Recensie

Flamencozangeres Martín intens en beheerst met KCO

KlassiekKon. Concertgebouworkest o.l.v. Thomas Søndergård met Mayte Martín (zang) & Vanesa Aibar (Dans). Gehoord: 22/9 Concertgebouw A’dam. Herh. 23/9 aldaar. 3

„Ik geloof in de magie van de naaktheid”, zegt flamencozangeres Mayte Martín. Dat zegt iets over haar en veel over de schoonheid van haar genre, maar flamencoliefhebbers moeten nog tot januari wachten op de Amsterdamse Flamencobiënnale. Mét Martín speelde het Concertgebouworkest nu wel al een aan Andalusië gewijd programma verrijkt met zang en dans.

Bij het Concertgebouworkest pakken de (relatief schaarse) cross-overs niet altijd even gelukkig uit. De conclusie is vaak dat een orkest gewoon het best klinkt in symfonisch repertoire. Hier was dat niet anders. De flamencozang van Martín klonk intens, temperamentvol en beheerst, maar de bekoring van het genre schuilt voor een belangrijk deel in de individuele beleving van de timing – voor een collectief van 60 man dus per definitie onnavolgbaar. Indringender klonk het tweede lied, ‘No me maltratess la vida’, in intiemere bewerking voor strijkers en met Martín zelf op gitaar.

De Nederlandse première van het orkestwerk Muros de dolor…III (2006-7) van Mauricio Sotelo bezat ondanks omineuze toonladders, een oerwoud van strijkers en locale invloeden (handgeklap, beklopte bassen) als geheel wat weinig urgentie en eenheid.

Zo was de hoofdmoot ook de topattractie: De Falla’s vurige ballet El amor brujo, dat met de gespierde dans van Vanesa Aibar en aanzwellende strijkers bij momenten betoverde. Thomas Søndergård dirigeerde vaardig, maar had een hormoonversnelling mogen opschakelen.