‘Minder kinderen worden gepest op school’

Volgens het ministerie van Onderwijs is er de laatste twee jaar een daling te zien, maar moet er nog meer gedaan worden.

Archiefbeeld. Foto Roos Koole / ANP

Het aantal schoolkinderen dat zegt gepest te worden, is in de afgelopen twee jaar afgenomen. Op de basisschool zegt 10 procent van de leerlingen ten minste eens per maand lastiggevallen te worden. In 2014 was dat nog 14 procent, blijkt uit cijfers van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. In het voortgezet onderwijs daalde dat aantal in dezelfde tijd met drie punten tot 8 procent.

Staatssecretaris Sander Dekker noemt het “ontzettend goed nieuws”, omdat het gaat om “tienduizenden kinderen die nu met een fijner en veiliger gevoel naar school gaan”. Toch benadrukt hij dat het belangrijk is dat het werk om pesten terug te dringen wordt voortgezet:

“Ik ben er van overtuigd dat het bij iedereen inmiddels tussen de oren zit dat pesten aangepakt moet worden. Dus ik vertrouw erop dat scholen, ouders en leerlingen zich blijven inzetten in de strijd tegen pesten, net als ik.”

Dekker werkte samen met de toenmalig kinderombudsman Marc Dullaert aan een plan om pesten tegen te gaan. Er kwam zelfs een wet die scholen verplichtte pesten tegen te gaan.

De cijfers werden maandag gepresenteerd aan het begin van de Landelijke Week tegen Pesten. Voor het tweejaarlijkse onderzoek hebben dit jaar duizenden kinderen een vragenlijst ingevuld. Volgens het ministerie is nog te zeggen of sprake is van een dalende trend in het aantal kinderen dat gepest wordt, omdat de meting pas plaatsvindt sinds 2014.

Uit het rapport blijkt dat de manier waarop gepest wordt sinds 2014 amper is veranderd. Op basisscholen wordt verreweg het meeste face to face gepest, op middelbare scholen in 45 procent van de gevallen. Cyberpesten speelt een relatief kleine rol.

Volgens het ministerie stemmen de cijfers de PO-raad en de VO-raad voorzichtig optimistisch. De sectororganisatie voor het primair onderwijs noemt het “aanknopingspunten om het gesprek over sociale veiligheid (…) te blijven voeren”. De VO-raad vindt het “een goed begin”.