Nederland is een islamofoob rotland, volgens Turkse media

Turkije

Onze correspondent merkt groeiend Turks wantrouwen tegen Nederland. De Turkse media schetsen een onvrij land waar Erdoganstrijders worden vervolgd.

©

De hashtag #ErdoganVoice OfTheOppressed is trending in Turkije. Zijn achterban deelt fanatiek de speech die hij heeft gehouden voor de Verenigde Naties in New York. Daarin herhaalt hij zijn oproep om in Syrië een bufferzone in te stellen, beschermd door internationale troepen. En dat de internationale gemeenschap veel te weinig doet voor vluchtelingen en Turkije juist heel veel.

Ik leef in twee werelden die steeds verder uit elkaar drijven. De populariteit van de Turkse president is in Turkije na de coup-poging gestegen. In Nederland staat het steunen van Erdogan, twee maanden na de mislukte machtsgreep, gelijk aan de duivel aanbidden.

Dezelfde avond zie ik een stuk van Nieuwsuur. Een groot deel van de verslaggeving gaat over de breuken binnen regeringspartij PvdA. Raadsleden van de PvdA in Kapelle stappen uit de partij omdat de partijleiding de Turkse Nederlander Bayram Erbisim, Statenlid in Middelburg, niet heeft geschorst.

Dat zou volgens de Zeeuwse sociaal-democraten moeten omdat hij niet wil spreken van ‘zuiveringen’ in de nasleep van de couppoging in Turkije. Erbisim heeft bovendien gezegd dat hij in Turkije waarschijnlijk op de partij van Erdogan zou stemmen. Onvoorstelbaar in de ogen van zijn partijgenoten.

De meeste Turks-Nederlandse politici houden zich bewust op de vlakte. Voor je het weet krijg je naar je hoofd dat je moet ‘op pleuren’ uit de Nederlandse polder. „Het is té gepolariseerd”, zegt een GroenLinks-Statenlid anoniem tegen Nieuwsuur. Ik weet niet wie het is, maar wat hij of zij zegt is herkenbaar.

Het Turkse debat over de vermeende parallelle staat die achter de mislukte machtsgreep van 15 juli zou zitten, en de Nederlandse discussie over Turkije sinds de coup-poging, gaan volkomen langs elkaar heen en botsen tegelijkertijd. Nederlanders hebben ontzettend sterke meningen over Turkije. Politici denken te scoren door anti-Turks te doen.

In Turkse media is Nederland nogal een islamofoob rotland. Het haalt hier het nieuws dat Wilders het jammer vindt dat de staatsgreep in Turkije is mislukt. En dat hij er geen Turk meer bij wil. Niets over de standpunten van andere partijen. Hooguit dat Kuzu van DENK heeft geweigerd Netanyahu de hand te schudden.

Geen wonder dat ik, toen ik afgelopen maandag voor een voormalige Gülenschool in Istanbul een docent aansprak, eerst zijn vragen moest beantwoorden over het gebrek aan empathie met Turkije in Nederland. Dat komt de laatste tijd erg vaak voor. Het wantrouwen groeit en daarin spelen media een grote rol.

De Turkse versie van de ophef over de vloggers van Poelenburg is dat ze onder vuur liggen omdat ze in een vlogje ‘ik ben een Erdoganstrijder’ hebben gezegd. En dat mag niet in Nederland, want daar is geen persvrijheid.

De correspondent van het grote tv-kanaal A Haber, zeer op de hand van de regering, is vijftien uur vastgehouden nadat hij heeft geprobeerd te filmen hoe de jongens werden opgepakt. Volgens de politie negeerde hij aanwijzingen op een plek waar een samenscholingsverbod was. Hij kreeg een boete.

„Ik ben met geweld geboeid en een politiecel ingegooid. Ik heb daar vijftien uur gewacht”, vertelt Fatih Özyar de volgende dag verontwaardigd op live televisie in Turkije. „ Ze hebben me geen vragen gesteld, en ze gaven me geen thee. Het was een totale marteling. (..) Ze zeggen dat er in Nederland vrijheid van gedachten, vrijheid van pers is. Maar nee. Je hebt in Nederland noch persvrijheid, noch meningsvrijheid. Dat heb ik afgelopen nacht geleerd.”

Het Turkse ministerie van Buitenlandse Zaken doet er een paar dagen later nog een schepje bovenop. „Met verbijstering en spijt hebben we waargenomen hoe de onderdrukkende behandeling totaal wordt genegeerd door degenen die altijd de meningsvrijheid en persvrijheid in Turkije bekritiseren.”

Een koekje van eigen deeg. In Nederlandse media zou volgens hetzelfde bericht sprake zijn van ‘hate crime’ door de ‘vijandige houding tegen onze president’.

Daar heb ik niet over geschreven. Ik was te druk met een verhaal over de schorsing van veertigduizend leraren.