Kaartspel

Mijn zoon, indertijd tweeënhalf jaar, had grote belangstelling voor speelkaarten. Hij kende ze allemaal bij naam.

Op een dag stond hij achter een viertal fanatiek kaartspelende mannen op het Marktplein in Bergen op Zoom en bekeek geconcentreerd de kaarten in hun handen.

„Zo jochie, vind je dit interessant?”, vroeg de man achter wie hij stond. Waarop mijn zoon knikte en luid en duidelijk opdreunde: „Hartenaas, schoppenaas, schoppenboer, klavervrouw...” En ineens vond de man hem niet zo’n leuk jochie meer.