Opinie

Eis geen excuses, luister liever

Niet gaan staan bij het volkslied, vlogs online zetten: waarom doen mensen dat? Stel die vraag eens en verdiep je in deze sporters en vloggers, schrijft Philip Huff.

American footballspelers Colin Kaepernick (rechts) en Eric Reid blijven op een knie zitten tijdens het Amerikaanse volkslied, dat voorafgaand aan de wedstrijd tegen de Carolina Panthers op 18 sept. wordt gespeeld Foto AP

Het was de wereldpremière van het toneelstuk Anne, over Anne Frank, en koning Willem-Alexander was daarbij. Toen de koning vlak voor aanvang de zaal binnenkwam, stonden de meeste mensen op, maar niet iedereen. Achteraf zei een vriend: „Daar begrijp ik niets van, dat je blijft zitten als de koning binnenkomt”. „De mensen staan toch ook niet op als ik binnenkom?” zei iemand anders. “En ik leef niet eens op kosten van de staat.”

Ach, egalitair, pluche-rebels Holland: je gaat staan voor wat de koning vertegenwoordigt, namelijk voor Nederland en voor jezelf als onderdeel daarvan. We zijn allemaal prinsen en prinsessen en je zou dankbaar kunnen zijn voor wat het land ons wel geeft.

Er was de afgelopen weken veel te doen om enkele sporters in de Verenigde Staten die niet opstaan tijdens het volkslied. In een land waar in elke straat meerdere Amerikaanse vlaggen hangen, en waar veel scholen de dag beginnen met trouw zweren aan de vlag, staat dat bijna gelijk aan vlagverbranding.

Toen het volkslied werd gespeeld aan het begin van een oefenduel, eind vorige maand, bleef Colin Kaepernick, de 28 jarige quarterback van de San Francisco 49ers, zitten. Kaepernick, van Afro-Afrikaanse komaf, voelde zich daartoe geroepen omdat hij niet trots is op de vlag en het lied „van een land dat zwarten en andere mensen van kleur onderdrukt”.

Kaepernicks heldhaftigheid inspireerde anderen: afgelopen week bleven veel American Footballspelers tijdens het volkslied op een knie zitten. Mart Smeets turfde ze voor De Wereld Draait Door: „Dertig man”.

En één vrouw. Voetbalster Megan Rapinoe bleef gedurende de Star-Spangled Banner op een knie zitten tijdens de interland VS – Nederland. Ook zij deed dit als protest tegen de ongelijkheid en onderdrukking in haar land. Waar de sporters onvrede over voelden? Kaepernick: „Er moeten veel dingen veranderen. Police brutality bijvoorbeeld.”

Hij heeft gelijk. De kans dat Afro-Amerikanen staande worden gehouden door een politieagent die dan ook een wapen trekt, is twintig procent hoger dan bij andere bevolkingsgroepen. Black Lives Matter, het is op vele (kerk)gevels in New York te lezen, wordt upstate beantwoord met bumperstickers Blue Lives Matter (de politie-uitrusting is in de VS vaak blauw).

In dezelfde week dat de witte Rapinoe bleef zitten, plaatste de Amerikaanse rapper en ondernemer Jay Z op de site van The New York Times een ‘opinievideo’. De video is een aanklacht tegen de war on drugs die sinds begin jaren zeventig in Amerika wordt gevoerd en die disproportioneel meer slachtoffers onder Afro-Amerikanen maakt dan onder andere bevolkingsgroepen.

Bekijk de video van Jay Z: ‘Strijd tegen drugs heeft gefaald’

De cijfers uit Jay Z’s video zijn bekend, maar daarom niet minder schokkend: met meer dan 2,2 miljoen gevangenen hebben de VS de hoogste gevangenispopulatie ter wereld, een aantal dat sinds de jaren tachtig, het begin van ‘Reaganomics’, is verviervoudigd.

Afro-Amerikanen en Hispanics vormen meer dan de helft van dit aantal, terwijl ze nog geen kwart van de bevolking uitmaken. Dit komt wellicht omdat zwarte mensen tien (!) keer vaker tot een gevangenisstraf worden veroordeeld wegens drugsbezit dan witte mensen. En dat komt wellicht weer doordat het bezit van poedercocaïne (= drugs voor witte mensen) minder strafbaar is dan dat van crackcocaïne (= drugs voor zwarte mensen).

Jarenlang werd Jay Z, ondanks zijn miljoenendonaties voor Afro-Amerikaanse doelen, verweten te weinig te doen met zijn Afro-Amerikaanse afkomst. De rapper/ondernemer, opgegroeid met drie broers en zussen en een single mum, heeft een geschat vermogen van 550 miljoen dollar. In een van zijn grootste hits, Hard Knock Life (Ghetto Anthem) uit 1998, met een sample uit de musical Annie, benoemt hij de uitdagingen van het leven in de projects van New York, en beschrijft hij zijn weg omhoog.

Maar wie de harde armoede eenmaal achter zich heeft gelaten, moet er buiten zijn kunst niet te veel op terugkijken. Klagen over de American Dream of, beter gezegd, realistisch zijn over sociale mobiliteit en de sociaaleconomische uitdagingen voor vele bevolkingsgroepen, levert geen nieuwe fans op bij de rijkere bovenlaag. Bovendien: hij heeft het toch gered? Maar de laatste tijd lijken Jay Z en zijn vrouw, zangeres Beyoncé, wel oog te hebben voor de mensen die het niet redden in de projects.

Het is, als sporter en rapper, dapper je populariteit minder belangrijk te maken dan cijfers, feiten en politieke opvattingen. Zeker als je zelf zwart bent, en bekend, en dus kwetsbaar. Maar: het helpt wel. Want nu is er een eerste witte sporter die ook blijft knielen (wegkijken is meedoen), en komt Mart Smeets (over wit en bevoorrecht gesproken) voor je op. Hij zegt, heel terecht: „Kun je je de sfeer in de kleedkamer voorstellen?”

Je carrière ondergeschikt maken aan een idee van gelijkheid: dat is inderdaad iets anders dan blijven zitten als de koning binnenkomt.

Nederland is geen Amerika. Hier hebben we rapper Boef, die ook filmpjes online zet die ook anderen inspireren, zoals de Vomar-vloggers uit Zaandam. Ze bieden geen verdieping, eerder zijn het flarden uit een leven zonder veel uitzicht. Als Boef en anderen dan eindelijk bij de tv-presentatoren Humberto Tan of Jeroen Pauw in de uitzending komen, wil minister Hennis-Plasschaert van Defensie, die ook aan tafel zit, dat Boef voor zijn getreiter zijn excuses aanbiedt. De minister. Met haar witte huid, blonde haren, blauwe ogen en haar ministersalaris (en -aanzien en -netwerk). Excuses.

Arjen van Veelen deed afgelopen week in deze krant een dappere poging écht naar dit soort filmpjes te kijken, zoals die van ‘treitervlogger’ Ismail Ilgun uit de Zaandamse wijk Poelenburg – en zo de vlogs van de benodigde achtergrondinformatie te voorzien. Eerst de hulp aan Vogelaars achterstandswijken terugschroeven (bye bye schuldhulpverlening en bye bye buurthuis) schreef hij, vervolgens een gedoogcoalitie met hardline racist Wilders opzetten (voeg ik daar aan toe) en dán om excuses voor vlogs en opruiing vragen?

Lees de column van Van Veelen: Keen keld, wel een cameraatje en een kutleven

Hennis-Plasschaert had het in de uitzending over de „enorme offers die zijn gebracht voor de vrijheid waar we in Nederland van genieten”. Niet allemaal dus, merkte Van Veelen op. Ten minste, niet in dezelfde mate. (Etnische profilering, ooit last van gehad, Jeanine?).

Bekijk het fragment:

De vraag is wat aan het gedrag van Boef, Ilgun en andere vloggers zoals zij ten grondslag ligt. Ten eerste noemt Van Veelen terecht „Keen keld, wel een cameraatje”. Die camera is een radar in het mechanisme dat Humberto Tan en co. elke avond voeden: de roem en bijhorende rechtvaardiging van bestaan door op televisie te zijn. Maar daaronder ligt ook een frustratie verder niet aan de maatschappij deel te nemen. Niet geliefd te zijn, niet gerespecteerd, niet gezien. Tenzij je treitert – het ‘kutleven’ waar Van Veelen spreekt over. De stress van deurwaarders, honger en (passieve) discriminatie bij sollicitaties bijvoorbeeld.

Dáár liggen de uitdagingen en de vragen voor politici. Niet bij excuses vragen.

Treiterkoppen houd je altijd. Maar het punt is dit: wil je niet opstaan voor volkslied of koning, dan moet je een goede reden hebben. Dat geldt zelfs voor je middelvinger opsteken naar de politie. Dan is het wellicht een goed idee om eerst naar hun redenen te luisteren, in plaats van direct om excuses te vragen. Dat kan daarna nog, sterker, die komen dan vaak vanzelf. Ilgun bood deze week zijn excuses aan voor het belagen van een cameraploeg van Hart van Nederland. Ik heb Mark Rutte nog geen sorry horen zeggen voor zijn „tuig van de richel”.

Tot slot: het idee dat financiële vrijheid je in staat stelt om veel van de problemen in de maatschappij te omzeilen, is geen structurele oplossing voor iedereen. Kaepernick (dapper), Boef (hoogmoedig), Ilgun (onbesuisd): ook zij zoeken iets wat hen vertegenwoordigt, of het nu gaat om een volkslied, een vlog of beleid. Om een buurthuis, gelijke kansen, hulp hun leven op te zetten.

Dat zit niet alleen in het uiterlijk. Minister Hennis-Plasschaert kan hen ook representeren, door naar hun frustraties te kijken en te luisteren en haar collega Plasterk (nog zo’n wit succesverhaal) vragen er iets aan te doen.

Hetzelfde geldt voor de media. Het gaat op de opiniepagina’s nu alleen maar over integratieproblematiek, om treitervlogs, maar de zorgen van de ‘gewone’ Turkse of Marokkaanse Nederlander worden daarvóór niet serieus genomen. We lachen ze uit als ze om een eigen plek vragen. Vice-hoofdredacteur Casper Sikkema had gelijk toen hij schreef dat dat Humberto Tan onbedoeld liet zien waarom gasten als Boef ‘schijt’ hebben aan. Omdat de minister ook schijt aan hen heeft. Dát is de boodschap, van knielen en vloggen: stop met schijt hebben. Negeer ons niet.