Kuieren en mijmeren zonder iPad en telefoon

Verdieping

Deze week begon het in mei geopende centrum voor zingeving De Nieuwe Poort met lezingen. Coert Beerman, directeur Nederland en Afrika van de Rabobank, trapte af.

Als Coert Beerman (61) voor zijn werk in Afrika is, neemt hij niet alleen een kijkje bij de grote Rabobank-klanten. Hij wil ook zien hoe het met de toeleveranciers gaat, zoals de kleine maïs- en katoenboeren. En hoe het is gesteld met het onderwijs. „Nee, die bezoeken zijn niet verplicht, maar ik wil het gewoon weten. Ook kleine boeren verdienen een menselijk bestaan, en kinderen goed onderwijs.”

Beerman beet deze week het spits af als Meesterpreker in De Nieuwe Poort, een huis voor ontmoeting en inspiratie in Rotterdam. De organisatie is in 2013 begonnen aan de Amsterdamse Zuidas, en opende dit voorjaar zijn deuren aan het Weena. De Nieuwe Poort wil, zoals ooit de kerk, plaats bieden aan georganiseerde zingeving met als pijlers: leren, dienen en vieren. De bronnen daarbij zijn zowel de joods-christelijke en filosofische traditie als kunst en literatuur.

Tijdens zijn ‘meesterpreek in de lunchbreak’ benadrukte Beerman dat de Rabobank er niet alleen is voor de food- en agri-multionationals, maar ook voor de one-acre boer in Zambia, Kenia en Tanzania. „We proberen de opbrengst per hectare naar een hoger plan te brengen. Dat is zowel goed voor de kleine boer als voor de grote bedrijven waaraan hij levert.”

Na al het slechte nieuws over banken, zoals het Rabo-Liborschandaal, is het volgens Beerman hoog tijd dat bankiers weer laten zien dat ze „oprecht en in het belang van de mondiale samenleving mensen en bedrijven ondersteunen hun ambities waar te maken”. „De p’s van people, planet en profit verdienen een vierde p: prosperity, welzijn.”

Reflectie speelt een belangrijke rol in Beermans leven, zo vertelde hij. De beste ingevingen krijgt hij tijdens het wandelen. „Nee, niet op de fiets. Dat werkt niet. Wandelen is voor mij therapeutisch: waar ga ik mee door en – net zo belangrijk – waar stop ik mee? In het voorjaar dacht ik: ik neem vier weken zomervakantie. Even los van alles. Niet meer naar het werk op het tijdstip van de bouwvakker en thuiskomen op het uur van de croupier. Proefverlof, noemde ik het.”

En ditmaal eens zonder e-mails („voor het eerst de afwezigheidsassistent ingeschakeld”) en journaals. Alleen de iPad ging mee, maar ook die bleef na een paar dagen dicht. „Je zag mijn vrouw Stella denken: het werkt. Ik werd later wakker. Las boeken. En was buiten. Hele dagen. Ouddorp kent de meeste zonuren.”

Het badplaatsje op Goeree-Overflakkee is voor Beerman een bron van rust en inspiratie geworden. „Overal hadden Stella en ik naar een zomerhuis gezocht, van de Provence tot Toscane, maar uiteindelijk kochten we het in Ouddorp. Geen zwarte zaterdagen meer, geen wachtrijen op vliegvelden, gewoon even helemaal niets. Ook geen koopzondagen, want die passen niet in Ouddorps kerkelijke traditie. In Ouddorp kun je de stilte horen.”

Beerman wenste het zijn toehoorders in De Nieuwe Poort van harte toe: kuieren en mijmeren zonder iPad. Zo dacht hij met genoegen terug aan die gezinspicknick vijfentwintig jaar geleden in het park. „Een Turks gezin zat een stukje verderop. De Turkse man nodigde ons uit bij hen te komen zitten. Onze eerste ervaring met baklava. We proefden van elkaars maaltijden, het voelde goed. Nieuwe culturen. Gebrekkig Nederlands, maar met wat gebaren werd het een heel leuke middag. De kinderen speelden met elkaar. Ook het hoofddoekje maakte niet uit. Toen niet.”

Inmiddels zijn we in oorlog met IS, zo citeerde hij paus Franciscus en Angela Merkel. „Populisme is niet de oplossing. Dat is schieten uit de heup, terwijl de beschaving al zo dun ís. Nee, we hebben met z’n allen een taak, wellicht de zwaarste die er is, namelijk ons niet uit elkaar laten drijven. Alleen wíj kunnen, ongeacht onze culturele of religieuze achtergrond, deze oorlog stoppen. Zij aan zij. En dan denk ik nog eens terug aan die picknick in het park jaren geleden.”