning bij Hallsands uiteindelijke stopgezet.

Daarmee waren de problemen van Hallsands nog niet voorbij. Ieder najaar deden de Novemberstormen hun werk. Geleidelijk aan werden huizen onbewoonbaar. Op 26 januari 1917 viel de genadeklap. Na een heftige storm werden alle huizen op één na onbewoonbaar. Vanaf een platform kan de wandelaar de ruïnes nog zien staan. De bordjes laten ook zien wat dat voor de bewoners betekende. In die tijd waren de contacten van een vissersdorp met de rest van de wereld nog zeer beperkt. Het verlies van huis en haard stond gelijk aan verlies van hun complete leefwereld. Met veel pijn en moeite kon men zich in een naburig dorp vestigen. De overheid hield een onderzoeksrapport naar de oorzaken van de ramp geheim, om begrijpelijke redenen. Het ministerie van Financiën, de organisatie die overal ter wereld het algemeen belang van de belastingbetaler behartigt en daarbij het belang van een individuele belastingbetaler weleens over het hoofd wil zien, was veel te bang voor claims. Bewoners moesten nog zeven jaar vechten voor enige vorm van compensatie. Volgens velen was die veel te laag. Tot op de dag van vandaag pleiten nazaten voor een erkenning van de gemaakte fouten. Het verlies van huis en haard, het is een wond die niet snel heelt.

Ik moet steeds aan dit verhaal denken als ik over de aardbevingsschade in Groningen lees. Om de begrotingstekortdoelstelling van drie procent te halen is te veel gas gewonnen. Ik neem tenminste aan dat dit de reden is waarom tussen 2011 en 2013 ongewoon veel gas werd opgepompt. Ik heb veel respect voor het rapport van Tjibbe Joustra van de Onderzoeksraad voor Veiligheid van afgelopen jaar, die in ongewoon heldere bewoordingen concludeerde dat de overheid de veiligheid onvoldoende had meegewogen. De reactie van de NAM en de Nederlandse overheid lijkt echter als twee druppels water op die van de Engelse overheid na de ramp in Hallsands.

Coen Teulings is hoogleraar aan de universiteiten van Cambridge en Amsterdam.