Er kleeft meer aan Hanjin dan schulden

Containervervoer Hanjin Shipping stevent op een faillissement af. De Zuid-Koreaanse regering kijkt vooral toe. Is Hanjins reputatie te zeer aangetast?

Studenten van de Maritieme Universiteit tijdens de protestbijeenkomst. Foto Korean Federation of Port and Transport Workers Union

„We zijn heel erg trots dat we mogen werken in deze sector”, zegt vakbondsleider Yohan Lee tegen de ruim 1500 man die in de haven van Busan op plastic stoeltjes voor hem zitten. Op de voorste rijen vakbondsbestuurders, erachter studenten van de Maritieme Universiteit in hun witte uniform. Hanjin, de grootste rederij van Zuid-Korea, is voor afgestudeerden van deze universiteit de grootste werkgever. „Het is voor onze industrie het best als Hanjin gered wordt”, zegt Lee. „We vragen de overheid ons niet de rug toe te keren.”

Terwijl concurrent Hyundai Merchant Marine dit weekend begon met de aankoop van gezonde onderdelen van Hanjin, protesteren bonden en werknemers en hun familieleden tegen de ondergang van de rederij, die eind augustus surseance van betaling vroeg. Demonstranten houden bordjes vast met teksten als ‘we houden van Hanjin’ en ‘We zijn burgers van Korea’. Als het donker wordt, houdt iedereen een kaarslampje omhoog.

Hanjin Shipping (4.800 werknemers, omzet 6,8 miljard dollar) heeft 5 miljard dollar schuld. Het moet voor december een herstelplan indienen bij de rechtbank, die dan moet besluiten of de rederij nog levensvatbaar is. Sinds vrijdag hebben, dankzij noodleningen van onder meer zusterbedrijf en grootaandeelhouder Korean Air en de bank, zo’n 35 van ruim honderd schepen hun lading kunnen lossen.

Smeekbede aan de regering

Volgens Hye Kyung Kim, coördinator van de vakbond voor haventransport en de zeevaardersfederatie, kunnen de ongeveer zeshonderd bemanningsleden op de schepen het nog even volhouden. „Er is gezegd dat het salaris nog tot november gegarandeerd is, maar over hoe het daarna gaat is veel onzekerheid. Als er niet meer wordt uitbetaald, zullen werknemers de schepen verlaten.”

De vakbonden willen de regering binnenkort een petitie aanbieden, een smeekbede om Hanjin niet failliet te laten gaan. Maar het kabinet van president Park Geun-hye spant zich niet echt in, zegt Gil-Soo Kim, hoogleraar zeetransport en management aan de Maritieme Universiteit van Busan. „Hanjin heeft tot op het laatste moment gedacht dat de regering wel te hulp zou schieten. Het lijkt erop dat de regering een voorbeeld wil stellen. De overheid gaat chaebols (grote bedrijven die behoren tot de financiële kliek, red) niet langer automatisch helpen als ze niet ook drastisch saneren.”

Door de crisis voeren schepen wekenlang rondjes voor ze mochten lossen: Val Hanjin bedreigt kerstcadeautjes

Hanjin kan het eerste slachtoffer worden van de crisis in de containervaart. Door de dalende vraag uit China, gestegen concurrentie en steeds grotere schepen zijn de prijzen enorm gedaald. Ook Zuid-Koreaanse werven hebben te lijden en zitten in een grote saneringsoperatie. In juni besloot de Zuid-Koreaanse regering tot een noodfonds van bijna 9 miljard euro voor werven en rederijen.

De drie grote werven, Daewoo Shipbuilding, Samsung Heavy Industries en Hyundai Heavy Industries, moeten daarvoor samen wel ruim 6 miljard euro aan eigendom verkopen. Nu Hyundai Merchant Marine, met een schuld van ruim 4 miljard, onderdelen van Hanjin koopt, lijkt het of de lamme de blinde helpt. Het verschil is dat de overheid en een van de staatsbanken HMM wél hebben toegezegd financieel te hulp te schieten.

Geen verstand van de business

Waarom HMM wel en Hanjin niet? Volgens hoogleraar Kim spelen op de achtergrond andere zaken mee. Hanjin werd na de dood van de zoon van de oprichter Soo Ho Cho in 2006 geleid door zijn vrouw Eung-young Choi. In Korea zijn chaebols familiebedrijven, en familiebanden wegen bij opvolging zwaarder dan expertise. „Choi had geen enkel verstand van de business. Ondanks krimp in de sector bleef zij uitbreiden en zijn de schulden van Hanjin alleen maar toegenomen.”

Choi erkende haar gebrek aan kennis eerder deze maand overigens ruiterlijk tijdens een parlementaire hoorzitting over Hanjin. „Ik had niet genoeg expertise, daar ik altijd een huisvrouw ben geweest.”

Ze was wel zo slim haar aandelen in Hanjin Shipping ter waarde van twee miljoen euro van de hand te doen, twee dagen voordat Hanjin verzocht om onder curatele te worden gesteld. De koers kelderde. De financiële waakhond verdenkt Choi van handel met voorkennis.

Het komt bovenop een eerder schandaal met de dochter van de topman van Korean Air, Hyun-ah Cho. Zij liet eind 2014 een purser van boord sturen omdat hij haar noten in een zakje had aangeboden in plaats van op een dienblad. Hoogleraar Kim denkt dat de overheid misschien daarom ook de handen van Hanjin af wil trekken. In Zuid-Korea is aanzien heel belangrijk; de affaires leidden tot tot imagoschade voor Hanjin en de ermee verbonden familie.

Volgens Kim onderschat de Zuid-Koreaanse overheid de gevolgen als Hanjin echt omvalt. Hoewel van de 97 schepen er maar 37 eigendom zijn van de rederij - de rest zijn charters - is het voor de 4.800 werknemers nog maar afwachten of zij door Hyundai zullen worden overgenomen. Ook vakbondscoördinator Kim vindt dat een somber scenario: „Er zijn zo veel bedrijven die door een faillissement beïnvloed zullen worden. De ijzer- en staalindustrie, vrachtvervoerders; de hele logistieke keten zal eronder lijden.”