Wat klopte er vandaag van de beweringen in de Tweede Kamer?

Emile Roemer (SP) in de plenaire zaal tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen. Foto Remko de Waal/ANP

NRC deed woensdag de hele dag live verslag van de eerste dag van de Algemene Politieke Beschouwingen. We checkten daarbij een aantal beweringen die de fractievoorzitters tijdens het debat hebben gedaan.

Van der Staaij: ‘Zelfs in honderd jaar halen we NAVO-norm niet’

Kees van der Staaij (SGP) zei dat - als het kabinet de defensiebegroting in dit tempo blijft verhogen - het nog “ruim honderd jaar duurt” voordat Nederland voldoet aan de tweeprocentnorm van de NAVO. We checken:

“De NAVO stelt dat ieder lid twee procent van zijn bbp aan defensie moet uitgeven. Komend jaar is dit in Nederland 1,2 procent, maar de uitgaven aan defensie stijgen met 4 procent. Wanneer het bbp gelijk zou blijven en de defensie-uitgaven elk jaar in dat tempo groeien, dan wordt de tweeprocentsnorm in 2031 bereikt. Het is echter heel onwaarschijnlijk dat de economie vijftien jaar lang niet groeit. Komend jaar stijgt het bbp waarschijnlijk met 1.7 procent. Als de economie in dit tempo blijft groeien, wordt de tweeprocentsnorm pas in 2041 gehaald. Maar ook 2041 is nog bij lange na geen honderd jaar.”

Daarom is deze uitspraak onwaar.

Zijlstra: Syriër met status kan direct taalcursus doen

Onze Justitie-verslaggever Christiaan Pelgrim checkte de bewering van Halbe Zijlstra (VVD) dat een Syriër “al op dag 2 of 3″ een vluchtelingenstatus krijgt en dus binnen een paar dagen een taalcursus kan doen:

“Vluchtelingen mogen pas beginnen met een taalcursus vanaf het moment dat ze een verblijfstatus hebben. Eerder riep een linkse Tweede Kamermeerderheid de regering op om die taalcursus al in asielzoekerscentra aan te bieden, “vanaf dag 1”. Staatssecretaris Dijkhoff (Veiligheid en Justitie, VVD) weigerde gehoor te geven aan die oproep, omdat deze cursus misschien “verwachtingen scheppen” voor asielzoekers die nog afgewezen kunnen worden. Asielzoekers uit oorlogslanden zoals Syrië moeten op dit moment zes à acht weken wachten voordat ze een asielverzoek kunnen indienen. Daarna start de asielprocedure, die ook ongeveer tien weken duurt.”

De bewering van Halbe Zijlstra is dus onwaar: Syriërs krijgen na zo’n 16 à 18 weken een status, ongeveer 3,5 maand.

Zijlstra: na Turkijedeal daalde asielaanvragen met 76 procent

We checkten nog een uitspraak van Zijlstra. De VVD-fractieleider zei in het debat dat in de eerste zes maanden na de deal met Turkije het aantal asielaanvragen in Nederland met 76 procent daalde.

“De cijfers (PDF) van het IND (Immigratie- en Naturalisatiedienst) komen overeen met die van Zijlstra. Het aantal asielaanvragen daalde inderdaad met 76 procent. Sinds de afspraken met Turkije daalde tot en met juni iedere maand het aantal asielaanvragen. In juli en augustus steeg het aantal asielverkiezingen weer licht.”

Zijlstra’s uitspraak blijkt dus te kloppen:

Zijlstra: grootste inkomensstijging mensen met minimumloon

Zijlstra beweerde ook dat mensen met een minimumloon de afgelopen jaren de grootste inkomensstijging zouden hebben gehad. We pakten er cijfers van het CBS bij:

“De meest recente cijfers van het CBS over dit onderwerp gaan over 2013. In dat jaar steeg het inkomen van mensen met een laag inkomen met dertien procent en steeg daarmee het hardst van alle inkomensgroepen. Het is onbekend hoe de inkomens van deze groep zich de afgelopen twee jaar ontwikkelde, dus daarom is de bewering niet te checken. De koopkracht van deze groep steeg in 2014 en 2015.”

De bewerking van Zijlstra is niet te checken.

Roemer: ‘Armoede onder werkenden groeit’

De armoede onder werkenden groeit, zo beweerde Emile Roemer (SP) tijdens zijn betoog. Even checken:

“Tussen 2012 en 2014 is het aantal huishoudens dat een inkomen lager dan de lage-inkomensgrens heeft en van wie het belangrijkste inkomen arbeid is inderdaad gegroeid. Kanttekening hierbij is dat in 2013 en 2014 het aantal huishoudens van wie arbeid het belangrijkste inkomen is dat onder deze grens verdiend stabiel is op 151 duizend huishoudens.”

De uitspraak van Roemer is dus waar.

Roemer: kwart twintigers kan voor zichzelf zorgen

Roemer zei ook dat een kwart van de twintigers nog maar voor zichzelf kan zorgen.

“Op basis van de meest recente cijfers van het CBS blijkt dat in 2014 inderdaad een kwart van de jongeren tussen de 20 en 25 niet financieel onafhankelijk is. Twintigers zijn echter ook mensen tussen de 25 en 30. In deze groep is de financiële onafhankelijkheid een stuk hoger: 65 procent.”

De uitspraak van Roemer is dus half waar.