Bestaat de geldautomaat straks nog?

Betalingsverkeer

Diverse topeconomen mengen zich in de strijd om contant geld terug te dringen. De rol van cash neemt sowieso al snel af.

Foto ANP / Remko de Waal

In september 1976, precies veertig jaar geleden, was het in Nederland zover: de allereerste geldautomaat werd in gebruik genomen door de Gemeentegiro Amsterdam. De ‘fintech’ van toen veroverde snel andere steden.

Maar of de machines het nog eens veertig jaar zullen volhouden? De groeiende discussie over het drastisch terugdringen van contante betalingen doet anders vermoeden.

Al jaren neemt door alle nieuwe digitale betaalmethodes het aandeel cashbetalingen in het betalingsverkeer af, en die trend wordt de laatste tijd bovendien flink aangejaagd door overheden en bedrijven.

Eerder dit jaar besloot de Europese Commissie 500-eurobiljetten geleidelijk aan af te schaffen. Begin deze maand stopte de Utrechtse busvervoerder U-OV met het accepteren van contant geld in nachtbussen, een stap die meer vervoerders overwegen om de veiligheid voor chauffeurs te vergroten.

De verdere afschaffing van contant geld wordt bovendien steeds luider gepropageerd door topeconomen, onder wie Harvard-hoogleraar Kenneth Rogoff. In zijn deze maand verschenen boek The curse of cash betoogt hij dat de grote hoeveelheden contant geld die in omloop zijn, slecht zijn voor de economie en de veiligheid. Cash zou belastingontwijking, corruptie, criminaliteit en terrorisme in de hand werken. Ook hebben renteverhogingen en -verlagingen van centrale banken veel minder zin als mensen veel geld in een oude sok bewaren, zegt hij. Als het aan Rogoff en zijn medestanders ligt (onder wie Willem Buiter van Citigroup en Lawrence Summers van Harvard), worden op termijn alle grote bankbiljetten afgeschaft.

Tekst gaat verder onder de video.

In Nederland gaat het sowieso snel met de afname van cashbetalingen. Volgens een rapport van De Nederlandsche Bank werd vorig jaar in winkels voor het eerst meer gepind dan contant betaald (3,23 miljard versus 3,19 miljard transacties). Banken en winkels willen dat in 2018 zelfs 60 procent van de toonbankbetalingen digitaal zijn, zegt woordvoerder Berend Jan Beugel van de Betaalvereniging Nederland, die gaat over de betalingsinfrastructuur in Nederland. Ter vergelijking: in 2010 werd er nog twee keer zoveel met cash als met pin betaald. Als deze trend doorzet zijn contante betalingen hard onderweg naar de marge.

Maar ook de weerstand tegen het almaar verder digitaliseren van betalingen neemt toe. In diverse Europese landen komen serieuze tegenbewegingen op gang. In Zweden, dat wereldwijd voorop loopt met het terugdringen van contante betalingen, stak de centrale bank eerder dit jaar bijvoorbeeld een stokje voor de al te enthousiaste afschaffing van cashbetalingen.

In dat land is dankzij allerlei digitale initiatieven inmiddels is nog maar 20 procent van de winkelbetalingen contant, en mede daarom bieden steeds minder banken cashdiensten aan. Dat gaat volgens de centrale bank te vaak ten koste van de keuzevrijheid van consumenten, en dus verplichtte de Riksbank Zweedse banken ervoor te zorgen dat ook in afgelegen gebieden geldautomaten blijven.

In Duitsland startte de rechtse partij Alternative für Deutschland dit jaar een campagne voor het behoud van bargeld omdat verregaande digitalisering van het betalingsverkeer teveel macht zou geven aan banken en overheden om burgers in de gaten te houden.

Tekst gaat verder onder de grafiek.

Gemor over bereikbaarheid

In Nederland is ook af en toe gemor van ouderenorganisaties over de bereikbaarheid van cash in buitengebieden. Privacyclubs en de Piratenpartij waarschuwen regelmatig voor de risico’s als banken en overheden die bij digitale betalingen altijd kunnen meekijken. Maar tot nu toe blijft een bredere politieke discussie in Nederland uit.

Die blijft vooralsnog beperkt tot een officieel overlegorgaan onder voorzitterschap van Nederlandsche Bank, het Maatschappelijk Overleg Betalingsverkeer (MOB). Dat bestaat uit dertien organisaties waaronder diverse brancheorganisaties van winkeliers, de banken en de Consumentenbond. Marktpartijen hebben in dat MOB de overhand, en die zijn vrijwel zonder uitzondering voor het verder terugdringen van contante betalingen, onder meer omdat die volgens hen onveiliger en duurder zijn om af te handelen dan pinbetalingen.

Het MOB heeft de bereikbaarheid van geldautomaten overigens wel als één van zijn speerpunten geformuleerd. En woordvoerders herhalen al jaren dat het doel „less cash, niet cashless” is.

Maar dat is een slogan die Kenneth Rogoff ook gebruikt in zijn boek, terwijl zijn voorstellen voor het terugdringen van cash erg ver gaan. Het zal de komende tijd vooral gaan over de vraag: hoeveel minder is genoeg?