Rutte wil chronisch ontevreden kiezer meer zekerheid bieden

Algemene Politieke Beschouwingen

Na alle bezuinigingen en hervormingen zoeken partijen antwoord op de onvrede.

Premier Rutte donderdagochtend op de tweede dag van de Algemene Politieke Beschouwingen in de Tweede Kamer. Foto ANP / Remko de Waal

Hoe bereik je de wantrouwige kiezer? Over de hoofden van hun politieke concurrenten heen proberen de politieke leiders woensdag en donderdag hun beeld van Nederland te schetsen.

Premier Mark Rutte probeerde het donderdagmorgen door op de persoonlijke tour te gaan. Aan het begin van zijn antwoorden aan de Tweede Kamer, in het debat over de kabinetsplannen voor volgend jaar, begon de premier over het zoontje van goede vrienden. Die vroeg zich af, vertelde Rutte, of hij minder is omdat hij naar het vmbo gaat in plaats van naar het vwo. En zijn eigen vader voorzag al in de jaren tachtig de negatieve gevolgen van de robotisering voor de arbeidsmarkt, vertelde hij ongevraagd.

Rutte vatte het politieke debat van dit moment samen als: „Zekerheid, of in elk geval het streven daarnaar”. Dat zelfs de liberale premier hier nu over begint, laat zien hoezeer de stemming op het Binnenhof de laatste tijd omgeslagen is. Van vooral bezuinigen en hervormen naar de vraag of Nederlanders al die veranderingen eigenlijk nog wel kunnen bijbenen.

Lees ook: Het liveblog over de Algemene Beschouwingen, waar we nog tot vanavond het debat in de Tweede Kamer volgen.

Hoe gaan we om met ontevreden kiezer?

Op dag één van de Algemene Beschouwingen worstelden de fractievoorzitters ook al met de vraag: hoe bieden we de chronische ontevredenheid in het land het hoofd? Het stereotiepe beeld is dat politici niet luisteren naar ‘de kiezer’. De werkelijkheid is dat vrijwel alle partijen zich juist pijnlijk bewust zijn van het gebrek aan vertrouwen in de politiek.

Uit allerlei onderzoeken blijkt dat burgers, ondanks het herstel van de Nederlandse economie onder Rutte II, ontevreden zijn over de ‘stand van het land’ en weinig vertrouwen hebben in de politiek. Televisieprogramma EenVandaag deed deze week uitgebreid onderzoek naar het vertrouwen van Nederlanders in de politiek en dat is laag.

Herstel je dat vertrouwen door steeds te blijven benoemen dát het laag is? Woensdag was dat bij vooral de kleine en middelgrote partijen wel de tactiek. Zo zei Alexander Pechtold (D66): „Mensen verwachten van ons dat we samenwerken”. Om vervolgens toch de onderlinge verschillen op te zoeken.

Duidelijk werd dat twee onderwerpen de komende verkiezingscampagne kunnen gaan domineren: de gezondheidszorg en de ‘Nederlandse manier van leven’. En hoe dat laatste te verdedigen in tijden van vluchtelingen en radicaal-islamitisch terrorisme.

Lees ook: Debat over ‘wat Nederland is’, ons verslag over de eerste dag van de Algemene Politieke Beschouwingen.

Inkomensongelijkheid

De laatste begroting van Rutte II kwam tijdens dag één amper aan bod. Alleen Diederik Samsom (PvdA) verdedigde de erfenis van zijn partij in het kabinet met vuur. Hij wist de aanvallen van zijn linkse opponenten Emile Roemer (SP) en Jesse Klaver (GroenLinks) vakkundig af te slaan, met dank aan een grondige kennis van feiten en cijfers. De constatering van Klaver dat onder Rutte II de ongelijkheid is gegroeid, noemde hij „een flagrante leugen”.

Maar deze gedetailleerde Haagse woordenstrijd is niet wat blijft hangen van deze Algemene Beschouwingen. Dat was het debat over de Nederlandse identiteit – vooral gevoerd door VVD, CDA, PVV en de nieuwe partij Denk. De Nederlandse nasleep van de mislukte coup in Turkije speelde daarbij een centrale rol – met Geert Wilders (PVV) als meest uitgesproken vertolker van het onbehagen in het land. „Als we niets doen, overleven we het niet.”