Koning in Troonrede: reden voor trots in tijden van onrust

Koning noemt achterlaten economische crisis “collectieve prestatie”, maar begrijpt zorgen bij mensen over internationale ontwikkelingen.

Foto ANP / Sander Koning

Nederland heeft veel om trots op te zijn, ondanks het “onrust en onbehagen” over de asielcrisis en terrorisme dat de huidige tijd kenmerkt. Dat was de boodschap van koning Willem-Alexander in zijn jaarlijkse Troonrede, die hij dinsdagmiddag uitsprak in de Ridderzaal.

De koning zei dat de financieel-economische crisis “achter ons ligt” en constateerde dat Nederland een “welvarend en aantrekkelijk land” is. “We hebben veel om trots op te zijn en verder op te bouwen”, aldus de koning. Tegelijkertijd is het begrijpelijk dat er in de samenleving zorgen zijn over internationale ontwikkelingen, zei de koning:

“De internationale dreiging van terrorisme, de instabiliteit aan de buitengrenzen van Europa, het vluchtelingenvraagstuk en de economische onzekerheden op de wereldmarkt zijn immers reële problemen met een grote impact op het dagelijks leven.”

De koning ging uitgebreid in op het herstel van de economie, wat volgens hem gedeeltelijk te danken is aan maatregelen van het kabinet. Maar het is bovenal een “collectieve prestatie”:

“Politieke tegenstellingen werden overbrugd en verschillende maatschappelijke belangen zijn met elkaar verenigd. Nog niet eerder werden zoveel grote hervormingen tegelijk in gang gezet, vaak met steun van oppositiepartijen en maatschappelijke organisaties. [...] Zonder het doorzettingsvermogen, het harde werken en de ondernemerszin van de Nederlandse bevolking was het resultaat minder positief geweest.”

‘Terroristen mogen onze waarden niet bedreigen’

Het aanstaande Britse vertrek uit de EU leidt volgens de koning tot “nieuwe onzekerheden in Europa, die Nederland rechtstreeks raken”. “Het Verenigd Koninkrijk is een belangrijke handelspartner en de brexit kost banen, ook in ons land. Het doel van de regering is dat de economische relaties sterk blijven.”

De koning memoreerde ook de “afschuwelijke” terreuraanslagen van afgelopen jaar, zoals die in Frankrijk en België, en zei dat “wij op geen enkele manier mogen en zullen toestaan dat terroristen onze vrijheid, onze veiligheid en onze democratische waarden bedreigen”.

Aan het einde van de Troonrede noemde de koning het “logisch” dat er in de samenleving ongerustheid bestaat over de komst van grote groepen vluchtelingen. De koning benadrukte dat een aantal democratische waarden die Nederland kenmerken niet veronachtzaamd mogen worden:

“Iedereen die in ons land wil wonen, moet deze waarden respecteren en naleven. Van niemand wordt gevraagd de eigen herkomst of cultuur te verloochenen, maar aan grondwettelijk vastgelegde normen kan niet worden getornd en tegen intimidatie en geweld wordt hard opgetreden.”