Politie weet te weinig over dumpen drugsafval

De politie weet niet hoeveel drugsafval gedumpt wordt, welke dumpingsvormen gebruikt worden, en wat de gevolgen zijn van een dumping.

Bij een visvijver in het Brabantse Alphen werden in februari 2015 twintig 25 kilotonnen gevonden waar waarschijnlijk apaan in zit, een grondstof om xtc te maken. Foto Toby de Kort/ANP

De politie kent de schimmige wereld van het dumpen van drugsafval slecht. Ze weet niet hoeveel drugsafval gedumpt wordt, hoe er wordt gedumpt en wat de gevolgen zijn. Dit staat in het onderzoeksrapport van Politie en Wetenschap Elke dump is een plaats delict. Dumping en lozing van synthetisch drugsafval: verschijningsvormen en politieaanpak dat woensdag gepubliceerd wordt.

Het is voor het eerst dat in Nederland grootschalig onderzoek is gedaan naar dumpen en lozen van drugsafval. Daarvan is al jaren een toename te zien. Zo steeg het aantal dumpingen van 32 in 2010 naar 161 in 2015. In de eerste zes maanden van 2016 staat de teller alweer op 89, waarvan meer dan de helft van de dumpingen plaatsvond in Noord-Brabant.

Onderzoekers analyseerden die dumpingen en lozingen en spraken hierover met rechercheurs, gemeenteambtenaren, milieutoezichthouders, boswachters, en ‘groene boa’s’, bijzondere opsporingsambtenaren.

Lees ook over dumppraktijken in de drugswereld: Bosweg op, laadbak open, dumpen maar

Gebrek aan expertise

Eén van de conclusies: de politie realiseert zich niet genoeg dat een dumpplek een ‘plaats delict’ is en dat goed recherchewerk en forensisch onderzoek waardevolle informatie kunnen opleveren over het criminele netwerk achter de dumping of lozing. Onderzoekster Yvette Schoenmakers: „Er wordt meestal vanuit gegaan dat een dumping weinig oplevert.”

Een politiemedewerker, nauw betrokken bij onderzoek naar drugsafval in Nederland, beaamt dat. „Het ontbreekt ons echt nog aan expertise op dit gebied. Op de plaats delict wordt regelmatig onnauwkeurig met sporen omgesprongen.”