Syrisch leger zet in op zwaar grondoffensief tegen geteisterd Aleppo

aanval door regeringstroepen

Troepen van Assad zijn bezig het oosten van Aleppo aan te vallen. Rebellen hebben een deel van de stad nog in handen. Een humanitaire ramp dreigt.

Syrische regeringstroepen zijn dinsdag begonnen aan een grootschalig grondoffensief in de Syrische stad Aleppo. Het is een van de grootste grondaanvallen in maanden op de stadsdelen die in handen zijn van de rebellen. Het offensief is gericht op de oude stad en op enkele belangrijke toegangswegen. Volgens de rebellen rukten de regeringstroepen, waaronder milities uit Iran, Irak en Libanon, op vanuit het noorden en het zuiden.

Het oosten van Aleppo is nog in handen van de rebellen, het westen van regeringstroepen. Het oostelijk deel is compleet afgesloten van de buitenwereld, waardoor ongeveer 250.000 mensen vastzitten zonder voldoende drinkwater, eten, medicijnen en elektriciteit. Hulpgoederen kunnen de belegerde gebieden niet bereiken. Slechts 35 artsen volgens de Wereldgezondheidsorganisatie beschikbaar voor de honderden gewonden.

Aleppo, voor de oorlog de grootste stad van Syrië, is een belangrijke prijs. Het is de laatste grote stad in het westen van Syrië die nog (deels) in handen is van de oppositie. Als Aleppo volledig in handen valt van het regime, dan behaalt president Assad misschien wel zijn grootste overwinning van de oorlog.

Maar het is lang niet zeker of er daadwerkelijk een groot alles-of-niets-offensief van het regime op handen is. Dat zou een massale mobilisatie van het leger vergen, met steun van Libanese en Iraakse shiitische milities, de Iraanse Revolutionaire Garde en de Russische luchtmacht. De strategie van het regime in steden als Damascus en Homs was juist om gebieden jaren te belegeren en bombarderen, totdat de bevolking was uitgehongerd en de overgebleven rebellen sterk verzwakt waren en zich overgaven.

De Verenigde Staten hebben dinsdag aangekondigd dat ze bijna 400 miljoen dollar vrijmaken voor extra humanitaire noodhulp voor de Syrische bevolking. De Wereldgezondheidsorganisatie en het internationale Rode Kruis riepen dinsdag op tot een ‘veiligheidscorridor’ om zieke en gewonde mensen in het oosten van Aleppo te kunnen evacueren.

De afgelopen week zijn er zeker 314 burgers om het leven gekomen en meer dan duizend gewond geraakt, zo meldde de Unie voor Medische Zorg en Noodhulp Organisaties. Omdat er niet genoeg bedden in de ziekenhuizen zijn worden patiënten geopereerd op de grond. „Artsen zijn zo gestresst dat ze zijn uitgeput; velen hebben 48 uur niet geslapen.” (Reuters)