Verkeerd verbonden – weer

Ik kan haar niet volgen. Ik probeer het wel. Een stortvloed van woorden teistert mijn gehoorgang. Mijn hersenen doen er alles aan om logica te vinden in de woorden die haar stembanden produceren.

Een knot van zwarte haren staat fier overeind. Een blauwzwart montuur leunt op haar brede neusbrug. „Begrijpt u?”, zegt ze.

Ik begrijp er helemaal niets van. Ik vraag me af of iemand het begrijpt. Het begon zoals velen beginnen: „Dokter ik heb...” Hierna volgden een achtervolging door een man op straat, luide buren en als klap op de vuurpijl de mieren in haar huid.

Al een aantal jaren kampt ze met een andere realiteit. Voor haar zijn de man, de buren en de mieren echt, voor mij een bevestiging van haar ziekte.

De telefoon gaat. De assistente heeft per ongeluk het verkeerde nummer gebeld. Ze verontschuldigt zich en hangt op. De blik van mijn patiënt is veranderd. Haar pupillen zijn groot, haar mondhoeken staan strak en ik voel een spanning die er net niet was. „Wat wil zij van mij!”, zegt ze. „Het was de assistente, ze was verkeerd verbonden”, zeg ik zo rustig mogelijk. „Nee, nee, nee dokter! Ze wil iets van mij, zij wil mij verraden!”, zegt ze bloedserieus.

Hierna volgen meer onsamenhangende elementen en eist ze haar dossier op. Ze wil niet dat het gedeeld wordt met de instanties. Volgens haar zetten we er verkeerde dingen in. Ze heeft eerder in haar dossier gelezen dat ze ziek is en sindsdien moet ik haar overtuigen dat ze in goede handen is.

In één oogopslag verklaart haar dossier haar gedrag. Sinds drie maanden haalt ze haar medicijnen niet meer op – niet voor het eerst. De komende dagen zullen uitwijzen of ik voldoende overredingskracht heb om haar de medicijnen weer in te laten nemen. De slagingskans schat ik vandaag op 30 procent.

Na vijf minuten kan ik net weer contact met haar maken, als de telefoon gaat. Ik twijfel of ik moet opnemen. Ik doe het toch. „Ja?” zeg ik bijna fluisterend. Het is dezelfde assistente: „Sorry weer verkeerd!”

Ik durf bijna niet op te kijken. Ik hou mijn adem in. Kijk de patiënte recht in haar ogen aan als ze schreeuwt: „Ze wil me verraden!!”