‘We roken door vervuilde lucht vijf sigaretten per dag mee’

Dat schreef Milieudefensie op 17 augustus in een persbericht.

Foto iStock

De aanleiding

Niet voor het eerst vestigt Milieudefensie de aandacht op de luchtvervuiling in Nederland. Vorige maand kwam ze met een overzicht van alle Nederlandse gemeenten (pdf) in volgorde van vervuiling. De mate van verontreiniging is daarbij uitgedrukt in meegerookte sigaretten per dag – naar de gezondheidsschade die je oploopt als je passief rookt.

Rotterdam blijkt de ‘meerookhoofdstad’ van Nederland te zijn, met gemiddeld 6,8 meegerookte sigaretten per dag. Gemiddeld roken Nederlanders 5,3 sigaretten per dag mee.

Waar is het op gebaseerd?

Milieudefensie baseert haar lijst op gezamenlijk onderzoek van de GGD Amsterdam, het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en de Universiteit Utrecht, die een methode bedachten en verfijnden, waarbij gezondheidsschade wordt uitgedrukt in sigaretten. Ze hebben niet meegetekend voor het persbericht, daarvoor is alleen Milieudefensie verantwoordelijk.

De resultaten zijn berekend op basis van twee onderzoeken. De gegevens over concentraties schadelijke stoffen in de lucht komen van het RIVM. Dit instituut maakt jaarlijks een gedetailleerde schatting van de vervuiling in Nederland op basis van ligging, infrastructuur, weggebruik, etc. Die schatting wordt geijkt en bijgesteld aan de hand van metingen op tal van locaties. Milieudefensie gebruikte de RIVM-gegevens uit 2014, het meest recente overzicht, en beperkte zich daarbij tot twee voor de gezondheid belangrijke stoffen: stikstofdioxide en fijnstof.

Vervolgens gebruikte Milieudefensie een artikel van Saskia van der Zee (GGD), Paul Fischer (RIVM) en Gerard Hoek (Universiteit Utrecht), die dit voorjaar in het vaktijdschrift Environmental Research uiteenzetten hoe je de gezondheidsschade door luchtvervuiling kunt omrekenen naar een equivalent van schade door passief roken. De vergelijking is gebaseerd op kennis van de relatie van beide risicofactoren met longkanker, hart- en vaatziekten, laag geboortegewicht bij zuigelingen en verlaagde longfunctie bij kinderen.

Milieudefensie heeft de gegevens van het RIVM via de omrekenmethode omgezet in aantallen meegerookte sigaretten – „een lineaire relatie”, heet het in het onderzoek.

En, klopt het?

In hun artikel plaatsen de auteurs zelf enkele kanttekeningen. Zo moeten zij aannemen dat de helft van het aantal sigaretten binnen wordt gerookt, en dat 32 procent van de meerokende kinderen twee rokende ouders heeft. Ze stellen ook dat het verband tussen het aantal meegerookte sigaretten en gezondheidsschade lineair is.

Drie statistici keken op ons verzoek naar het rapport. Hoogleraar medische statistiek Hein Putter van het Leids Universitair Medisch Centrum, en zijn collega-hoogleraar biostatistiek Jelle Goeman, vinden de aanname redelijk. Goeman zegt dat het heel normaal is in onderzoeken naar roken, dat er een lineair verband is tussen meeroken en gezondheidsschade.

Manfred te Grotenhuis, hoogleraar kwantitatieve data-analyse te Nijmegen, is iets kritischer. Hij vindt bijvoorbeeld de veronderstelde lineariteit „een hachelijke aanname”. Hij kan zich haast niet voorstellen dat daarbij geen bodem- of plafondeffecten optreden – dat voorbij een hoog aantal, de effecten niet met elke volgende sigaret even veel veranderen. „Als ik dit artikel had gereviewd, had ik hier meer duidelijkheid over willen hebben.” Niettemin vindt ook Te Grotenhuis dat het artikel terecht wetenschappelijk is gepubliceerd.

Conclusie

Milieudefensie maakte een lijst ‘meerooksteden’, gebaseerd op een omrekenmethode van drie Nederlandse wetenschappers. Wetenschappers kijken kritisch naar de aannames in de methode, maar serveren die niet af. Wij beoordelen de bewering dus als grotendeels waar.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt