In beeld

De grote gnoetrek

Onder het oog van kuddes rondtrekkende toeristen zijn deze week grote kuddes gnoes op hun jaarlijkse trek aangekomen in het Maasai Mara-wildpark in Kenia. Het spectaculaire natuurfenomeen, dat The Great Migration wordt genoemd, is een hoogtepunt van de safari. Het is echter lastig precies te voorspellen wanneer de beesten langstrekken. Maar als je op de juiste tijd op de juiste plaats bent, levert dat mooie beelden op.
Toeristen verzamelen zich aan de rand van het Maasai Mara-wildpark, camera's in de aanslag. AFP / Carl de Souza
Elk jaar maken de dieren een ronde langs verschillende plaatsen in het Maasai Mara-park in het zuiden van Kenia en het nationale park Serengeti in het noorden van Tanzania, op zoek naar voedsel om het seizoen door te komen. Reuters / Thomas Mukoya
Vanuit een heteluchtballon hebben toeristen een ongetwijfeld spectaculair uitzicht op de gnoetrek. AFP / Carl de Souza
Dit soort tochten maakt de gnoe meerdere keren per jaar. Zo kan een gnoe in een jaar tienduizenden kilometers afleggen. AFP / Carl de Souza
De gnoes ('wildebeest' is het aan het Afrikaans ontleende Engelse woord voor gnoe) volgen de regen op zoek naar sappige weiden om te grazen. AFP / Carl de Souza
In deze tijd van het jaar zijn de trekkende kuddes op hun noordelijkste locatie aanbeland. Reuters / Thomas Mukoya
Grote obstakels zijn de door de regenval aanzwellende rivieren. Reuters / Thomas Mukoya
De dieren steken de de Mara-rivier over. Reuters / Thomas Mukoya
AFP / Carl de Souza
De routes zijn vol gevaren met roofdieren op de loer zoals krokodillen, leeuwen, jachtluipaarden en hyena’s. AFP / Carl de Souza
Deze gnoe heeft geluk en weet maar net te ontkomen. AFP / Carl de Souza
Voor de krokodillen is het een feestmaal. AFP / Carl de Souza
Behalve miljoenen gnoes (en de jongen die zij op hun tocht krijgen) maken ook antilopen en zebra’s de ronde, die enkele honderden kilometers beslaat. AFP / Carl de Souza
Afhankelijk van regenval trekken de kuddes in november weer naar het zuiden, terug naar Serengeti. AFP / Carl de Souza