Reclameboys zijn de keuken ontgroeid

Het zijn de mannen achter de campagne van Koningsdagfestival Oranjebitter. Ze ontwierpen de hoes van de nieuwe Golden Earring-lp. En sinds vorige week draait hun reclame voor Liga op televisie. Studio Mals, het reclamebureau van Martin van der Molen (29) en Silas Nout (27), timmert aan de weg.

Hoe anders was dat vier jaar geleden. Net afgestudeerd aan de Willem de Kooning Academie. Allebei illustratie, beiden popelend om het te gaan maken. Hun eerste klus: zes maanden bikkelen op de vormgeving van een jubileumboek voor een Rotterdamse galerie.

Ze hielden er drieduizend euro aan over – te delen door twee. „Ja, daar hebben we van geleerd”, zegt Van der Molen. „Maar het was leuk, we gingen er helemaal voor.”

Het huidige Studio Mals sleutelt graag aan de identiteit van hun klanten. Dat doen ze op geheel eigen wijze. Zo kiezen de twee reclamemakers er bewust voor alles fysiek te maken. Wat je ziet, is dus echt. Humor, al dan niet droog, heeft daarin een belangrijke rol.

Neem de achtbaan waarin een flesje Orangina over de kop gaat (gemaakt met K’nex). Of de schuddende blokhut vol feestvierders (een schaalmodel voor Oranjebitter). Alles is met de hand gemaakt, gezaagd, geschilderd.

„Inderdaad, tijdrovend”, zegt Van der Molen. „Maar het zorgt voor authenticiteit.” Hun korte filmpjes zijn artistieke miniverhalen, zonder menselijke figuranten. Op zijn eigen hand na, die af en toe bewust in beeld komt, en iets een zetje geeft.

De geboren Amersfoorter ziet Rotterdam als een prima plek om een bedrijf op te starten. Met een fijne creatieve „vibe”, leuke klanten. „Maar het zou allemaal veel gekker kunnen. Daarvoor zijn grotere budgetten nodig.”

En die vind je volgens Van der Molen in het buitenland. Dat is dan ook de stip aan de horizon. Als het aan hem ligt, zit Studio Mals over niet al te lang met de „Amazons en Googles van deze wereld” om tafel.

Eerstvolgende stap is een nieuw kantoor, met meer ruimte voor alle ideeën. Want de keuken is behalve keuken ook de plek om te brainstormen en de opnamestudio. „Op onze making-off-filmpjes komt geregeld de koelkast in beeld.”