Saoediërs woest na congres sunnieten

Religieuze conferentie Saoedi-Arabië werd pas geweerd bij een conferentie van sunnitische geleerden. Commentatoren zien de hand van Rusland en Iran.

Moslims bidden bij de Masjid an-Nabawi of de Moskee van de Profeet in de Saoedische stad Medina, de op een na heiligste stad na Mekka, op donderdag 15 september. Foto Nariman El-Mofty/AP

Een conferentie van sunnitische geleerden heeft geleid tot een hoogoplopende ruzie tussen Egypte en Saoedi-Arabië. Op de bijeenkomst, eind augustus in de Tsjetsjeense hoofdstad Grozny, waren ongeveer tweehonderd geleerden uit de islamitische wereld bijeen om te bepalen welke stromingen tot de sunnitische islam behoren. Maar Saoedi-Arabië, de hoeder van de heilige plaatsen Mekka en Medina, was niet uitgenodigd.

En misschien nog pijnlijker: in de slotverklaring werd het salafisme, een orthodoxe stroming binnen de islam waartoe het Saoedische wahabisme behoort, niet genoemd. Daarmee werd het door de deelnemers in feite buiten de sunnitische islam geplaatst. Daarentegen werd het soefisme, een mystieke stroming die door salafisten als een dwaalleer wordt gezien, wél meegeteld.

Het religieuze establishment in Saoedi-Arabië was woest. De toorn richtte zich met name op Egypte, dat met een zware delegatie aanwezig was in Grozny. Aan het hoofd van de delegatie stond Ahmed el-Tayeb, de groot-imam [decaan] van Al-Azhar, het belangrijkste instituut voor de sunnitische islam. Hij werd bijgestaan door de voormalige en de huidige grootmufti van Egypte.

Stortvloed aan kritiek

Hoewel Tayeb in zijn toespraak de mensen van de hadith (de woorden van de profeet, red.) rekende tot de sunnitische gemeenschap, een impliciete verwijzing naar salafisten, en de Egyptenaren de slotverklaring niet hebben ondertekend, zei hun aanwezigheid voor de Saoediërs genoeg.

In de Saoedische media verscheen daarop een stortvloed aan kritische artikelen en commentaren. De strekking: Egypte pleegt verraad aan zijn broodheer. Sinds de militaire coup in 2013 is het regime van president Sisi overeind gehouden met miljarden dollars uit Saoedi-Arabië en andere Golfstaten.

De Saoedische schrijver Mohammad Al al-Sjeik, een afstammeling van de stichter van het wahabisme, uitte zijn woede op Twitter.

„De deelname van de sjeik van Al-Azhar aan de Grozny-conferentie, die het koninkrijk uitsloot van de Ahl al-Sunna (sunnitische gemeenschap, red), gebiedt dat we onze omgang met Egypte moeten veranderen, want ons thuisland is belangrijker. Laat het Egypte van Sisi maar verkommeren.”

Daar was sjeik Adel al-Kalbani, de voormalige imam van de Grote Moskee in Mekka, het roerend mee eens. „De conferentie in Tsjetsjenië onthulde dat we gebeten worden door de monden die we voeden, maar dat we daar geen lessen uittrekken.”

Wat verklaart de felle reactie vanuit Saoedi-Arabië? Vormde de conferentie het begin van een opstand tegen de Saoedische dominantie in de islamitische wereld? Of zijn de Saoediërs gewoon snel op hun teentjes getrapt?

Conferenties zoals in Grozny worden vaker georganiseerd, in een poging een antwoord te vinden op het radicale gedachtengoed van Al-Qaeda, Islamitische Staat en andere terreurbewegingen die zich beroepen op de sunnitische islam. „Onder moslims werd de opkomst van dit soort groepen lange tijd lijdzaam aangezien”, zegt Joas Wagemakers, islamoloog van de Universiteit Utrecht en expert op het gebied van salafisme.

„Men dacht: die mensen gaan met ons geloof aan de haal, maar ze zijn geen moslims want ze doen veel dingen die in strijd zijn met de islam.”

Zachte islamitische onderbuik

Daar is de afgelopen jaren verandering in gekomen. Islamitische geleerden uit tal van landen komen geregeld bijeen op conferenties, publiceren geschriften en vaardigen fatwa’s (religieuze decreten) uit waarmee ze zich distantiëren van de radicale islam. Op die bijeenkomsten zijn Saoedische geleerden doorgaans eregast. Dus dat ze dit keer niet waren uitgenodigd, was hoogst opmerkelijk.

Veel Saoedische commentatoren zagen daarin de hand van Rusland en aartsrivaal Iran. De conferentie werd immers gehouden in de Tsjetsjeense hoofdstad Grozny, op uitnodiging van president Kadyrov, een trouwe bondgenoot van de Russische president Poetin. En Rusland en Saoedi-Arabië staan in de Syrische burgeroorlog lijnrecht tegenover elkaar.

Maurits Berger, hoogleraar Islam en het Westen aan de Universiteit Leiden, denkt dat politieke motieven inderdaad een rol speelden:

„Rusland heeft maar één belang: de zachte islamitische onderbuik versterken.”

Daarmee doelt hij op de poreuze grens tussen eigen moslimbewoners en de islamitische zuiderburen. „Het soefisme werd op die conferentie ineens nadrukkelijk op de kaart gezet als tegenwicht tegen de radicale islam”, zegt Berger. „Het heeft een lange traditie in Turkije en op de Kaukasus, maar is in grote delen van de islamitische wereld altijd erg omstreden geweest.” Hij ziet een verband met de oorlog in Syrië.

„Een van de belangrijkste redenen dat Rusland zich met die oorlog is gaan bemoeien, is dat het zich zorgen maakt over moslimextremisme op de Kaukasus. Ik vind het dan ook symbolisch dat de conferentie plaatsvond in Tsjetsjenië, waar Rusland twee gruwelijke oorlogen uitvocht tegen radicaal islamitische separatisten.”

Gevaarlijke dwaling

In de slotverklaring stelden de deelnemers dat de conferentie „een belangrijk en noodzakelijk keerpunt” is in de strijd om een einde te maken aan de „gevaarlijke dwaling binnen de sunnitische gemeenschap na pogingen van extremisten om deze titel te claimen en te monopoliseren”.

Is dat inderdaad het begin van een breder debat in de islamitische wereld over de invloed van salafisme op extremistische groepen? Dat is wellicht te sterk. Maar: „Ondanks alle politieke motieven is het heel bijzonder dat het salafisme zo nadrukkelijk werd uitgesloten”, zegt Wagemakers.

„Er zijn veel sunnitische moslims die er zo over denken, maar die durven dat meestal niet op dit soort conferenties te uiten.”

Dit geldt overigens niet voor Al-Azhar. Het instituut heeft de afgelopen weken veel moeite gedaan om zich te distantiëren van de conferentie. In een verklaring stelde Al-Azhar dat het niet betrokken was bij de organisatie. Op de achtergrond speelt de angst voor Saoedische repercussies. Al-Azhar stelt dat als de organisatoren de slotverklaring hadden gebaseerd op de toespraak van sjeik Tayeb, al deze ophef niet nodig was geweest.