De enige 28 websites uit Noord-Korea zijn gericht op het buitenland

Door een serverlek werd bekend dat Noord-Korea slechts 28 websites kent. De sites laten zien hoe Pyongyang zich aan de buitenwereld wil presenteren.

Foto EPA

Het world wide web bestaat uit meer dan een miljard websites, maar Noord-Korea laat zich niet opjagen. Door een serverlek werd vorige week via de programmeersite Github bekend dat het totalitaire land slechts 28 websites kent. Onder het .kp-domein, in 2007 toegekend aan de Noord-Koreanen, zijn onder meer pagina’s voor nieuws, een universiteit en Air Koryo, de enige luchtvaartmaatschappij ter wereld die op recensiesite Skytrax een beoordeling heeft van slechts één ster. Voor zover bekend zijn dit de enige Noord-Koreaanse websites op het world wide web.

Deze sites zijn voor het overgrote deel van de Noord-Koreaanse bevolking niet toegankelijk. Ze zijn gericht op het buitenland: ze brengen propaganda in het Engels, Koreaans en andere talen over de daden van „Gerespecteerde Maarschalk” Kim Jong-un. Zo is op de website van staatspersbureau KCNA te lezen dat Kim een herdenkingsmunt heeft laten maken voor „helden” die de kernproef eerder deze maand mogelijk hebben gemaakt.

Intranet

De 28 sites laten zien hoe Pyongyang zich aan de buitenwereld wil presenteren. Slechts een handjevol leden van de Noord-Koreaanse elite heeft toegang tot internet. Onder burgers heeft slechts een klein deel toegang tot het Noord-Koreaanse intranet Kwangmyong, dat computers verbindt via kabelnetwerken. De meesten hebben nog nooit een computer gebruikt.

Dit intranet is niet bereikbaar voor buitenstaanders. Vermoedelijk telt ook dit web slechts enkele tientallen sites. De meeste hiervan lijken van universiteiten en overheidsinstellingen, net als het internet begin jaren negentig. Dat weten we dankzij een Singaporese toerist die een poster in een bibliotheek in Rason fotografeerde.

Het Kim-regime blijft aan de macht door de bevolking te hersenspoelen met een minutieus uitgedachte ‘propagandawaarheid’. De grootste bedreiging hiervoor is kritische, onafhankelijke informatie. Dus kiest Pyongyang ervoor het hele land af te grendelen voor externe nieuwsbronnen om zo het monopolie op informatieverstrekking te houden.

Notels

Blijven de 24 miljoen Noord-Koreanen dan volledig verstoken van buitenlandse media? De meesten wel. Het enige wat staatsmedia over het buitenland berichten zijn loftuitingen aan Kim Jong-un en al dan niet verzonnen schandalen in Zuid-Korea, Japan en de Verenigde Staten.

Wel is de afgelopen twintig jaar een groot smokkelnetwerk ontstaan van China naar Noord-Korea voor usb-sticks en (micro-)SD-kaarten met westerse films, popmuziek en Zuid-Koreaanse soapseries. Die kunnen afgespeeld worden via goedkope mediaspelers, genaamd ‘notels’, die via dezelfde smokkelroute het land binnenkomen.

Een notel (een samenvoeging van notebook en televisie) is een kleine, draagbare DVD-speler met een USB- en SD-ingang, die opgeladen kan worden met een autobatterij – een belangrijke feature in een land waar elektriciteit een schaars goed is. Notels zijn in Noord-Korea goed verkrijgbaar op de zwarte markt, veel gewone Noord-Koreanen hebben er een.

Die films en soaps zijn dan wel geen internationale nieuwsmedia, maar voor Noord-Koreanen bieden deze vormen van entertainment een uniek kijkje in een wereld die hen vreemd is. En niet zonder gevolgen: meerdere Noord-Koreaanse vluchtelingen zeiden dat het zien van buitenlandse films hen er uiteindelijk toe dreef het land te verlaten.