Dekker: ‘Laat NPO 3 alleen verder gaan op internet’

Publieke Omroep De omroepen moeten meer haast maken op internet, vindt staatssecretaris Sander Dekker (Media, VVD) . Maar YouTube en Facebook blijven taboe.

Foto ANP

Twee jaar geleden stond hij op het Veronicaschip, nu in de raadzaal van Hilversum waar Linda de Mol huwelijken voltrok in Love Letters. Staatssecretaris Sander Dekker (Media, VVD) heeft een voorkeur voor locaties met omroephistorie om Hilversum de waarheid te zeggen. Waar tussen 1990 en 2005 paartjes trouwden in het TROS-amusementsprogramma, hield de staatssecretaris de omroepen maandagmiddag voor dat zij meer haast moeten maken op digitaal terrein.

In 2014 ontvouwde Dekker zijn plannen, om de publieke omroep „open te breken”, op het voormalige zendschip van zeepiraat Veronica. Dat resulteerde in de nieuwe Mediawet die Dekker met veel averij door het parlement loodste. Maandagmiddag liet Dekker zich interviewen op een bijeenkomst van vakblad Broadcast Magazine.

„Alleen als de publieke omroep zich weet aan te passen, zie ik een lang bestaan voor me. Verdwijnen van de omroep zou doodzonde zijn. Maar het mag én moet sneller. Het bereik onder jongeren staat zwaar onder druk. Dat vraagt meer snelheid.”

Wat Dekker betreft wordt NPO 3 een zender (of platform) alleen op internet. In februari besloot de BBC zijn jongerenzender BBC 3 ‘web only’ te maken. „Wanneer dat in Nederland zou moeten gebeuren, moeten wij niet opleggen in Den Haag”, aldus Dekker. „De NPO moet een verstandig moment zoeken. Je zou geen bereik moeten verliezen door over te gaan naar een internetplatform.” In het Verenigd Koninkrijk wordt nu geklaagd dat BBC 3 zich te zich heeft ‘teruggetrokken’ op internet.

Jongeren kijken geen traditionele tv meer

Maar voor de staatssecretaris is het simpel: de omroepen moeten veranderen. „Want jongeren gaan nooit meer terug naar het traditionele tv-kijken.” Uitgebreide YouTube-kanalen van de NPO of de individuele omroepverenigingen ziet Dekker echter niet zitten. „Ik ga dat niet verbieden. Maar ik zie daarin een groot risico. Als je vol inzet op YouTube of Facebook, breng je al je advertentie-inkomsten naar de grote Amerikaanse internetbedrijven. Nederlandse omroepen die programma’s maken met belastinggeld moeten niet de Amerikaanse moguls spekken.”

Liever wil Dekker dat de Nederlandse tv-bedrijven – NPO, RTL én SBS – beter samenwerken om eigen kanalen te ontwikkelen om de jonge kijker te bereiken. Dekker prees het initiatief NLziet, de gezamenlijke ‘Netflix’ van de drie grote Nederlandse tv-blokken, maar die is tot op heden geen succes. „Als ze echt een vuist willen maken, moeten zij samenwerken. Alleen ben je te klein.”

Anders dan de shock and awe van Dekkers speech op het Veronicaschip reageerden de omroepvertegenwoordigers in de zaal gisteren eerder geprikkeld dan onthutst op Dekkers betoog. „Het zijn niet zozeer de zakken van de internetbedrijven die we zouden spekken”, zei Lennart van der Meulen (directeur VPRO) vanuit de zaal tegen Dekker. „Het zijn de grote distributeurs zoals Liberty Global die bakken met geld verdienen ten koste van de omroep.” Liberty Global is het moederbedrijf van Ziggo, het grootste kabelbedrijf in Nederland.

Wat gaat de staatssecretaris doen tegen de macht van die tv-distributeurs? wilde Van der Meulen weten. Weinig, antwoordde Dekker. Kabelbedrijven zijn volgens hem „gewoon bedrijven die een centje willen verdienen”. En als ze te machtig worden, is daar altijd nog de mededingingsautoriteit die daar een stokje voor kan steken. Van der Meulen kon zijn ergernis over dat antwoord slechts met de grootste moeite onderdrukken.

Directeur Gerard Timmer van BNN-VARA stelde in een reactie dat de publieke omroep nu al veel jongeren trekt op zijn digitale platformen, maar dat valt nog niet goed te meten. Ouderwetse kijk- en luistercijfers werken niet online. De omroepen zouden ook meer online moeten maken wat jongeren willen kijken. En ja, dat is met name amusement, het genre dat Dekker wil bannen van de publiek gefinancierde kanalen. Dekker: „Vergelijk het met de cultuursector. Daar krijgt het Rijksmuseum wel subsidie en de Efteling niet. Ook al gaan veel jongeren liever naar het pretpark dan naar het museum.”