Column

Heb jij het juiste DNA voor op kantoor?

We worden overspoeld met kantoorclichés op ons werk. Worden we daar beter van, vraagt Japke-d. Bouma zich wekelijks af.

De Neanderthalers hadden DNA, apen hebben DNA – en planten, slakken en wij natuurlijk – maar tegenwoordig hebben ook bedrijven DNA. Zo las ik ergens dat een bedrijf „hands-on meewerken in het DNA” had zitten, kwam ik een CEO tegen die zei dat „afspraak is afspraak in ons DNA zit”, hoorde ik over een organisatie waarvan het DNA „passie en professie” was, en zijn er allerlei bedrijven die „werken vanuit hun pure DNA” en zich daar „heel prettig bij voelen”.

japke0

Meer #kantoorclichés op Twitter via @Japked

Meer #kantoorclichés op Twitter via @Japked

Allereerst: petje af bedrijven, dat jullie je DNA in kaart hebben gekregen. Het lukte wetenschappers pas in 2001 na decennia van studie met dure apparaten om het menselijke DNA te rubriceren en nu lukt het jullie al. Superfijn ook dat we nu niet meer hoeven gissen of een bedrijf het juiste DNA heeft. Allemaal even een wattenstaaf door de wangzak en we weten het.

Wat ik echter verdacht vind, is dat al die bedrijven alleen maar de positieve eigenschappen noemen die ze in hun DNA hebben zitten. Ik zou zeggen: als je het hele genoom op een rijtje hebt, nóém dan ook het hele rijtje. Dus niet alleen „de focus op professionaliteit” en „de kracht van verbinding”, maar ook de trage bezorging, de slechte helpdesk, en dat er al vier jaar geen creatief idee meer bedacht is. En als we dan toch bezig zijn, doe dan ook meteen even het cholesterol, de bloeddruk en de longinhoud. Het complete plaatje, zeg maar.

Maar belangrijker: is het voldoende dat iets in je DNA zit? Nee hè. Je zult er ook iets mee moeten DOEN. Zo heb ik zelf bijvoorbeeld een winnaarsmentaliteit, hoogbegaafdheid en een sportief lichaam in mijn DNA zitten, maar ja. En dan überhaupt: als alles in je DNA zit wat je op je werk doet, heb je dan nog wel eens vrij?

Wat ik verder tegen heb op DNA in bedrijven, is dat het dan wel erg vastligt. Want als iets eenmaal in je DNA zit, zie het er dan nog maar eens uit te krijgen. Stel bijvoorbeeld dat „hands-on” ineens uit de mode is en „hands-off” gevraagd wordt in de snel veranderende markt. Dan moet je aan de gentherapie om het te veranderen. En trouwens, ons DNA verschilt maar 40 procent van dat van fruitvliegjes hè? Ik weet niet precies of dat hier relevant is, maar ik dacht, ik zeg het gewoon even.

Maar het belangrijkste bezwaar dat ik tegen DNA op kantoor heb: is het wel de bedoeling dat het hele bedrijf hetzelfde DNA heeft? Dat is toch eigenlijk doodeng? Uit de evolutieleer had ik ook altijd begrepen dat het combineren van zoveel mogelijk verschillende genen de beste overlevingskansen garandeert. Bovendien, je moet er toch niet aan denken dat je DNA gemixt wordt met dat van die eikel van sales. Of dat de lepel in de kantine niet goed is afgewassen en dat je bij het wegslurpen van een goulashsoepje het DNA van de scrum master naar binnen hebt staan werken. Dan sta je elke morgen te stand-uppen omdat je DNA is vervuild.

Ik zou dan ook zeggen: we stoppen met al dat DNA op kantoor en we ontstijgen het. Want als het aan ons DNA lag, zaten we nog steeds in berenvellen in grotten. Ik bedoel: de toekomst van een bedrijf ligt niet in het DNA. Nee. De toekomst ligt in de aanpassing, de opvoeding, het geloof, de handhaving en de hoop.

En in de liefde natuurlijk.