Auteursrecht moeilijk te waarborgen door internet

Deze rubriek belicht elke dinsdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Vandaag Europees recht over auteurs- rechten en over beltarieven.

Foto Bloomberg

De Europese Commissie wil de bescherming van auteursrechten op internet versterken. Europees commissaris Andrus Ansip (Digitale Markt) kondigde dat vorige week aan. Hoe pover die bescherming onder de huidige regels is, blijkt goed uit de rechtszaak in Duitsland tussen Tobias Mc Fadden en Sony Music Entertainment. Het Hof van Justitie van de Europese Unie sprak zich daar vorige week over uit.

Mc Fadden heeft een winkel in licht- en geluidtechniek. Hij biedt klanten gratis toegang tot een wifinetwerk. Via dit netwerk werd in 2010 muziek van Sony voor het downloaden aangeboden aan klanten zonder dat dit bedrijf daarvoor toestemming had gegeven. Sony eiste schadevergoeding van Mc Fadden wegens inbreuk op zijn auteursrechten. Het Landgericht München kwam er niet uit en legde de kwestie voor aan het Europees Hof.

Het Hof oordeelt dat Mc Fadden volgens de huidige Europese regels alleen aansprakelijk is als aan drie voorwaarden is voldaan: (1) hij moet zelf het initiatief tot het illegaal downloaden hebben genomen én (2) hij moet zelf de klant hebben uitgekozen die de illegale download uitvoerde én (3) hij moet zelf de download hebben geselecteerd. Van dat alles was niets gebleken. Mc Fadden was niet meer dan "een doorgeefluik" en niet aansprakelijk.

Helemaal met lege handen staat Sony niet, want het Hof oordeelt ook dat het bedrijf de bevoegde autoriteiten kan verzoeken de illegale praktijken (inbreuk op auteursrechten) te beëindigen of te voorkomen. In theorie zijn daarvoor drie opties: overheidscontrole van alle doorgegeven informatie, blokkade van internet of beveiliging van internet met een wachtwoord waarbij de gebruiker/klant wordt verplicht zijn identiteit bekend te maken. In de praktijk is volgens het Hof alleen de laatste route begaanbaar. Voor een dergelijk bevel zou Sony zich dan moeten wenden tot de bevoegde nationale rechter.

www.rechtspraak.nl: ECLI:EU:C:2016:689