Massale sterfte dreigt onder Nederlandse merels

Biologie

Virologen vrezen voor een grote uitbraak van het usutuvirus in Nederland. Dat zou tienduizenden merels het leven kunnen kosten.

Foto Istock

Er is in Nederland een „grootschalige uitbraak” gaande onder merels van het dodelijke usutu-virus. Dat denken deskundigen. „Ik verwacht de komende tijd massale sterfte”, zegt viroloog Chantal Reusken van het Rotterdamse academisch ziekenhuis Erasmus MC.

Er zijn dode, besmette merels gevonden in Gelderland, Noord-Brabant en Limburg. Lokaal kunnen duizenden of tienduizenden merels doodgaan aan het virus. Dat is een merkbare afname. Nederland telt circa 1 miljoen merels (als broedvogel, in de winter zijn het er meer).

Zangvogels en uilen

Een week geleden maakten Nederlandse onderzoeksinstituten bekend dat het usutuvirus voor het eerst in Nederland was gevonden. Het usutuvirus is een vogelvirus dat door muggen verspreid wordt. Vooral merels zijn vatbaar, maar ook andere zangvogels en uilen kunnen eraan sterven.

In 1996 is het virus voor het eerst in Europa gezien. Grote uitbraken vonden plaats in Oostenrijk (2001) en in Duitsland (2011). Het veroorzaakte daar massale sterfte: in Duitsland stierven naar schatting 300.000 van de 9 miljoen merels.

In Midden-Europese landen heeft het virus zich sindsdien gevestigd. In Nederland kwam het virus echter niet voor. Maar sinds de tweede helft van augustus zijn er ineens opvallend veel dode merels, zegt woordvoerder Margriet Montizaan van het Dutch Wildlife Health Centre. „Ineens melden mensen bij ons dat ze drie, vier, of tien dode merels zien.”

Ook in België

Inmiddels heeft het Erasmus MC het usutuvirus bij circa vijftien merels aangetoond. Ook zijn enkele laplanduilen van dierenhouders doodgegaan aan het usutuvirus. Die uilensoort, die in Nederland niet in het wild voorkomt, is erg bevattelijk voor het virus. De Vlaamse natuurorganisatie Natuurpunt meldde woensdag dat het virus in België ook voor het eerst veel vogelsterfte geeft.

Hoewel het aantal onderzochte dode vogels in Nederland tot nog toe klein is, gaan deskundigen ervan uit dat de uitbraak groot is. Doorgaans vallen dode vogels pas op als ze massaal sterven. Montizaan van het DWHC: „Nu er media-aandacht voor is, krijgen we veel meldingen binnen. Donderdagochtend had mijn collega ineens vijfhonderd berichten.”

Bovendien werd in augustus bekend dat het usutuvirus al eerder dit jaar in Nederland voorkwam. Dit voorjaar startte een kleinschalig vooronderzoek voor de studie Eco-alert, waarin vogelringers slijm afnemen bij gezonde vogels om ziekten te vinden waar mensen ziek van kunnen worden. Toen het Erasmus MC in augustus de eerste monsters analyseerde, bleek dat twee gezonde merels die in het voorjaar waren gevangen, ook het virus bij zich droegen.

Ziek van usutu

Virologen proberen nu snel meer gegevens te krijgen over de omvang van de Nederlandse uitbraak, door dode merels en gezonde vogels op het virus te testen. Verzwakte mensen kunnen ziek worden van usutu, maar dat is zeer uitzonderlijk.

De omstandigheden voor het virus en voor de muggen zijn goed, door de warme en droge nazomer – als die voortduurt.

Ook in Duitsland vlamt het virus juist deze weken op na enkele rustige jaren, meldde de Naturschutzbund Deutschland (NaBu) donderdag. Vogeldeskundige Lars Lachmann: „We zien een opleving in alle gebieden waar usutuvirus eerder voorkwam, en in nieuwe gebieden rond Leipzig.”

In Duitsland komt het virus vooral voor in het stroomgebied van de Rijn en in de stad Berlijn, dus in de warmere delen van het land. Lachmann: „Ik denk dat het klimaat in heel Nederland geschikt is.”

Dorpen zonder merels

Lachmann maakte tussen 2011 en 2012 een schatting van de Duitse merelsterfte door usutu, op basis van de jaarlijkse tuinvogeltellingen. In de Kreise (Duitse gemeenten) waar het virus voorkwam, nam het aantal merels met 21 procent af door het virus. „Er zijn dorpen waar de merels tijdelijk helemaal verdwenen.” Na zo’n vier jaar was de merelstand echter hersteld, doordat vogels immuun worden en door nieuwe aanwas. „Vervolgens verwacht je een nieuwe golf. Dat is misschien wat we nu zien.”

Het is overigens niet zeker dat de Nederlandse uitbraak is overgewaaid uit Duitsland of andere buurlanden. Het usutuvirus verspreidt zich lokaal slechts langzaam (circa 30 kilometer per jaar) omdat merels noch muggen grote afstanden afleggen. Het is goed mogelijk dat trekvogels uit Zuid-Europa of Afrika het virus naar Nederland hebben gebracht.

Wie dode of zieke vogels vindt, kan ze melden bij het DWHC of bij vogelorganisatie Sovon.