Column

Gratis of niet, de zorg is geen ijsje

©

Toen Peter Brabeck, de baas van Nestlé, het grootste voedingsmiddelenconcern ter wereld, in een interview pleitte voor privatisering van water omdat mensen die „blijven doordrammen over water als een mensenrecht er een extreme, radicale visie op nahouden”, was ik heel blij.

Niet omdat ik het eens was met hem, maar omdat het een zeldzaam eerlijke uiting was van hoe veel mensen in toplagen van multinationals denken. Ze zijn oprecht van mening dat alles vermarkten, zelfs water, verstandig is.

Door dit denken, dat in de afgelopen dertig jaar ook werd overgenomen door de meeste – zelfs sociaal-democratische – politici, is ‘de markt’ een soort alwetende god geworden. ‘Gaat heen en privatiseer!’, is zijn heilige motto. Dankzij Brabeck was dat weer even helder.

Begrijp me niet verkeerd, ik ben geen communist. Ik vind niet dat de staat verantwoordelijk moet zijn voor bijvoorbeeld ijs, bier of kleding. Dat soort goederen kunnen het beste geproduceerd worden in een vrije markt, waarbij ‘vrij’ altijd met een lichte korrel zout moet worden genomen.

Zo zal die vrije markt zonder publiek bekostigde infrastructuur nauwelijks functioneren. Zonder regulering door de overheid bestaat het risico dat giftige stoffen belanden in consumentenproducten. De staat heeft, kortom, altijd een rol in de economie, zelfs in een vrije markt.

Van belang is of we de fundamentele vraag durven te stellen of zaken als onderwijs, zorg, veiligheid en water ook producten zijn die we, net als een ijsje, kunnen reduceren tot een op winst gericht rekensom. Als ieder mens, rijk of arm, recht heeft op goede zorg, lijkt het beleid dat in ons land is ingezet vooral gericht op het tegenovergestelde. Door decentralisaties, bezuinigingen en machtsuitbreiding naar zorgverzekeraars is onze zorg minder toegankelijk geworden. Patiënten-, sorry, ‘zorgconsumenten’-organisaties, artsen en andere experts luiden elk jaar de alarmbel. Zo bleek uit een onderzoek van Binnenlands Bestuur en van gehandicaptenkoepel Ieder(in) dat een kwart van de mensen afziet van zorg waar de gemeente voor verantwoordelijk is. Reden: de steeds hogere eigen bijdragen. Het Nibud publiceerde onlangs een rapport waaruit blijkt dat zorgkosten voor chronisch zieken en gehandicapten de afgelopen vijf jaar verdubbeld zijn, onder andere vanwege het stijgende eigen risico en de toenemende ‘eigen bijdrage’ voor hulpmiddelen. Alle onderzochte groepen zijn er op jaarbasis meer dan een maandsalaris op achteruit gegaan.

Dat zou allemaal noodzakelijk zijn vanwege de vergrijzing in ons land. Terwijl in landen zoals Denemarken, Zweden en Finland, waar de vergrijzing nog veel groter is, de relatieve zorgkosten lager zijn en de kwaliteit vergelijkbaar of hoger is. Zou het kunnen zijn omdat die landen er niet voor hebben gekozen om een essentieel mensenrecht zoals zorg enkel als consumptiemiddel te gaan beschouwen? „Er is geen gratis ijs”, zei minister Edith Schippers afgelopen zondag toen ze het stijgende eigen risico in de zorg verdedigde. Soit, ze gebruikt een stropop: iets publiek bekostigen is heel wat anders dan ‘gratis’. Niettemin verdient Schippers, net als Nestlé-baas Brabeck, alle lof voor haar uitspraak. Ze geeft eerlijk aan dat ze ziekte en gezondheid als niets anders beschouwt dan een ijsje. Als je geld hebt koop je de lekkere, goed gevulde Magnum Almond. Als je weinig geld hebt koop je hoogstens het eigen merk ijsje van de Vomar. Die is van buiten hetzelfde, maar er zitten nauwelijks amandelen in. En de vanille is nep.

Zihni Özdil is historicus en auteur van Nederland mijn vaderland (De Bezige Bij).