FNV eist 2,5 procent meer loon voor alle sectoren in 2017

Bij bedrijven die veel winst maken en waar meer loonruimte is, kan de FNV meer vragen.

Mariette Patijn van vakbond FNV tijdens de presentatie over de tussenstand van het cao-seizoen en de afspraken over inkomens, afgelopen juni. Foto Remko de Waal/ANP

De FNV, de grootste vakbond van Nederland (1,1 miljoen leden), eist voor alle economische sectoren 2,5 procent meer loon volgend jaar. Bij bedrijven die veel winst maken en waar meer loonruimte is, kan de FNV meer vragen. Dat staat in de Arbeidsvoorwaardenagenda 2017 die het Ledenparlement van de FNV, het hoogste orgaan, maandag heeft goedgekeurd.

De algemene looneis is iets lager dan vorig jaar (gemiddeld 3 procent), omdat de inflatie ,,heel laag’’ is, verklaart bestuurslid Mariëtte Patijn in een interview met NRC. De loonsverhoging en vaste banen zijn nodig om de aantrekkende economie ,,een grote impuls’’ geven, zegt ze.

Lees ook het interview met Mariëtte Patijn: ‘We moeten het werk verdelen’

In 2015 was de werkelijke loonsverhoging gemiddeld 1,5 procent, iets lager dan de 1,6 procent in 2014, volgens cijfers van werkgeversvereniging AWVN. Minister Dijsselbloem (Financiën, PvdA) heeft dit voorjaar opnieuw toegezegd om met werkgevers te praten over loonsverhogingen.

Generatiepact

De FNV wil verder ,,een herverdeling’’ van de Nederlandse arbeidsmarkt door een generatiepact tussen jongeren en ouderen. Als oudere werknemers met compensatieregelingen, zoals een gedeeltelijke WW-uitkering, eerder met pensioen kunnen, ontstaan er banen voor jongeren, is het idee. De FNV hoopt met dergelijke cao-afspraken voor gemeenten en bedrijven op termijn 8.000 banen te kunnen creëren.

De FNV heeft het plan voor een generatiepact ook in 2013 al eens gelanceerd. De invoering van een generatiepact binnen gemeentelijke cao´s verloopt moeizaam. De gemeente Den Haag heeft de baanafspraken voor jong en oud wegens succes wel verlengd tot 2019.

„Het is een behoorlijke klus”, zegt Patijn in NRC. ,,Je bent afhankelijk van directeuren en wethouders. Het gaat stapje voor stapje.”