Europese leiders pleiten voor betere bewaking buitengrenzen

Dat was de belangrijkste boodschap van een Europese top van regeringsleiders zaterdag over asiel en migratie.

De regeringsleiders voorafgaand aan de top. Foto Joe Klamar / AFP

De buitengrenzen van de Europese Unie moeten beter verzegeld worden, vooral door het Europese grensagentschap Frontex meer manschappen en middelen te geven. Ook moet de EU met Mali, Senegal en Egypte deals sluiten zoals met Turkije. Dat was de belangrijkste boodschap van een mini-Europees topje van regeringsleiders, zaterdagmiddag in Wenen, over asiel en migratie.

De top, georganiseerd door de nieuwe Oostenrijkse kanselier Christian Kern, duurde amper twee uur - een werklunch. Alle landen langs de Balkanroute waren uitgenodigd, plus Europees president Donald Tusk en eurocommissaris Dimitris Avramopoulos. Anders dan op de fameuze Weense bijeenkomst van Balkanministers van afgelopen februari, die leidde tot het sluiten van de Balkan-migratieroute, waren ditmaal ook Duitsland en Griekenland van de partij en waren er nauwelijks scheve gezichten.

Symbolische waarde

De agenda bevatte weinig nieuws, maar voor sommige regeringsleiders was de symbolische waarde hoog. Zij willen het thuisfront tonen dat ze ‘aan de bal’ zijn, de boel in de hand hebben. Maar omdat politieke regie over het Europese migratieprobleem in elk land anders wordt uitgelegd, spendeerden de regeringsleiders volgens insiders erg veel tijd aan het opstellen van een eenduidige boodschap voor de pers. Ze gaven na de lunch briefings voor hun nationale pers in allerlei gebouwen verspreid over de stad, waarin ieder vooral nationale accenten legde.

De Oostenrijkse socialist Kern, die nu al (hij trad in mei aan) heibel heeft met zijn conservatieve coalitiepartner, en die als enige in Europa het handelsverdrag met Canada blokkeert en ook als enige de toetredingsonderhandelingen van Turkije wil stoppen, had er baat bij om zijn thuisfront te tonen dat hij een staatsman is. Hij zei dat hij “zeer tevreden” was met deze “open top, waarbij plain English werd gesproken”. Er was weinig nieuws, beaamde hij, maar “het is goed om elkaar te spreken en stapje voor stapje aan de oplossing te werken”.

Orbán

De Hongaarse premier Viktor Orbán, die op 2 oktober een referendum houdt over het Europese distributiesysteem voor vluchtelingen, maakt zich zorgen over een te geringe opkomst. Hij legde het accent op enorme “migrantenmassa´s” die in Libië de oversteek willen maken, kennelijk in de hoop dat Hongaren dan toch gaan stemmen.

Terwijl Kern zei dat over asielaanvragen in de regio niet gesproken was, beweerde Orbán in de Hongaarse ambassade het omgekeerde: een uur lang praatte hij over een plan dat hij op tafel zou hebben gelegd, over enorme kampen voor migranten aan de Libische kust, van waaruit alleen echte vluchtelingen naar Europa zouden mogen. Griekenland is volgens Orbán niet bij machte om zijn grenzen dicht te kitten, laat staan illegalen terug te sturen. “Europa heeft een verdedigingslinie nodig”, zei Orbán, die wel meer militaire termen gebruikte.

Vluchtelingen in Griekenland

De Griekse premier Tsipras, in wiens land 66.000 vluchtelingen en migranten gestrand zijn, vroeg vooral meer hulp voor opvang. Ook wil hij dat de EU helpt de grens met Macedonië te verzegelen. Zijn Bulgaarse collega, wiens land steeds meer vluchtelingen binnenkrijgt nu Griekenland nagenoeg een doodlopende weg is, deed hetzelfde.

De Duitse kanselier Angela Merkel probeerde, in een andere uithoek van de imperiale Hofburg, de Duitse pers zoals zo vaak het héle Europese verhaal te vertellen: dat van grensbewaking, onderlinge solidariteit én de opening van legale kanalen als drietrapsoplossing. Zij zei dat “illegale migratie gestopt moet worden”, maar beloofde dat Duitsland uit Griekenland en Italië “elke maand honderden legale vluchtelingen zal opnemen”.

Over één ding leken alle deelnemers, behalve Griekenland, het eens: de sluiting van de Balkanroute in maart had veel ruzie opgeleverd - maar nu die is bijgelegd en de aantallen vluchtelingen drastisch zijn teruggelopen, moet deze route potdicht blijven. “Voor altijd”, zei president Tusk.