Radicale ‘koeienbeschermers’ worden steeds gewelddadiger in India

India De koe is heilig in India, en wie daar anders over denkt, kan rekenen op een flink pak slaag. Hindoeradicalen gaan steeds gewelddadiger te werk.

Stal van boer Babulal Jangir in Taranagar. een prominente 'koeienbeschermer' in de Indiase deelstaat Rajastan. Foto Chandan Khanna/AFP

Pas na hard bonzen op de gebutste metalen deur van het koranschooltje wordt opengedaan. Angstig staart een groepje jongetjes in witte gewaden ons aan. De kleine madrassa is gevestigd in een kelder. Onderaan de trap staan jongemannen van rond de twintig. Zij kijken boos en vastberaden, klaar voor een gevecht. Een van hen, met blauw T-shirt en op slippers, heft dreigend een cricket-slaghout. Pas als ze zeker weten dat hun onaangekondigde bezoek geen kwaad in de zin heeft, vermindert de spanning.

Hier in Prem Nagar, een arme buurt aan de westelijke rand van de Indiase hoofdstad New Delhi, vol immigranten van het platteland, leeft een handvol moslims tussen een overmacht aan hindoes. „Er waren nooit problemen tussen ons hindoes en hen”, vertelde Pratik Agarwal in zijn levensmiddelenwinkeltje, toen we hem vroegen waar we de madrassa konden vinden.

„Maar ze hadden niet die koe moeten slachten.”

In de madrassa zijn geen slachtresten meer te zien, maar het gonst er nog van de dikke vliegen. Tijdens het islamitische offerfeest slachtten de jongens van het koranschooltje samen met het schoolhoofd Abul Rehman een oude koe. Dat doen ze elk jaar, ook al zijn koeien heilig in de ogen van hun hindoeburen. „Iedereen weet hier alles van elkaar. Maar we zorgen er altijd voor dat niemand het ziet en we praten er niet over. Er waren nooit protesten. Wij hebben onze cultuur, zij die van hen”, zegt Rehmans zoon Muhammad (21).

Zwaar toegetakeld

Nu ging het echter mis. Zijn vader is in het ziekenhuis, bij een van de madrassa-leerlingen, die zwaar is toegetakeld. Twee jongens van de madrassa werden door een groep van zo’n twintig hindoes, bewapend met hockeysticks, in elkaar geslagen toen ze het slachtafval in een zak wilden afvoeren naar een plek buiten het dorp.

Abdul Salam (15) was erbij. Hij is nu gekleed in de lange witte shalwaar die madrassa-leerlingen dragen als ze de koran reciteren. Maar die fatale middag droeg hij gewoon een spijkerbroek en een t-shirt, en had hij geen bidmutsje op.

„Ze herkenden me niet als moslim, dus kon ik wegkomen. Maar mijn twee vrienden niet.”

Zijn stem trilt. „Onze auto werd tegengehouden door drie mannen op scooters. Ze belden. Toen kwamen twee auto’s vol mannen. Ze sloegen mijn vrienden met hun hockeysticks. Ik kon niets doen.”

De jongens nemen ons mee naar een kamertje achterin de kelder. Daar ligt een van de twee slachtoffers. Hij heeft bloeduitstortingen in zijn gezicht. Hij houdt zijn ogen gesloten, en kreunt als de jongens zijn shirt omhoogtrekken om zijn wonden te tonen. Tussen de beurse plekken van de hockeysticks zijn bloederige krassen te zien: steekwonden, niet diep genoeg om zwaar letsel toe te brengen – zo te zien heeft hij geluk gehad.

Koeienbeschermers

2709BUIkoetje

De madrassa-jongens werden het slachtoffer van gau rakshaks, zelfbenoemde ‘koeienbeschermers’. De term is het afgelopen jaar het Indiase vocabulaire binnen geslopen. Sinds het aan de macht komen van de BJP, de op hindoeïstische grondslag opererende partij van premier Narendra Modi, roeren hindoeradicalen zich steeds openlijker. In de meeste Indiase deelstaten is het slachten van koeien verboden. In de deelstaten Haryana en Maharashtra, waarin India’s economische hoofdstad Mumbai ligt, staan inmiddels zelfs jarenlange gevangenisstraffen op het prepareren, consumeren of in bezit hebben van koeienvlees. Vlees van de buffel – eveneens een rund – wordt vaak nog getolereerd.

De opmars van de gau rakshaks begon vorig jaar met het lynchen van een moslimman in Dadri, nabij Delhi, omdat hij koeienvlees zou hebben gegeten. Daarna doken steeds vaker berichten op over geweld. Het meest recente voorval was de moord op een moslim in Ahmedabad omdat hij kalfsvlees in zijn autoriksja zou hebben vervoerd.

Het was echter vooral het publiekelijk afranselen van vier Dalits eind juli in deelstaat Gujarat wegens het villen van een dode koe, dat tot ophef leidde in het overwegend hindoeïstische India. Dalits zijn vaak hindoe, maar worden door velen gezien als ‘onaanraakbare’ kastenlozen en daarmee als laagst geplaatsten in de hindoe-samenleving. Omdat hogere kasten zich te goed achten voor het ruimen van karkassen, zijn het vaak Dalits die worden ingeschakeld om de resten van overleden koeien te verwerken. Het geweld leidde tot omvangrijke Dalit-demonstraties, onder meer gericht tegen het vermeende hindoeradicalisme van de regerende BJP.

Toen zijn maten werden afgetuigd belde Abdul Salam uit Prem Nagar de politie. „Er kwam één agent en die deed helemaal niets. We hebben geprobeerd aangifte te doen, maar ze willen niet naar ons luisteren op het bureau”, vertelt Muhammad Rehman.

„De gau rakshaks zijn opeens overal. Het is erger geworden sinds premier Modi aan de macht is. Wij denken dat ze bescherming krijgen van de politie en politici.”

Bandieten

Aan de andere kant van Delhi, in de oostelijke wijk Lakshmi Nagar, zetelt een nationale organisatie van koeienbeschermers: de Bhartiya Gau Raksha Dal (BGRD). In een klein kantoortje op de eerste verdieping van een armoedig winkelpand bezweert voorzitter Pawan Pandit dat zijn organisatie niets van doen heeft met gewelddadigheid. En bescherming van de overheid krijgt hij al helemaal niet, zegt hij.

„Wij zijn niet blij met deze regering. Premier Modi doet niet genoeg voor Moeder Koe. Gau rakshaks die geweld gebruiken hebben geen plaats binnen onze beweging.”

Maar, geeft hij toe, hij heeft niet de mogelijkheid om de activiteiten van alle 6.200 leden te controleren.

„Buiten onze beweging heb je veel bandieten. Ze zeggen op te treden uit naam van Moeder Koe, maar ze laten trucks vol buffels en zelfs koeien op weg naar illegale slachthuizen passeren als er maar genoeg betaald wordt.”

Wie geen geld heeft, zoals de moslimjongens van de madrassa in Prem Nagar, wordt in elkaar geslagen.

Premier Modi heeft lang gezwegen over het toenemende geweld van hindoeradicalen. Maar vorige maand noemde hij „tachtig procent” van de gau rakshaks “asocialen die de samenleving ondermijnen” en uit waren op afpersing. In zijn toespraak richtte hij zich expliciet tot de Dalits, die hij bescherming toezegde. Volgens veel commentatoren waren Modi’s uitlatingen gericht op de deelstaatverkiezingen van komend jaar in Punjab en Uttar Pradesh – deelstaten die veel gewicht in de schaal liggen binnen het federale bestuur en waar de BJP de stemmen van de Dalits hard nodig heeft.

Acties

Modi’s uitspraken leidden onmiddellijk tot actie in Punjab, tegen een wel héél bruut optredend vrijwilligerslegertje onder leiding van Sushil Kumar. De groep verspreidde YouTube-filmpjes waarin ze vermeende koeiensmokkelaars in elkaar slaan en hun vrachtwagens in brand steken. Kumar en zijn mannen poseerden openlijk met vuurwapens.

„Als we een truck hebben aangehouden voelt het alsof we drugs hebben genomen”, zei Kumar in een undercover tv-reportage. De Indiase onderzoeksjournalisten van India Today toonden daarin aan dat de groep nauw samenwerkte met de politie. Een dag na de speech van Modi registreerde de politie van Punjab echter een proces verbaal tegen Sushil Kumar. Twee weken later werd hij gearresteerd en aangeklaagd wegens ontvoering, afpersing en „sodomie”: twee gemolesteerde vrachtwagenchauffeurs verklaarden dat Kumar hen had verkracht en in hun mond had geürineerd.

Maar de jongens van de madrassa in Prem Nagar voelen zich nog altijd onveilig. Afgelopen week verscheen een onderzoeksreportage over een militante groep koeienbeschermers in de aan Delhi grenzende deelstaat Haryana, vlakbij Prem Nagar. Opererend onder politiebescherming en bewapend met hockeysticks. „Punjab is ver weg, maar voor ons is het gevaar vlakbij”, zegt Muhammad Rehman. „Hier doet de politie niets tegen de radicalen.