Column

Representatieve vrienden

Deckwitz, Ellen 10-2015 01

Je moet alleen met een socioloog uit eten gaan als je het over de mens wilt hebben. Ik had eigenlijk geen zin in de mens maar wel in de socioloog, en zo zat ik woensdag tegenover haar, het over de mens te hebben. „Ik geloof niet meer in democratie”, zei ik en sloeg in één keer mijn maltbiertje achterover. De socioloog lachte.

„Dus je hebt zin in een dictatuur?”, vroeg ze.

„Nee”, antwoordde ik, „Maar ik heb het idee dat ik net zo goed niet kan gaan stemmen.” Ze humde op een manier waaruit ik kon opmaken dat ze het niet met me eens was maar mijn stelligheid wel vermakelijk vond. Eigenlijk had ik niet zozeer slechte ervaringen met de Tweede Kamer maar met referenda. Mijn hele omgeving had afgelopen april voor dat associatieverdrag met de Oekraïne gestemd, waardoor we ervan overtuigd waren dat heel Nederland dat had gedaan. We dachten dat iedereen dacht zoals wij, want wij waren slim en genuanceerd enzo. Wat waren we geschokt door de uitkomst.

Toen ik dat aan de socioloog vertelde, zei ze iets heel sociologisch.

„Die teleurstelling heeft te maken met het getal van Dunbar. Dat is het maximale aantal mensen waarmee iemand een stabiele sociale relatie kan onderhouden. Onderzoekers gokken dat dit maximaal 150 personen per individu zijn. Je denkt soms dat je vrienden representatief zijn voor de rest van de wereld. Terwijl ze natuurlijk vooral je vrienden zijn omdat jullie meningen overheen komen. Zo creëer je een zelfbevestigend wereldje. Van hooguit 150 man.”

Ik was zo van slag dat ik om de rekening vroeg. Toen ik naar huis wandelde, moest ik denken aan die keer dat ik met een vriend in Groningen Koninginnedag vierde op de Grote Markt. Duizenden mensen stonden om ons heen. De vriend zag opeens heel bleek.

„Er zijn zoveel mensen in ons land”, zei hij, „En de meesten zal ik nooit kennen”.

Dat was een eyeopener. Slechts een fractie van de Nederlanders zul je ooit spreken. Over de rest heb je slechts aannames, zoals dat ze de Nederlandse waarden willen ondermijnen, of dat ze Henk en Ingrid heten, of dat ze zich willen opblazen, of dat ze dol zijn op cavia’s. En van een nog kleinere groep weet je hoe ze echt zijn, of je ze kan vertrouwen, of ze geen seriemoordenaar of kindbepotelaar zijn enzo. Van de rest heb je geen idee.

Zo breng je dus straks in maart je stem uit, gebaseerd op gokken en aannames.

En van daaruit wordt er een beleid samengesteld. Ik wist niet of ik met deze kennis straks nog naar de stembus durf. Ik voelde me opeens heel eenzaam in een land met 17,3 miljoen inwoners.

Georgina Verbaan is in oktober weer terug op deze plek. Ellen Deckwitz vervangt haar tot die tijd.