Over die mooie cijfers hoor je na vandaag weinig meer

Politieke Beschouwingen

Mooie cijfers vandaag, van het kabinet. Maar politici kijken liever naar de problemen.

Illustratie Ruben L. Oppenheimer

Zoek de verschillen. Drie jaar geleden, op de eerste officiële Prinsjesdag van dit tweede kabinet-Rutte, zat Nederland in de penarie.

Koning Willem-Alexander vertelde in de Troonrede dat de regering 6 miljard euro extra moest bezuinigen om de financiën op orde te krijgen. Hij kwam met de ‘participatiesamenleving’. Mensen moesten zelf verantwoordelijkheid voor hun leven nemen. Bijna iedereen meesmuilde: wat een mager verkooppraatje voor zulke grote bezuinigingen.

En nu? De economie groeit weer en de werkloosheid daalt maar door. Zowat iedereen gaat er volgend jaar in koopkracht op vooruit. Ministers die in de problemen zitten, krijgen extra geld. En ondertussen is ook het tekort op de begroting van de rijksoverheid bijna weggewerkt.

De koning heeft dinsdag dus een veel mooier verhaal. En het halve kabinet vertelt dat met hem mee, na afloop van de Troonrede. Premier Mark Rutte (VVD) zit bij EenVandaag. Jeroen Dijsselbloem (Financiën, PvdA) bij RTL Late Night, vicepremier Lodewijk Asscher (PvdA) bij Pauw. En Asscher schuift ook, samen met PvdA-leider Diederik Samsom, aan bij radioprogramma Met het oog op morgen.

Schets je eigen werkelijkheid

Maar op het Binnenhof liggen de bossen bloemen niet snel voor je klaar. Wat goed gaat, nemen politici gauw voor lief; ze kijken liever naar de problemen. De oppositie al helemaal. In de coalitie – vooral bij de PvdA – vraagt men zich af of burgers echt al zelf merken dat het beter gaat.

Boven al dat goede nieuws hangen ook nog allerlei onzekere internationale ontwikkelingen. De negatieve gevolgen van de Brexit voor Nederland. De kans op nieuw gelazer met het Europese bankensysteem; vooral de Italiaanse banken kunnen nog voor problemen zorgen. Wat als er een aanslag gebeurt in Nederland? En wat als het aantal asielzoekers weer stijgt? Aan de oorlog in Syrië komt maar geen einde.

Al deze onzekere factoren hebben het in zich om de komende maanden het politieke debat helemaal om te gooien. In de Tweede Kamer voelen sommige politici zich ook wel wat ongemakkelijk bij dat naar binnen keren van hun aandacht, terwijl het internationaal zo onbestemd is. Toch gebeurt het wel, komende dagen.

Want tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen, het debat over de Miljoenennota woensdag en donderdag, gaan de politieke leiders meer nog dan anders vertellen hoe het land er volgens hen uit moet zien, na maart volgend jaar. Dan wordt Nederland opnieuw getekend: er komt een nieuwe coalitie met nieuwe plannen.

Deze zittende coalitie van VVD en PvdA houdt het onderling vriendelijk. Zeker dinsdag is het „een dag van eenheid”, zoals ze zeggen. Maar woensdag gaan in de Tweede Kamer de schetsen van het land van beide partijen echt wel uit elkaar lopen.

In de oppositie mikt D66 op onderwijs en ‘gelijke kansen’. SP en GroenLinks zetten nog wel in op de financiën en de economie en willen het hebben over eerlijk delen. De SP wil zich profileren rond de zorg en wil het eigen risico afschaffen, de jaarlijkse eigen bijdrage van 385 euro aan zorgkosten.

Alleen de essentie van het publieke debat, dat zien ook linkse partijen in, is afgelopen jaar veranderd. Waar het aan het begin van deze regeerperiode over de economische crisis ging, maakte het debat vorig jaar een omtrekkende beweging naar het vluchtelingenvraagstuk, toen de bedden voor asielzoekers niet aan te slepen waren. Met daarbij veel aandacht voor terreur en veiligheid.

Maar inmiddels is de kernvraag wat Nederland nog Nederland maakt. Hoe je moet omgaan met vloggende raddraaiers die anderen treiteren op straat. Binnen de VVD zijn ze vastbesloten dit onderwerp niet aan Geert Wilders (PVV) over te laten. Geen koekje bij de thee, maar wij zijn hier de baas, zo zegt de VVD het. Ook voor het CDA is dit een fijn onderwerp. Partijleider Sybrand van Haersma Buma wil het redelijke geluid laten horen – ergens tussen de VVD en Wilders in.

Het onvoorspelbare voorspelbare

Een speciale rol hebben verderop deze week de debatontregelaars. De vraag is niet of ze ergens mee komen, maar waarmee ze komen. Vorig jaar riep Wilders dat hij de Tweede Kamer een „nepparlement” vindt.

Dit jaar heeft Wilders concurrentie. Van ex-PvdA’er Tunahan Kuzu, van de partij Denk. Hij kreeg vorige week zowat alle fractievoorzitters al op de kast door te weigeren afstand te nemen van de zuiveringen in Turkije.

De andere fractievoorzitters staan bij Kuzu voor het dilemma dat ook vaak bij Wilders speelt. Moet je op zijn woorden ingaan en hem dus aandacht geven, of moet je negeren wat hij zegt? Met het eerste haal je zelf misschien het nieuwsoverzicht, met het tweede zeker niet. En daaraan meten de partijen ook hun succes af, eind deze week: in hoeverre het hun fractieleider is gelukt om, over de hoofden van de rest heen, de kiezer te bereiken.